Column Aaf Brandt Corstius

Aaf werpt een blik op het 'wij-denken' van een beginnende relatie

Een festivalletje in een park. Het festivalletje was klein, maar er waren honderden mensen op afgekomen. Ze zaten op houten banken en dronken rosé uit plastic bekers, aten Thaise hapjes die voor het grootste gedeelte uit witte rijst en bleke stukken tofu bestonden, kortom, gewoon een festival.

Drie vriendinnen van het type 40-plus maar met goeie benen zaten aan een lange tafel met een man. De man was de vriend van een van de drie vriendinnen en het type 30-plus en Peter Pan. Hoe ik dat wist? Hij had vieze voeten in slippers en een rugzak. En een kop met oké haar waarvan hij zelf dacht dat het een kop met goed haar was.

De vriendinnen maakten aanstalten om te gaan, maar de man bleef op de houten bank zitten. ‘Kom liefie, we gaan’, zei zijn vriendin. ‘Gaan jullie?’, zei hij. De vrouw begon hard en nerveus te lachen, en ineens wist ik dat ze pas net samen waren. Hij dacht nog in jullie en zij dacht al in wij.

‘Liefie, ik dacht dat je wist dat we gingen!’, zei ze. ‘Wat gaan jullie doen dan?’, vroeg de man. Er trok een waas over het gezicht van de vrouw. ‘We gaan naar de Azur, toch? Maar ik wil ook wel met je naar huis, hoor.’

De Peter Pan-man zei: ‘Nah. Ik wil niet naar de Azur. En ook niet naar huis. Ik vind het hier wel leuk, ik blijf hier hangen.’ De andere twee 40-plusvriendinnen met goeie benen keken geboeid toe.

‘O!’, zei zijn vriendin. ‘Maar ik wil best naar huis, hoor.’ ‘Nee', zei de man, nog steeds relaxed, ‘ik vind het hier wel leuk, ik blijf hier.’

Zijn vriendin begon met afgemeten bewegingen haar spullen uit zijn rugzak te halen en in haar linnen tas te doen. ‘Dan neem ik wat dingen mee’, zei ze, en haalde een grote fles Dove-deospray uit zijn rugzak. Ze pakte zijn plastic glaasje rosé en goot demonstratief de resten van haar plastic glaasje rosé erin.

‘Oké, wij gaan een Uber pakken’, zei ze. Dit was zijn laatste kans om mee te gaan. ‘Oké. Doei’, zei hij. ‘Wacht’, zei ze. Ze pakte hem vast, plantte haar lippen op de zijne en gaf hem een lange, harde zoen. Zijn allerlaatste kans om mee te gaan. ‘Oké’, zei hij. Ze liep weg met haar vriendinnen, draaide zich om, liep terug naar hem en gaf hem nog een harde zoen. Dit was zijn aller-, állerlaatste kans om mee te gaan.

‘Zie je vanavond’, zei ze. ‘Ja…’ zei hij, met drie puntjes en al, en liep naar een groep vrienden die hij bij de zeewierburgerkraam had zien staan.

Ik wist niet precies hoe haar avond en zijn avond gingen verlopen, maar ik wist dat er rond drie uur ’s nachts een gigantische ruzie zou plaatsvinden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.