INTERVIEW

'Over het gevaar voor de kinderen praat de rechter niet'

De rechter beslist binnenkort of de tbs van de moordenaar van zijn dochter wordt verlengd.

Zijn dochter werd negen jaar geleden gedood door haar vriend. Die kreeg tbs met dwangverpleging. Volgende week beslist de rechter of de tbs moet worden verlengd. 'Waarom mag ik daar niks zeggen?'

Jan van Kleeff: 'Wij zijn bang voor recidive als de kinderen hem bijvoorbeeld zouden afwijzen.' Foto Marcel van den Bergh

Het is acht uur in de ochtend als Jan van Kleeff het telefoontje krijgt dat zijn leven zal veranderen. De vrouw die hem belt, is ongerust. Ze heeft op de ­radio gehoord dat in Barendrecht een vrouw dood in haar huis is gevonden, samen met twee kleine kinderen. 'Ik heb er een raar gevoel bij', zegt ze.

Even schrikt Jan van Kleeff. Hij weet waar ze op doelt. Zijn dochter Simone heeft twee kleine kinderen. 'Ik ga wel even kijken', zegt zijn vrouw, terwijl ze op haar fiets stapt. Het huis van hun dochter Simone, marketing manager bij Shell en 31 jaar oud, is een paar honderd meter verderop.

Als ze de straat in rijdt, krijgt ze een angstig voorgevoel. Rood-witte linten. Overal politie. Aan de rechercheurs die haar staande houden, vertelt ze wie ze is. Meteen nemen ze haar mee, brengen ze haar naar huis. Ze vertellen wat er is gebeurd. Stukje bij beetje horen ze de gruwelijke geschiedenis.

Barendrecht, een dag eerder. Het is 24 juni 2005, kwart over elf 's avonds. L. (41) zit achter zijn computer. Hij tikt zoektermen in. Messteek. Messteek hartstreek. Killing ­people. Killing methods.
Een paar dagen geleden was L. op vakantie in Italië met zijn vrouw Simone en hun twee kinderen. Een jongen en een meisje. Het jongetje is zeven maanden oud, het meisje is 2,5 jaar.

Maar nu zijn ze terug. Halsoverkop. In Italië heeft zijn vrouw hem verteld dat zij bij hem weg wil. Ze liep al maanden rond met de gedachte de relatie te beëindigen. Toen ze verliefd werd op een ander, was dat het laatste zetje dat ze nodig had. Sindsdien hebben ze ruzie.
How to kill, typt L.
How to kill someone.

De problemen tussen hen speelden al langer, zegt vader Jan van Kleeff. 'Ze hadden al dertien jaar een relatie. Hij was een vreselijk moeilijk figuur om mee samen te leven. Een man die altijd alles beter wist. Zij had een drukke baan, hij had fiscaal recht gestudeerd, maar zat thuis. Hij maakte lijsten voor haar met wat ze allemaal moest doen na haar werk.'

Van Kleeff, een voormalig Shell-man, vertelt hoe ze als ouders aanvankelijk geen goed gevoel hadden bij de vriend van hun dochter. 'Ze leerde hem kennen op haar 18de. Hij was aerobics-instructeur. Op een gegeven moment liep het zo hoog op dat we bang waren onze dochter kwijt te raken. Toen besloten we hem te accepteren.'

Fastest way to kill, typt L.
Doodsteek.
Snelste dood.

Zeer beperkt gevoelsleven

Later zal worden vastgesteld dat L. het syndroom van Asperger heeft, bovengemiddeld intelligent is en een persoonlijkheidsstoornis heeft met narcistische, passief-agressieve, obsessief-compulsieve en theatrale trekken. Hij is rigide en hij heeft een zeer beperkt gevoelsleven.

