'Wij jongeren vervallen in narcistische navelstaarderij'

Jongeren worden via de ouders en het onderwijs tot constante reflectie gedwongen.'Maar dit vermogen vertalen naar een bewustzijn over onze samenleving, en bijvoorbeeld leeftijdgenoten die het minder fortuinlijk hebben, zelfs als zo nadrukkelijk een thema als revolutie aan bod komt, dat blijkt onmogelijk', stelt PhD-student Renée Frissen.

Studenten Geneeskunde tijdens de revolutie in Egypte vorig jaar februari. © EPA

Pieter Mol betoogde in de Volkskrant dat mijn ouders zich moeten realiseren dat 'wij', leden van de iGeneration, niet los kunnen worden gezien van de opvoeding. Onze daden, of het gebrek daaraan, zijn het product van de samenleving die dankzij mijn ouders heeft kunnen 'theatraliseren' en 'borderliniseren'. Dit is niet het hele verhaal. Jongeren worden via de ouders en het onderwijs tot constante reflectie gedwongen, zoveel is waar, maar de jongeren laten dit zich moeiteloos aanleunen en vervallen in narcistische navelstaarderij.

Deze obsessie met onszelf krijgt vorm in talloze clubjes waar hipsters zich zuchtend afvragen waar wij nu eigenlijk staan in deze samenleving. Zo is in de Balie 'Generatie IK' al ruim een jaar bezig om zichzelf te ontdekken, analyseren en ontleden in een mooi vormgegeven programma. Vorige week donderdag vond de meest recente bijeenkomst plaats waarin IK werd onderzocht in relatie tot de Revolutie (mét hoofdletter). Daar werd pijnlijk duidelijk hoe hol de roep om een eensgezinde generatie met een missie op dit moment is in Nederland.

Revolutie
Mijn leeftijdsgenoten en ik, of laten we eerlijk zijn, de welvarende 1 procent van die leeftijdsgenoten waar de generatie-industrie met bijhorende 'merchandise' op is gebaseerd, willen zo ontzettend graag ons eigen Tahir-plein, maar niemand die oprecht en met gevoel voor urgentie de vuist in de lucht kan ballen. De (zelfbenoemde) kunstenaars die zich op het podium van de Balie verzamelden, kwamen niet verder dan de representatie van een echo van wat ergens ver weg op deze wereld revolutie zou heten. Pathetische teksten als 'we need to retouch and reskin to revolutionize' werden afgewisseld met lege beelden van 'actrices' die middels kartonnen afbeeldingen van zichzelf een 'army of artists' wilden beginnen. Dat de kwaliteit erbarmelijk was lag grotendeels aan de oververtegenwoordiging van amateurs.

Maar de gedeelde factor, bij zowel professional als amateur, kwam er op neer dat Generatie IK blijkbaar alleen maar met zichzelf bezig kan zijn, of met het uitmelken van de pastiche revolutie. Niemand, werkelijk niemand, heeft een poging gedaan om de vraag naar revolutie te koppelen aan de staat van de B.V. Nederland. Niemand heeft om zich heen gekeken en gedacht: goh, revolutie? Hier in Nederland? Kan dat wel, en waarover dan eigenlijk? Het was een grote ijdele show van kinderen wier ouders niet in staat zijn om te zeggen: nee schat, dat kan jij gewoon niet zo goed.

Quarter life crises
Dit terwijl de generatie waar we het zo graag over hebben toch is opgegroeid met een overdosis aan reflectievermogen. Op elke universiteit en hogeschool worden studenten tot verveling toe bezig gehouden met werkcolleges waarbij je elkaar moet beoordelen en waar je feedback constructief leert uitdelen. Ons wordt altijd gevraagd wat we willen en waarom we dat willen, en die keuzevrijheid leidt inmiddels tot quarter life crises. Maar dit vermogen vertalen naar een bewustzijn over onze samenleving, en bijvoorbeeld leeftijdgenoten die het minder fortuinlijk hebben, zelfs als zo nadrukkelijk een thema als revolutie aan bod komt, dat blijkt onmogelijk. Dan houden we ons liever bezig welke kledingstijl nu het beste past bij het themafeestje revolutie.

Daarom stel ik drie dingen voor. 1. Laten we ophouden te spreken over generaties. Dat roept een valse gedeelde verantwoordelijkheid op die simpelweg niet bestaat. Laten we het gewoon hebben over waar het om gaat: een groep jonge fortuinlijke jongeren met veel kansen en veel aangepraat leed.

2. Laten we zeer voorzichtig en bescheiden omgaan met het begrip revolutie. We moeten de ogen uit ons hoofd schamen om te denken dat wij hier in Nederland een revolutie zouden kunnen ontketenen. Zijn we zo navelstarend geworden dat we jongeren in andere landen benijden om hun reden tot strijd?

3. Laat die fortuinlijke 1 procent eens echt goed om zich heen kijken en realiseren dat er in ons eigen land genoeg dingen niet goed gaan die het waard zijn om voor te strijden. Het klinkt misschien wat minder lekker dan een 'mars der beschaving' of 'revolutie', maar de grove schending van privacy en het stelselmatig stigmatiseren van minderheden, om maar wat te noemen, zijn toch zaken waar je je met recht druk over mag maken. Kortom: kom uit de praathuizen waar zelfbeklag hoogtij viert en doe iets.

Renée Frissen (1984) is onderzoeker en oprichter van 'Het Ministerie van...', een nomadisch platform voor jonge mensen die vanuit maatschappelijk engagement ideeën ten uitvoer willen brengen.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.