Wat zijn dit voor vragen? Met Bill van Dijk

‘Theater is als ether of ammoniak: de geur blijft je een leven lang bij maar het moment zelf is zo vervlogen’

Acteur Bill van Dijk (71) debuteerde in 1970 in de musical Hair. Nu speelt hij reder Bos in de musical Op hoop van zegen. Zijn carrière in 13 dilemma’s.

Bill van Dijk Beeld Frank Ruiter

Op Hoop van Zegen of Cyrano?

‘Op dit moment kies ik voor Op hoop van zegen, waarin ik reder Bos speel, een fantastische rol. In deze nieuwe versie hebben ze hem meer diepgang gegeven. Er is meer twijfel bij de man ingebouwd dan in het oorspronkelijke Heijermans-stuk. Dat is mooier om te spelen dan een rechtlijnige slechterik. Het is eervol in dit stuk te mogen spelen, maar laten we wel wezen: de rol van Cyrano destijds is vergelijkbaar met een Shakespeare-rol.’

De arme vissersweduwe Kniertje die haar man en zoons aan de zee verliest, of de harde zakenman Bos?

‘Reder Bos vind ik een interessanter personage. Kniertje is rechtlijniger, zij heeft zich vastgeklampt aan haar geloof, en zich bij haar geboorte al neergelegd bij haar lot. Reder Bos staat met zijn rug tegen muur, zijn bedrijf is op de rand van een faillissement. Als hij failliet gaat, zijn honderden gezinnen werkloos. Niet alleen zijn eigen leven staat onder druk, het hele dorp is afhankelijk van hem. Ik vind hem evenzeer een maatschappelijk slachtoffer als Kniertje. Er zijn ook veel hedendaagse parallellen: de zaak moet doordraaien, er moet koste wat het kost winst worden gemaakt.’

New York of Amsterdam?

‘New York, Broadway! Niet eens zozeer om daar zelf te schitteren, maar vanwege de vakkennis en de cultuur; die is daar zo verweven met theater en showbizz. Het publiek weet wat theater inhoudt, hier vragen ze vaak: ‘O je bent acteur, leuk, en wat doe je ernaast, waarmee verdien je je geld?’ Die hoofdrol in Cyrano op Broadway was voor mij natuurlijk geweldig. In dat verband wil ik nog wel even kwijt dat ik het onbegrijpelijk vind dat Joop van den Ende Cyrano constant als een flop bestempelt, terwijl het voor hem de start is geweest van zijn internationale carrière. De voorstelling heeft er toch maar mooi negen maanden gestaan, kreeg twee nominaties voor een Tony Award en het publiek vond het prachtig. Financieel was het geen succes, dat klopt, en daarom werd voortijdig de stekker eruit gehaald.

‘Het was intussen keihard werken, maar ik had wel een tweekamerappartement vlak naast Carnegie Hall, ja ja, het was not bad. Er kwamen veel vrienden uit Nederland op bezoek, maar die hebben meer van New York gezien dan ik. Het was echt bikkelen, hoor. Al met al was het een fantastisch avontuur. ‘Je bent nu op de maan geweest, hoe ga je de mensen op aarde vertellen hoe dat was?’, zei een vriend toen ik terugkwam.’

Joop van den Ende of Hans Cornelissen, de producent van Op hoop van zegen?

‘Joop kan roekeloos zijn, maar dat is inherent aan het vak. Hij heeft maar één ding voor ogen en dat is het beste resultaat. Eigenlijk is hij een soort reder Bos. Alles heeft zijn prijs, niets voor niets, hoe hoger je op die ladder klimt, hoe harder het onderling wordt. Bij Hans Cornelissen heb ik voor Op hoop van zegen maar één productie gedaan, ik ken hem nog niet zo goed, maar ik vind hem trouw en integer. Hij heeft niet de financiële middelen die Joop heeft, waardoor op het podium minder kan worden uitgepakt. Maar ik word er goed behandeld en voel me er prima. Bij Joops productiebedrijf Stage Entertainment vond ik dat mensen te hard met elkaar omgingen, dat bedrijf was gebaseerd op angst.’