'Het ontbreekt hem aan inzicht in zijn ­eigen gevoelswereld en in die van een ander', schrijven de deskundigen later. 'Om zich te kunnen handhaven in het dagelijks leven speelt hij de rol die op dat moment passend is. Hij is buitengewoon egocentrisch, zonder dat hij zich dit bewust is. Er is geen empathie.' Hij is niet in staat om te gaan met negatieve emoties.

Het is onduidelijk of L. die avond gaat slapen. Wel is zeker dat hij woedend is op zijn vrouw, omdat ze bij hem weg wil.

Ook is zeker dat hij een keukenmes prepareert. Uit het keukenkastje heeft hij tape gepakt, waarmee hij een doek vastzet tussen het lemmet en het handvat.

De volgende ochtend krijgt de politie van Rotterdam-Rijnmond om 5.19 uur een telefoontje. Het is L., maar hij zegt niet wie hij is. Noemt alleen hun adres. Vervolgens hangt hij op.

Nog geen negen minuten later is de politie er. Aan de achterzijde van het huis blijkt de deur al van het slot te zijn gehaald. Agenten rennen naar de bovenverdieping. Daar zien ze een man en vrouw samen op bed liggen. L. en Simone. Het bed en de vloer van de slaapkamer liggen vol met bloed. Beiden bewegen niet.

L. is gewond. Ambulancemedewerkers duwen een slang in zijn keel om hem te beademen. 'Maar dat was niet nodig', zegt Van Kleeff. 'Hij bleek te simuleren. Hij had wat in zijn polsen gesneden en hield zich bewusteloos.'

Simone heeft twee grote steekwonden bij haar hart. Ze is dood. Later zal L. zeggen dat hij zich het moment waarop hij Simone doodstak niet meer herinnert: hij had een black-out en werd pas wakker toen het was gebeurd.

'Hij wist precies waar hij moest steken', zegt Van Kleeff. 'Hij had de doek aan het mes vastgeplakt om ervoor te zorgen dat het niet van zijn hand af zou glijden. Na haar dood heeft hij ook nog zitten internetbankieren. En heeft hij een flesje gemaakt voor de jongste.'

Aan het voeteneind ligt al die tijd hun zoontje. Hun dochtertje slaapt in de andere kamer.

Vader Jan van Kleeff. Foto Marcel van den Bergh

26 kinderen

Jaarlijks verliezen gemiddeld 26 kinderen in Nederland een ouder omdat die door de andere ouder wordt gedood, bleek onlangs uit onderzoek van het Psychotraumacentrum WKZ van het UMC Utrecht.

Staatssecretaris Teeven van Veiligheid en Justitie diende recentelijk een wetsvoorstel in om de positie van kinderen in zo'n situatie te verbeteren. Niet het belang van de dader moet vooropstaan, maar het belang van het kind.

Minstens een kwart van de betrokken kinderen is getuige van de - vaak gruwelijke - moord. Bij 92 procent van de kinderen ontstaan problemen, die variëren van slaapproblemen tot agressief gedrag.

Een kwart van de daders houdt voor korte of langere tijd het gezag over de kinderen. Ook proberen sommige dader-ouders ­direct contact te krijgen met hun kind, terwijl het kind daarop niet altijd zit te wachten.

'We wisten toen nog niet wat de oudste had gezien of gehoord', zegt Van Kleeff.

Meteen die middag krijgen hij en zijn vrouw een baby en een peuter in huis. 'We waren verbijsterd. Totaal ontredderd over het verlies van onze dochter. En tegelijk moesten we ineens allerlei dingen regelen: kleren, eten, luiers. Maar we zeiden direct: de kinderen komen hier. Ze waren al zo vertrouwd met ons. We pasten twee dagen per week op.'

Na een tijd komen de eerste vragen.

'Waar is mama?', vraagt de oudste.

Van Kleeff: 'Eerst zeiden we tegen haar dat mama een sterretje was geworden. Dat hadden we uit kinderboekjes. Maar dan vroeg ze: hoe kan dat nou? Mama is een sterretje en ze ligt hier ook in de grond begraven. Al snel besloten we te zeggen dat ze dood was. Dat ze niet meer terugkwam.'

