180 graden Ethica Voorn

‘Mijn bruine huid laat zien dat ik twee culturen in mij verenig: ik ben een dubbelbloed’

Ondernemer en schrijver Etchica Voorn (55) veranderde 180 graden van standpunt over huidskleur.

Etchica Voorn Beeld Ivo van der Bent

Oude standpunt

‘Of je huid wit, bruin of zwart is, maakt niet uit. Huidskleur zegt niks over wie je bent. De buitenkant doet er niet toe, je binnenkant telt, was de boodschap die ik van jongs af aan van mijn moeder meekreeg. Pas later zou ik gaan begrijpen waarom. Ze wilde ons empoweren als gekleurde kinderen in een overwegend witte samenleving. Ik ben kind van een Nederlandse moeder en een Surinaamse vader. Halfbloedjes noemde iedereen ons, behalve mijn moeder. Zij had het nooit over huidskleur. Na de vroege scheiding van mijn ouders zorgde zij alleen voor mijn zusje, mijn broer en mij. De familie van haar kant was een warme, veilige omgeving waarin ik mij helemaal thuis voelde. In mijn jeugd gebeurden veel dingen die voor verwarring zorgden. ‘Denk maar niet dat je beter bent omdat je wit bent’, zei een Surinaams familielid. Als we met mijn moeder naar Drenthe gingen om haar grootouders op te zoeken, noemde mijn overgrootvader mijn moeder ‘zij met die zwartjes’. Mijn zus en ik waren een keer met vriendjes meegegaan naar een caravan op een bouwterrein. Toen we binnen waren, kwam de vader van een van de jongens eraan. Wij kregen de opdracht ons snel te verstoppen achter de bank. Zodra de man weer weg was, vroeg ik naar het waarom. ‘Hij houdt niet van buitenlanders’, was het antwoord. Buitenlanders? Wie?’

Het kantelpunt

‘Ik was begin 30 en net moeder, toen mijn zwartste neef Waldy in een gesprek over identiteit ineens uithaalde en zei dat ik eens moest ophouden met het gebruik van het woord ‘halfbloed’. ‘Het is dubbelbloed!’ Hij maakte mij duidelijk dat ik én bij mijn Nederlandse én bij mijn Surinaamse familie hoor. Ik ging me afvragen hoe het kon dat ik nooit bij de Surinaamse kant van mijn identiteit had stilgestaan. Kort nadat mijn neef mij had wakker geschud, ben ik voor het eerst naar Paramaribo gevlogen. Het was een geweldige tijd in Suriname. Ik liep er anders, lachte er uitbundiger en at veel te veel van al die heerlijke gerechten. De Surinaamse kant van mij kwam los. Maar ik zag ook dat het er in dit multi-etnische land toe doet wat voor huidskleur je hebt. Hoe witter je bent, hoe groter de kansen op de maatschappelijke ladder.’

Nieuwe standpunt

‘Huidskleur doet ertoe. Ik, Etchica Voorn, ben het kind van een Nederlandse moeder en een Surinaamse vader. Dat een witte vrouw en een zwarte man het met elkaar hebben gedaan, maakt dat ik een lichtbruine huidskleur heb. Dat er bloed van twee culturen door mijn aderen stroomt, maakt mij tot wie ik ben: Nederlands én Surinaams. Mijn kleur is de zichtbare vereniging van deze twee culturen. Hoe anderen naar mijn huidskleur kijken, is een ander verhaal. Ook al kan het mij niet schelen wat iemand daarbij denkt, ik word er wel vaak op beoordeeld. Het is onmogelijk je kind racismeneutraal op te voeden, hoezeer mijn moeder dat met de beste bedoelingen ook nastreefde. Voor sommigen doet je huidskleur er namelijk wel toe, dus dan kun je daar beter op voorbereid zijn. Er gaat geen week voorbij of ik word geconfronteerd met hoe anderen mij zien. De opmerking van een wildvreemde, dit jaar op Koningsdag: ‘Voor een negerin ben je wel heel mooi.’ En op de markt, bij het kopen van een streng knoflook: ‘Daar houden jullie zo van, hè?!’ Of de eigenaar van het restaurant in Frankrijk waar ik met mijn witte man Ko binnenstapte. Er was maar één tafeltje bezet en toch werden we geweigerd met het argument dat ze ‘vol’ zaten. Uit de blikrichting van de man viel te concluderen dat ík niet welkom was. Het is niet zo dat ik in een slachtofferrol kruip. Daar houd ik helemaal niet van. Mijn liefdevolle moeder heeft mij opgevoed tot een sterk persoon.’

Het effect

‘Het inzicht dat ik een dubbelbloed ben, heeft mijn identiteit verrijkt. Ik ben mijn Surinaamse kant gaan ontdekken en voel mij nu bij beide groepen thuis. Ik ben nog wel zoekende, want ik ben niet opgegroeid met Surinaamse codes en vergis me weleens in de mores. In plaats van door te fladderen in het leven wil ik – met een dosis humor – mijn bijdrage leveren aan meer openheid en verdraagzaamheid in de discussie over identiteit. Mijn persoonlijke ervaringen heb ik opgeschreven in het boek Dubbelbloed, waarvoor ik de Opzij Literatuurprijs heb gekregen. Het is wel jammer dat ik mijn onbevangenheid kwijt ben. Ik ben gevoeliger geworden voor discussies waarin het over ‘wij’ en ‘zij’ gaat, over ‘wit’ en ‘zwart’. Je kunt jezelf gevangen zetten in die discussies, maar ik ga voor verbinding.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.