Ik heb alles aan Van den Ende te danken of ik heb mijn eigen weg gevolgd?

‘In de tijd van Cyrano heb ik meteen tegen Joop gezegd: ‘Je moet niet denken dat je van mij een ster hebt gemaakt, want dat was ik al.’ En dat snapte hij. Dus nee, ik heb mijn carrière niet aan Joop te danken, die heb ik zelf gemaakt, met vallen en opstaan. Ik ben natuurlijk wel met mijn neus in de boter gevallen toen ik net van de toneelschool kwam, meteen die hoofdrol kreeg in Hair en daarna in een productie op West-End in Londen stond.’

Musical: entertainment of kunst?

‘Musical is een volwaardige vorm van podiumkunst. Ik heb het werken in de marge altijd gecombineerd met grote producties als Miss Saigon en Wicked en ik snap niet zo goed wat het verschil daartussen is. In Nederland wordt vaak geringschattend gedaan over musical, maar in Amerika is het heel gewoon dat acteurs switchen tussen genres. Glenn Close is in grote films te zien, maar speelde ook in musicals. Ik zat in New York ooit in een bioscoop, ik keek naast me en jawel, daar zat Stevie Wonder. Ik kon het niet laten, tikte hem aan en zei dat ik op Broadway in Cyrano stond en dat ik het leuk zou vinden als hij kwam kijken. Ja, zei hij, graag, ik ga heel vaak naar musical.’

Commercieel werken of artistiek de randen opzoeken?

‘Artistiek avontuur, graag! Ik ben hoe dan ook gevormd door Hair, want dat was me wat hoor, in die tijd! Daar is tijdens de voorstelling heel wat lsd doorheen gegaan. Zelf heb ik een kleine productie over de popzanger Harry Nilsson geïnitieerd en ik speelde in de toneelstukken Show en Jij en ik. Ik heb een cd gemaakt met Jan Akkerman, getoerd met een bandje. In zo’n grote commerciële productie ben je een nummer, je komt aan in het theater en moet op een prikklok je aanwezigheid aangeven.’

Freek de Jonge of Andrew Lloyd Webber?

‘Andrew Lloyd Webber is een fantastische componist, Evita en Jesus Christ Superstar zijn toppers, laten we wel wezen, maar ik kies voor Freek. Samen met Bram Vermeulen schreef hij de satirische musical Een kannibaal als jij en ik over projectontwikkelaars in Afrika die bij een inheemse stam flats willen bouwen. Ik zong daarin het nummer Lunatic Rock, waarin ik helemaal uit mijn dak kon gaan. Dat was eigenlijk mijn doorbraak. Willem Nijholt, Serge-Henri Valcke en Carol van Herwijnen zaten er ook in, en o ja, Corry van Gorp natuurlijk. Man, dat was me wat, Willem en Carol kregen een groot conflict over wie nou de ster van de voorstelling was.’

Lieve jongens of Blue Movie?

‘In de film Lieve jongens, naar het boek van Gerard Reve, speelde ik Teigetje, een van Reves toenmalige vrienden, naast Hans Dagelet en Hugo Metsers. Ik ben er later bij gekomen en weet nog dat producent Matthijs van Heijningen kwam kennismaken en ik de volgende dag al op de set stond. Er werd natuurlijk gekibbeld over geld, want Matthijs wilde niks betalen. Ik heb toen met hem afgesproken dat ik bij extra draaidagen dubbel uitbetaald zou krijgen. Hij ging akkoord in de verwachting dat alles binnen de planning zou verlopen, maar toen kreeg Hugo een nekhernia en besloot de regisseur extra scènes met mij te draaien. Matthijs heeft zich overigens aan de afspraak gehouden: ik kreeg keurig uitbetaald. In Blue Movie speelde ik iemand die impotent was en ontmaskerd wordt en dan van het balkon springt. Dat was minder interessant.’

Jij en ik of Outlaw in Em?

