'Soms ben ik ergens en weet ik: dit is grappig'

Tussen kunstliefhebbers die zijn opgegroeid met culturele verworvenheden, voelt Hayat zich onthand. 'Iets Marokkaans' kan ze er ook al niet tegenover stellen.

Foto Eva Roefs

Soms ben ik ergens en weet ik: dit is grappig. Het enkele feit dat ik hier ben, is al een dijenkletser van jewelste en goed voor minstens drie weken napret. Zo ook nu. Ik zit in een gezelschap van chique mevrouwen en we zijn uitgenodigd bij een van de mevrouwen thuis. Haar huis is groot, deftig en vooral ook vol. Ik kom ogen tekort voor alle schilderijen, bijzettafeltjes vol schone kunst, porseleinen tierelantijntjes, bijzonder zilverwerk, de vele zitjes met evenzovele kussentjes en statige lampen. De gastvrouw neemt plaats achter haar vleugel en speelt Debussy terwijl ze tussen de stukken door vertelt over zijn leven en wat er zo bijzonder is aan zijn composities. Haar uitleg is broodnodig, want ik heb nog nooit gehoord van de hele man en dacht dat de chique mevrouw van de zenuwen raar was gaan spelen. Maar het blijkt dat 'schijnbaar abrupte modulaties' juist kenmerkend zijn voor Debussy. Naast de gastvrouw komt een andere dame aan het woord die haar dwarsfluitmuziekstuk introduceert met een verhaal uit Goethes Faustvertelling.

Ik kan de explosie van cultuurhistorische informatie allang niet meer verwerken en ben vooral bezig een opkomende slappe lach te onderdrukken. Op het moment dat ik het deftige theekopje naar mijn lippen breng, besef ik dat ik Elizabeth ben: de buurvrouw van mrs. Bouquet in de Britse komedie Keeping up appearances. Ze liet de dure kopjes van Hyacinth zo vaak vallen dat ze liever plastic bekertjes gebruikte om haar thee naar binnen te gieten. Ik kijk nog eens naar mijn kopje, bestudeer het Perzische tapijt waar de inhoud op zou terechtkomen en besluit dat ik geen dorst heb.

Thuis rol ik bijna van de bank van het lachen als ik vertel hoe ik als een hersenloos schaap om me heen heb gekeken en wie toch in hemelsnaam 'Diebussie' moest voorstellen. Mijn man kijkt geamuseerd, maar ook wat verbaasd; hij is niet bepaald een cultuurfreak, maar Debussy en Goethe behoren tot de algemene ontwikkeling. Ik kijk hem aan en besef dat ik een Marokkaan nodig heb voor dit verhaal. Net als die keer dat ik een vriendin belde om te 'acclimarokkaniseren' na een klassieke balletvoorstelling waar ik anderhalf uur naar zeer indrukwekkende, maar toch ook wel uitgemergelde dansers had gekeken. Op een gegeven moment is een mens toch uit-gepirouetteerd en toe aan een goede maaltijd, zou je denken. Maar de zaal zat vol, met een geëmotioneerd publiek dat een lange staande ovatie gaf. Tot mijn verbazing bleek mijn buurvrouw een aangrijpend liefdesverhaal uit het stuk te hebben gedestilleerd en was zij diep geroerd. Ik kwam niet verder dan me afvragen hoe oneindig lang de dansers moesten hebben geoefend en hoeveel bezieling ze wel niet hebben voor hun vak.

Oké, mijn algemene ontwikkeling is anders gelopen dan die van de gemiddelde Nederlander. Marokkaanse ouders lopen nou niet bepaald de deur plat bij musea en theaters. Geen man overboord, ik ben op een andere manier verrijkt. Als ik mocht kiezen tussen een goed algemeen ontwikkeld NL-bestaan en een laat-het-theekopje-niet-vallen-op-het-tapijt-Marokkaan, kies ik nog altijd voor dat laatste.

De zalige tevredenheid met mijn beperkingen daargelaten, ik zit nu mooi met een probleem. De bedoeling van het damesclubje is namelijk dat elk van ons bij toerbeurt een avond bij haar thuis organiseert waarop zij als gastvrouw de andere dames op cultureel gebied verrijkt. Dit keer was het dus piano en dwarsfluit, de volgende bijeenkomst staat al gepland door een schilderes die haar kunstwerken gaat tentoonstellen. Als dit besef doordringt, is m'n gegiechel abrupt voorbij. Ik kijk mijn man verschrikt aan: 'Maar ik kan niks!' Blinde paniek, want met niks bedoel ik dus ook helemaal niks. Zal ik me verdiepen in een tentoonstelling en mijn nieuwe vriendinnen als gids rondleiden? Of een lezing geven over een schrijver? Ik geloof dat ik nog ergens een werkstuk over Willem Elsschot heb liggen voor mijn eindexamen Nederlands. 'Nee joh', zegt mijn man. 'Je moet gewoon jezelf blijven.' Hij voegt iets toe over authentiek zijn en juist verrassen met 'iets Marokkaans'.

Iets Marokkaans... Dat klinkt misschien als een tropische verrassing, maar in het Marokkaans kan ik ook niks. Moet ik met een bord koekjes aankomen? Kijk, dit zijn dus koekjes. Uit Marokko. Of de hele bups meenemen naar een Marokkaanse bruiloft? Zo eentje waar de vioolmuziek je niet meevoert naar romantische beekjes, maar waarop je je heupen uit de kom staat te dansen in een veel te warme jurk? Jezus, waardeloos dit. Ik ga er nog eens goed over nadenken. Ik weet wel dat ik mijn kind straks naar de muziekschool stuur. Hopelijk kiest hij voor de darboeka, een Arabisch slaginstrument. Kan hij later lekker de cultuur verrijken met 'iets Marokkaans'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.