De vragen komen terloops. In de auto, onderweg naar school, voor het slapen.

'We zijn altijd eerlijk geweest. Vooral in het begin wilden ze alles tot in detail weten. Als ze me vroegen hoe het was gebeurd, zei ik dat mama met een mes was doodgestoken. Ik zei dat papa dat had gedaan en dat hij in de gevangenis zat. Ze wilden weten hoe zo'n gevangenis eruitzag.'

Al gauw komen de eerste signalen. Het oudste meisje reageert panisch als ze een rood dekbedovertrek op het bed van opa en oma ziet. 'Dan begon ze te gillen en te huilen. Eerst hadden we niets door, pas later kregen we in de gaten dat het door het dekbed kwam. Ze was ook doodsbang voor messen. Maandenlang hing ze letterlijk aan de benen van mijn vrouw. Ze had enorme verlatingsangst. Ze móést bij haar zijn, we konden nergens naartoe. Als mijn vrouw naar de wc ging, raakte ze al in paniek. Ze was angstig. 's Nachts had ze enge dromen, was ze veel wakker. Ze was heel gesloten. De oudste is jarenlang getraumatiseerd geweest.'

12 jaar

L. wordt veroordeeld tot 12 jaar cel en tbs. De eerste paar maanden staan de kinderen nog onder zijn gezag - 'Hij dacht zelf dat hij dit best vanuit de gevangenis kon doen' -, maar na diverse procedures gaat de voogdij over naar Jeugdzorg.

Dan wil L. contact met zijn kinderen. Jeugdzorg steunt hem daarin: ze vinden dat hij de kinderen moet kunnen zien.

'Hierdoor kregen we gigantische ruzie met Jeugdzorg. Vanwege zijn stoornissen waren we bang dat hij tijdens zo'n bezoek zijn kinderen wat zou aandoen. Hij is zo manipulatief.

'Kijk, mijn vrouw en ik spreken onderling wel eens over 'die klootzak', maar als de kinderen er bij zijn, zullen we nooit ­negatief over hem praten. We zullen hem ook niet de hemel in prijzen trouwens. We zeggen duidelijk dat hij ons veel verdriet heeft gedaan en hun moeder heeft weggenomen. Maar we schelden nooit. Het is toch hun biologische vader. We hebben hem nooit verborgen gehouden voor hen. De kinderen kunnen zijn foto's zo pakken.'

De strijd loopt zo hoog op dat ze alle besprekingen bij Jeugdzorg met een advocaat voeren.

Na tweeënhalf jaar gebeurt er iets opmerkelijks bij het hoger beroep dat L. heeft aangespannen. Tijdens die zitting gedraagt hij zich opvallend. Eerst draagt hij netjes een colbertje, maar na een pauze zit hij met opgestroopte mouwen in de zaal.

'Opeens haalde hij een mesje tevoorschijn. Hij riep: jullie willen me niet geloven, maar het is wél waar dat ik me van het leven had willen beroven. En voor we het wisten, sneed hij daar midden in die zaal zijn polsen door.

'Pas vanaf dat moment', zegt Van Kleeff, 'is het beter gegaan. Toen is Jeugdzorg achter ons gaan staan. Ze zagen in dat hij wel gevaarlijk is. Toen begrepen ze ons als grootouders eindelijk wat beter.'

Met Jeugdzorg achter zich weten ze te voorkomen dat ze verplicht foto's van de kinderen naar hem moeten sturen. 'Deskundigen waren bang dat hij zich daar heel obsessief op zou richten.' Ook beslist de rechter dat er geen omgang mag zijn met de kinderen.

