Column Sylvia Witteman

’s Middags in je eentje naar de bioscoop gaan, heeft vele voordelen

Vroeg op een druilerige middag was ik in mijn eentje naar de bioscoop gegaan. Dat heeft veel voordelen: het is er rustig, want de nuttelozen van de nacht slapen nog, de chipskrakende jongelui zitten op school, en de ruggegraat der natie is aan het werk. Het prettige van alleen gaan is bovendien dat je niet twee uur lang hoeft te leven met de zachtjes zeurende vrees dat die ander de film niet goed vindt en dat dat jouw schuld is.

Spinnend van voorpret zat ik dus naar de trailers te kijken. Ik ben dol op trailers, vooral van slechte films, omdat je dan zo lekker blij kunt zijn dat je er niet naartoe hoeft. Net toen het licht uitging voor de hoofdfilm, nog altijd een magisch moment, kwamen er twee vrouwen van een jaar of 50 voor me zitten. Ze hadden heel wat te bespreken en slurpten daarbij kneuterig uit glaasjes witte wijn.

‘Dat beest is me zo tegengevallen’, zei de linker vrouw. ‘Iedereen zei dat Noorse boskatten zo gezellig zijn, en ’t wás ook een schatje hoor, als kitten. Nou ja, dat mág ook wel. 700 euro. Caesar heet-ie, ’t is een mannetje.’

De film begon. Het was een fijne film, dat zag ik meteen al. ‘700 euro...’, zei de rechter vrouw. ‘Of je een emmer leeggooit. Hé, de film begint. Noorse boskatten, dat zijn toch van die hele grote? Jeanette heeft er ook zo een. Dat is trouwens echt zo’n rotbeest, dat wil je niet weten.’ De linker vrouw knikte driftig. ‘Deze dus óók’, sprak ze. ‘En ik van alles proberen, hè. Met speeltjes en van die nepmuizen met kattenkruid erin. Mijn vorige poes was daar dol op. Sheila... ik mis die schat nog elke dag. Maar deze kijkt me aan alsof hij mijn bloed wel kan drínken. Hé, de film is begonnen.’

De vrouwen zwegen even en keken naar het bioscoopscherm. Ik dacht aan Noorse boskatten. Ik heb een vriendin die er een heeft, en ook hij heeft een moeilijk karakter. Ze noemt hem een ‘norse booskat’. ‘Als ’t aan mij had gelegen, hadden we ’m allang weer weggedaan’, vervolgde de linker vrouw. ‘Maar Freek heeft iets met dat beest. Nou ja, Freek is óók zo’n galbak, de laatste tijd. Weet je wat hij gisteren geflikt heeft? We waren bij... hé, zitten we wel in de goeie film? Dit gaat over de, hoe heet het, de Nobelprijs. We zouden toch naar...’ Er kwamen leesbrillen tevoorschijn, er werd wijn gemorst en ‘shit’ gegiecheld, waarna de vrouwen luidruchtig hun jassen en tassen verzamelden en de zaal uitliepen.

In alle rust keek ik verder naar de film. Hij was inderdaad erg fijn.

Maar ik zal nooit weten waarom Freek zo’n galbak is, en dat vind ik jammer. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.