Outlaw in Em? Ah ja, dat is dat liedje van Waylon vorig jaar. Oké, dan kies ik dat maar. Jij en ik was geen slecht lied hoor, maar toen ik in 1982 voor het Songfestival werd gevraagd, wist ik niet eens wat het was. Alles draaide daarin om geld en een hit scoren. Al met al werd het een gek avontuur. Toen de omroepmensen in het hotel aankwamen, zijn ze meteen gaan tennissen en ik heb ze niet meer gezien. Nee, ik volg het allemaal niet meer, ik trek het echt niet een hele avond Songfestival kijken – het is not my music, zeg maar.

Jij en ik of het Wilhelmus?

‘Het Wilhelmus. Het is echt bijzonder om in een voetbalstadion met zestigduizend man a cappella ons volkslied te zingen. Ik heb dat toen bij alle internationale wedstrijden van het Nederlands elftal gedaan. Je bent dan ineens de vertegenwoordiger van je land. In 1996 stond ik in Wembley, toen Nederland op het EK tegen Engeland speelde, er ging iets mis met mijn microfoon en vervolgens zong het halve stadion ter ondersteuning mee. Ik had de tranen in mijn ogen. Jammer dat ze die traditie hebben afgeschaft, ons nationale volkslied is een bindende factor.’

Gezin of carrière?

‘Vanzelfsprekend het gezin. Maar mijn carrière houdt me jong, werken laat mijn bloed pompen. Ik ben al mijn hele leven met dezelfde vrouw en wij hebben twee fantastische dochters met een mooie carrière. Laura is scenarioschrijver en Nova regisseur en documentairemaker. Samen maakten ze de film Kattenkwaad, die de Nederlandse inzending voor de Oscars was, en de tv-serie Poesjes. Mijn oudste, Laura, heeft nu een film geschreven die is geselecteerd voor het filmfestival van Berlijn: Mijn bijzonder rare week met Tess. Mijn gezin gaat boven alles. Niemand uit je carrière gaat aan je graf staan, hooguit houd je er af en toe een vriend aan over.’

Theater is eeuwige roem of gewoon leuk werk?

‘Hahaha, eeuwige roem, kom op! Theater is als ether of ammoniak: de geur blijft je een leven lang bij maar het moment zelf is zo vervlogen. Zo ook de roem. Ik denk dat bijna niemand meer weet wie de roemrijke artiesten van de vorige eeuw waren. Schilders, schrijvers, filmmakers; die kunnen misschien streven naar eeuwige roem. Theater is gewoon heel leuk werk, het houdt je jong. Spelletjes spelen voor je beroep, wie wil dat niet? Maar het is ook een hard vak, en je wordt er niet snel rijk van. Je moet er veel voor laten en doen om je elke avond door een volle zaal te laten beoordelen.’

Bill van Dijk

Bill van Dijk (71) werd vanaf 1964 opgeleid aan de Theaterschool Amsterdam en de Guildhall School of Music and Drama in Londen. In 1970 speelde hij de hoofdrol in de musical Hair. Daarna volgden musicalrollen in onder meer Een kannibaal als jij en ik, Les misérables, Evita, Miss Saigon en Jesus Christ Superstar. In 1982 vertegenwoordigde hij Nederland op het Eurovisie Songfestival met het nummer Jij en ik (en werd 16de van de 18 deelnemers). In datzelfde jaar zong hij het Wilhelmus bij de wedstrijden van het Nederlandse voetbalelftal. Van Dijk schreef voorts een kookboek en ontwierp een bordspel. Maar bovenal is hij de eerste Nederlandse artiest die doorbrak op Broadway in de musical Cyrano. 

Vanaf deze week is hij te zien in de musical Op hoop van zegen, als de hardvochtige reder Bos.

Recensie: Op hoop van zegen is een kalm noodlotsdrama met samenzang van hoog niveau

Het opvallendste personage in de musicalversie van de klassieke visserstragedie Op hoop van zegen is Het Boegbeeld. Een chique dame in vorstelijk gewaad, die in het originele stuk van Herman Heijermans uit 1900 niet voorkomt. Zij is in deze productie van De Graaf & Cornelissen de buitenstaander, en voorziet de handelingen van gezongen commentaar, als in een Griekse tragedie. 

De musical Op hoop van zegen is t/m 2/6 op tournee in Nederland

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.