Opinie

'Kritiek Halsema is deels gratuit en naïef'

Femke Halsema roept het beeld op dat de politiek de boosdoener is die de neutrale, onpartijdige, menslievende hulporganisaties het goede werk onmogelijk maakt. Dat is naïef, betoogt hoogleraar Joost Herman.

Femke Halsema Beeld anp

Zich voegend bij illustere voorgangers, zoals Jan Pronk, Patrick Cammaert en Ad Melkert, mocht Femke Halsema donderdag 20 juni de negende Van Heuven Goedhart-lezing houden over internationale noodhulp aan Syrië en de rol van (Nederlandse) hulporganisaties daarin. Als voorzitter van Stichting Vluchteling is zij hiermee in moeilijk vaarwater terechtgekomen. Als oprecht kritisch denker heeft zij 'haar' stichting op drie manieren bedoeld en onbedoeld op de pijnbank gelegd.

Ten eerste, Halsema's oproep aan de hulporganisaties snel tot effectieve samenwerking te komen, alsmede onderlinge concurrentie en oneigenlijke afwegingen uit te bannen, is gratuit. Alle beginselverklaringen ten spijt, codificatie van normen en waarden voor humanitaire organisaties, de door de VN-groep in 2005 geïntroduceerde zogeheten cluster-approach en de Emergency Relief Coordinator: een groot deel van de humanitaire organisaties verzet zich (impliciet) tegen coördinatie ten behoeve van effectiviteit. Dit is oud nieuws en de stekelige reacties op Halsema's toespraak vanuit de hulporganisaties verbazen en lijken meer te worden gevoed uit de gedachte dat de voorzitter van Stichting Vluchteling het eigen nest niet moet bevuilen.

Iedereen weet: zowel statelijke als niet-statelijke organisaties hebben doorgaans geen zin autonomie, keuzevrijheid en vooral zichtbaarheid te verliezen door van bovenaf te worden gecoördineerd. Hieraan liggen tal van redenen ten grondslag, maar het 'gevecht' om de donordollar via snelle en door de media opgepikte successen voor de eigen organisatie is een prominente. Halsema's oproep de Samenwerkende Hulporganisaties (SHO) te hervormen, is derhalve kansloos.

Echter, who is talking?
Met de media, ten tweede, is een ander pijnpunt aangesneden. Halsema vestigt de aandacht op de macht van de media, die in hun vluchtigheid snel mooie plaatjes willen hebben, waardoor hulporganisaties (mede ten behoeve van hun donateurs) zich op die mediamomenten gaan richten, achterland en minder mediagenieke (lange termijn)situaties vermijdend, ondanks de ook daar aanwezige humanitaire nood. Dit 'behagen van de media en donateurs thuis' noemt Halsema met recht een gebrek. Echter, who is talking? Waarom moest de Volkskrant een dag eerder worden geïnformeerd en in een publicatie vooraf vooral dat ene kritiekpunt op de SHO eruit lichten, zodat ik van Groningen op weg naar Den Haag voorafgaand aan de lezing een deel van de inhoud tot in den treure kon aanhoren op de radio, inclusief bijtende reacties via alle sociale media?

Waarom is een fiks deel van de middag in Den Haag besteed aan een diavoorstelling die alles wat klassiek fout is, heeft verbeeld: mevrouw Ceelen, directrice van Stichting Vluchteling, die arme, gekleurde mensen een hart onder de riem kwam steken in menig werelddeel? Mediageniek, ongetwijfeld, maar stigmatiserend en contrair aan de reeds lang opgeld doende strategie veel meer nadruk te leggen op de waardigheid van slachtoffers van rampen en hun eigen capaciteiten, alsmede het inschakelen van lokale organisaties.

Gratuit of naïef
Ten derde, Halsema stelt dat de internationaal-politieke verdeeldheid hoe de humanitaire crisis in Syrië aan te pakken een grof schandaal is. Uit respect voor het geldende soevereiniteitsbeginsel en verdeeldheid in de VN Veiligheidsraad is bijvoorbeeld crossborder-hulp geen mogelijkheid. Ook deze uitspraak is als gratuit of naïef te kwalificeren. Gratuit, omdat iedereen de werking van het internationale recht kent en (voorbije) crises in Sudan, Myanmar, Somalië en Pakistan geen ander beeld hebben laten zien. Naïef, als Halsema hiermee het beeld oproept dat de politiek de boosdoener is die de neutrale, onpartijdige, menslievende hulporganisaties het onmogelijk maakt hun goede werk te verrichten. Stichting Vluchteling moet toch ook op de hoogte zijn dat in de 21ste eeuw het besef is doorgedrongen dat internationale hulp en de niet-gouvernementele hulporganisaties per definitie politiek zijn, dat hun aanwezigheid of afwezigheid van politieke invloed is en dat, in de woorden van Van Heuven Goedhart, geen jammerklacht het getij verbetert.

Kritische analyse
Beter ware het als de Nederlandse hulporganisaties, vanuit de optiek dat toch niet al het menselijk leed overal kan worden geadresseerd en dat er altijd keuzen moeten worden gemaakt, per geval een kritische analyse maakt van noden, mogelijkheden en de invloed daarvan op de bestaande politieke (conflict)situaties. Vervolgens moet men met een realistische interventiestrategie komen.

Tevens, en hierin heeft Halsema groot gelijk, moeten donoren (zowel publiek als privé) in weerwil van de opgeklopte mechanismen van verantwoording en transparantie, maar eens duidelijk worden gemaakt dat foutloze en volledige effectieve hulp in crisisgebieden niet bestaat en dat donaties mede voor het in stand houden van de organisatie worden gebruikt. Dat is een eerlijk en hedendaags verhaal op basis waarvan donoren kunnen besluiten hun solidariteit met mensen in nood te blijven betuigen. Gezien de Nederlandse geschiedenis heb ik daarin vertrouwen.

Joost Herman is hoogleraar Globalisation studies and humanitarian action in Groningen.

 
Het 'behagen van de media en donateurs thuis' noemt Halsema met recht een gebrek. Echter, who is talking?
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.