Verwerken

Van Kleeff: 'Een paar jaar geleden ben ik voorzitter geworden van de Vereniging van Ouders van een Vermoord Kind en van de Federatie Nabestaanden Geweldslachtoffers. Zo kom ik voor de belangen van nabestaanden van geweldslachtoffers op en probeer ik hun rechtspositie te verbeteren. Dat helpt me ook te verwerken wat er is gebeurd. Maar vergeven zal ik hem nooit.'

Met de kinderen ligt dat anders.

'Ze zijn nooit boos op hem geweest. Althans, dat hebben ze nooit zo gezegd. We hebben er ook nooit naar gevraagd; we wilden hen niet beïnvloeden met negatieve gedachten. Als ik hem op de foto's zie, denk ik: wat een kwallebak. Maar voor hen is het hun vader. Daarover kun je niet praten.

'Ze reageerden wel toen we vorig jaar een gebiedsverbod vroegen tijdens zijn verlof uit de tbs-kliniek. Toen zei de oudste: 'Zeg dan ook meteen dat hij niet in Zeeland mag komen, want daar wil ik later in een boerderijtje gaan wonen'.'

De kinderen tonen tot op heden nauwelijks belangstelling voor hun vader. 'We vragen wel eens: interesseert het jullie hoe hij eruitziet? Dan zeggen ze dat ze niet geïnteresseerd in hem zijn. Dat kan twee dingen betekenen. Of ze proberen ons te beschermen of ze zijn het daadwerkelijk niet. Ik geloof oprecht dat het 't laatste is.'

Met het oudste meisje gaat het nu goed. 'Ze is lekker zelfstandig, doet het prima op school en ligt goed bij haar vrienden en vriendinnen. Maar dat ging niet vanzelf. Het heeft jaren geduurd voordat ze een normaal ritme te pakken had. Het is traumatisch geweest voor haar.

'De jongste heeft nooit enig signaal gegeven, maar we krijgen continu te horen: wees alert, het kan ineens de kop op steken.'

Sinds een tijd mag L. op onbegeleid verlof. Op 18 december is er een nieuwe zitting waarop de rechter beslist of de tbs met dwangverpleging wordt verlengd of dat er een voorwaardelijke beëindiging komt van de dwangverpleging.

'Hij heeft een gebiedsverbod voor Barendrecht en mag geen contact opnemen met de kinderen en met ons. Hij kan het zich zelf niet voorstellen dat de kinderen hem niet willen zien. Hij vindt zichzelf een goede vader. Een slachtoffer.

'Tijdens de tbs-zittingen kregen we de indruk dat hij zich in de kliniek niet openstelt voor zijn behandeling, hij weet alles beter. Ze krijgen geen grip op hem.

'Twee onafhankelijk deskundigen hebben hem onderzocht en die hebben nu beiden gezegd: het heeft geen zin meer dat hij in de tbs-kliniek blijft zitten, dat is frustrerend voor de kliniek, frustrerend voor hem. Zelf zegt hij dat hij zijn kinderen nooit iets zal aandoen, maar wij zijn bang voor recidive als de kinderen hem bijvoorbeeld zouden afwijzen. Over het gevaar voor de kinderen praten de deskundigen of de rechter eigenlijk helemaal niet.'

Van Kleeff pleit er daarom voor dat nabestaanden spreekrecht krijgen op tbs-zittingen waarin wordt besproken of de tbs wordt verlengd. Hij is bang dat L. ineens zal opduiken en de rust en de veiligheid in het gezin ernstig zal verstoren. 'Hij is uitgekookt genoeg om dat te doen. Hij is een man die je altijd verrast.'

De dochter van Jan van Kleeff Simone Foto Privé archief

Reactie L.

De advocaat van L. laat via collega Willem Knottenbelt weten dat L. niet wil reageren op het artikel. Wel zegt Knottenbelt dat het risico op recidive bij L. nu laag wordt ingeschat en dat dit bij partnerdoding in het algemeen niet hoog is. 'In het algemeen worden in adviezen hierover ook de kinderen meegenomen', stelt Knottenbelt.

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.