Lust & Liefde Allerhoogste vorm van liefde

‘Ik kan onmogelijk iedereen naar de klote laten gaan’

Direct nadat ze voor de tweede keer getrouwd was, vond Leah (46) haar grote liefde.

Beeld Sasa Osoja

Leah: ‘In 2006 verhuisden mijn aanstaande man en ik naar een nieuwe stad waar we met zijn tweeën opnieuw wilden beginnen, we hadden allebei al een huwelijk achter de rug. Een nieuw huis, een nieuwe baan en plannen voor een baby. Op een ochtend ontmoette ik mijn nieuwe collega-chirurg in het ziekenhuis en ik was op slag door hem van mijn stuk gebracht. Ik begreep het niet. In mijn man had ik mijn grote liefde gevonden. Ik was dolgelukkig met hem en nog altijd verliefd en deze oudere collega met zijn corduroy broek en geruit shirt was niet eens mijn type. En toch raakte hij mij, iets wat je herkenning zou kunnen noemen, iets wat verder ging dan gewone liefde, misschien wel in een andere categorie viel. De afgelopen twaalf jaar werkten we intensief samen. Ik kon op hem leunen als er patiënten overleden, we raadpleegden elkaar als zich problemen voordeden. Tussen ons bestond al die jaren een collegialiteit en vriendschap met een speciaal randje. Als ik ’s avonds laat nog aan het werk was, drukte hij me bezorgd op het hart goed op mezelf te passen. En andersom had ik ook de behoefte voor hem te zorgen. Steeds is het ons gelukt die zorgzaamheid af te doen als vanzelfsprekende collegialiteit. Tot ik vorig jaar zomer met vakantie ging en me niet kon ontspannen, ik miste iets, en opeens zag ik het. Ik miste hem. Zonder er erg in te hebben, zat ik te checken of hij online was, en als hij online was, beschouwde ik dat als een geruststellend teken van leven en welzijn.

Toen ik thuiskwam, drong tot me door dat dit niet gewoon was. We appten intussen steeds vaker over allerlei triviale privézaken en gingen zelfs eens samen naar een concert. De grens tussen collega’s en potentiële lovers kwam steeds dichterbij. Maar ik wilde daar niet overheen. Deze man was als een vader bij mijn bruiloft geweest, maar hij was niet mijn echtgenoot met wie ik intussen een zoon had. We moesten praten, voor dit de verkeerde kant op ging. Een paar maanden later, nadat hij op Oudejaarsdag had geïnformeerd of de oliebollen gelukt waren, plande ik op 8 januari 2018 een meeting, op een gewone doordeweekse dag om vier uur ’s middags in de koffiecorner van het ziekenhuis. Mijn verklaring mocht niet dramatischer worden dan nodig. Een uur, niet langer, om vijf uur wachtte er weer een patiënt. Ik keek strak voor me uit, gooide alles er in een keer uit, want dan was het maar gezegd en als het gezegd was, was het onschuldig gemaakt, dan kon dat gevoel dat van geen wijken wist en dat ik nauwelijks een naam durfde geven niet langer aangewakkerd worden door irrationele hoop en verlangens, dan zou het gedoofd worden door de relativerende woorden van mijn collega en vriend, en konden we door met ons leven. Ik zei dat ik vreselijk verliefd was en vroeg hem mij los te laten. Maar toen ik opkeek van mijn monoloog liepen de tranen langs zijn wangen. Hij pakte mijn hand. En ik dacht, oh my god, nu hebben we pas echt een probleem. Natuurlijk was het wederzijds, wat had ik dan gedacht. Iemand bij wie ik me zo op mijn gemak voelde, zo veilig, moest wel van mij houden. Ik zag zijn tranen en werd intens verdrietig. Als wij elkaar niet hadden kunnen ontmoeten toen we 25 waren, wat had het dan voor zin elkaar nu te leren kennen, nu onze levens hun definitieve vorm hadden? Hoe wreed is het de allerhoogste vorm van liefde te vinden, die waarbij je veel meer houdt van een ander dan van jezelf, en te weten dat die nooit tot bloei kan komen?

Het is niet eerlijk tegenover mijn man. Ik houd van mijn man. Ik kan onmogelijk iedereen naar de klote laten gaan om zelf nog gelukkiger te willen zijn dan ik al was. Ik kan dit niet verkopen aan hem, noch aan de buitenwereld en nog het minst aan mijn kind. En toch was het of ik die middag van de 8ste januari met mijn confessie voor het eerst tot mijn eigen kern doordrong. En, hoe goedkoop het ook klinkt, nu ruim een half jaar later, zou ik liever doodgaan dan zonder deze man verder leven. In ruim een half jaar is er een soort geheime affaire ontstaan en ik schaam me omdat dat niet hoort, en ook omdat dit begrip ons geen recht doet. Dat eerste ogenblik in 2006 dat we elkaar zagen, bevatte een zegen, een grootsheid, een kalmte die nu, in 2018 op een plek vielen. Hoe had ik ooit kunnen weten dat dit bestond? Hoe had ik hierop kunnen wachten? We zeiden het laatst bijna gelijktijdig: ik ga liever dood dan dat ik jou opgeef.

Laatst waren we kort na elkaar jarig en zonder het te weten, kochten we voor de ander hetzelfde antiquarische boek. Wat gebeurt hier? Ik ben arts, wetenschapper, gewend alles te beredeneren. Maar dit valt niet te verklaren. Ik heb zoveel pogingen gedaan te stoppen. Meteen al de dag na die eerste confessie, nog voordat het tussen ons goed en wel begonnen was, wilde ik het op een volwassen manier afsluiten. Maar er was geen ontkomen aan. We hebben gezoend en gevreeën alsof we 15 waren. En diezelfde avond hebben we in bad gezeten alsof ik al jaren met hem in bad zat. Niet spannend, niet nieuw of onwennig. Het hoorde zo en anders niet. Als je me zou vragen, wat wil je het liefst, dan zeg ik: dat hij een andere grote liefde vindt. Tussen ons is het te intens, zonder elkaar lijken we verloren. Ik gun hem iemand met wie de liefde vrolijk is en licht en draaglijk. En als dat er niet in zit, en we geen acceptabele vorm aan onze liefde kunnen geven, zou ik het liefst een fles whisky kopen en nooit meer wakker worden. Ook al is dat in strijd met alles waar ik als arts voor sta.’

Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Leah gefingeerd. Ook geïnterviewd worden over liefde en lust? Mail een korte toelichting naar lust@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.