Interview Matthijs van Nieuwkerk

‘Ik heb met stijgende verbazing gezien hoe het eraan toegaat in ons kleine boekenland’

Matthijs van Nieuwkerk (57) begint een boekenprogramma, Moby Dick. Wat maakt een talkshowgast een goede gast?

Matthijs van Nieuwkerk. Foto Frank Ruiter

Rode wijn, witte wijn, water?

‘Een glas Spätburgunder, iets gekoeld.’

Fictie of non-fictie?

‘Het zal in mijn boekenkast fiftyfifty zijn. De vraag is elke keer weer: waar ben je aan toe? De verbeelding of de werkelijkheid? Het oeuvre van Gabriel García Márquez of dat van Barbara Tuchman. De grenzeloze fantasie van Roald Dahl of de net door mij gelezen Steve Jobs-biografie van Walter Isaacson. Formidabel boek trouwens. Daarin treffen verbeelding en werkelijkheid elkaar als Steve Jobs en zijn vriend Wozniak zitten te knutselen in hun kleine garage en het grote moment daar is: Wozniak drukt op een toetsenbord de letter p in en ziet voor de eerste keer op het scherm dat hij gebouwd heeft de letter p digitaal verschijnen. De rest is onze geschiedenis. Dankzij Isaacson kies ik vandaag voor non-fictie.’

Boekenkatern maken of boekenkatern lezen?

‘Maken. Ik heb er in mijn jaren als chef kunst van Het Parool heel wat gemaakt. Die pagina’s hielden me ’s nachts vaak wakker; de foto’s, tekeningen, koppen, interviews, het bleef maar spoken. Mijn vader en moeder hebben ze allemaal bewaard. Liggen in grote dozen op zolder te wachten tot de dag dat ik voorzichtig een wandelingetje langs memory lane ga maken. Trotser op mijn werk ben ik daarna bijna nooit meer geweest. Als ik zag dat iemand op een Amsterdams terras ‘m aan het lezen was, klingelde ik altijd even vrolijk met mijn fietsbel bij het langsfietsen. Wisten zij veel.’

Moby Dick

Op 9 augustus begint Moby Dick, het nieuwe NPO-boekenprogramma van Matthijs van Nieuwkerk, waarin steeds twee gasten worden geïnterviewd over de boeken die er in hun leven toe doen. De gasten zijn presentatrice Dieuwertje Blok, Nobelprijswinnaar voor Scheikunde Ben Feringa, cabaretier Diederik van Vleuten, zuster Holkje van der Veer, componist Henny Vrienten, schrijfster Jolande Withuis, presentatrice Simone Weimans en autojournalist en musicoloog Bas van Putten.

Kees de Jongen of Moby Dick?

‘Nu even Moby Dick, dat kan Kees wel hebben, ik heb hem al met zo veel zoete woorden aan mijn borst gedrukt. Bovendien, Moby Dick is een betere titel voor een boekenprogramma dan Kees de Jongen. Ik las ook ergens dat het ‘Matthijs met Boeken’ zou heten. Het zal je gebeuren.’

Zuster Holkje van der Veer of Nobelprijswinnaar Ben Feringa?

‘Bij gelijke geschiktheid gaan vrouwen voor. Het zijn twee van de acht gasten in de vier afleveringen van Moby Dick. Het idee is eenvoudig en snel verteld: twee gasten vertellen over de boeken die er in hun leven toe doen en deden. Ik wilde het graag maken, eigenlijk omdat ik het zelf zo graag zou willen zien. En dan hoop ik nu natuurlijk dat ik de enige niet ben. Ach, we zien wel joh. Het maken met een klein cluppie was in ieder geval een groot plezier. En omdat de zon maar bleef schijnen, kreeg ik ondertussen ook een Moby Dick-idee voor het weekend, een grote zaterdagavondshow: Dancing with the books. Wie weet.’

Sokken aan of sokken uit?

‘Sokken?’

Hermans of Mulisch?

‘Ik heb van Hermans denk ik alles gelezen en van Mulisch nog niet een kwart van zijn oeuvre, dus Hermans heeft gewonnen. Maar ik heb een groot zwak voor Mulisch, omdat hij namelijk een trotse pijproker was en dat is mijn vader ook. En dat leven is niet per se makkelijk. Het heeft voor de buitenstaander ook iets al te parmantigs, zo’n pijp kaarsrecht uit de mond met zo’n wolkje rook erboven. En ondertussen maar gewoon doen. Er waren dan ook geen andere vaders die pijp rookten. Ik oefende in mijn jonge jongenshoofd elke avond in bed alvast op de verdediging van mijn lieve vader. En toen was daar ineens Mulisch op tv, lopend door de Leidsestraat, met een kaarsrechte pijp. Een schrijver, zei mijn moeder, heel bekend. Ik was direct overal vanaf, mijn vader was gered.’

Mulisch of Reve?

‘Reve. Er slingeren altijd wel een of twee brievenboeken van hem rond het bed. Hij was er trouwens ook bij toen ik mijn tv-debuut maakte. Ik mocht Reve interviewen voor het nieuwe kunstprogramma Prima Vista, ik was ergens achter in de 20 en werkte bij Het Parool. Daar zat ik dan. Op Reves zolder in Schiedam. Hij had me even daarvoor laten zien dat je vanuit het zolderraam precies het schoolplein verderop kon zien en daarbij vertelde hij dat hij zich tijdens het speelkwartier soms wel vier keer afrukte. Daarna gingen we zitten. Hij zat met zijn stoel in een soort branding aan afgeknipte hoornen teennagels. Dat moest inderdaad nodig eens worden schoongemaakt, zei hij. Vragen heb ik nauwelijks gesteld, laat staan goeie, het programma kapseisde na een paar afleveringen in de vergetelheid. Het interview is wel uitgezonden en ik heb nog steeds een teennagel van Reve, in een medicijnkokertje.’

Reve of Hermans?

‘Reve. Hij schrijft in een van zijn brieven dat hij tot zijn eigen verrassing ineens de zin: ‘Oud en verzopen, blij als iemand je nog groet’, schreef. Hij wist niet waar die zin ineens vandaan kwam, maar hij wilde die regel niet meer kwijt raken. Ik ben die zin nooit kwijtgeraakt. Zoals ik veel regels van Reve nooit meer ben kwijtgeraakt, hij maakt me nog vaak aan het lachen. Hermans is een zeer bewonderde schrijver maar Reve reist met mij mee.’

Critici of boekverkopers?

‘Het DWDD-boekenpanel! Ik heb met stijgende verbazing gezien hoe het eraan toegaat in ons kleine boekenland. Het idee is zo simpel: vier boekverkopers komen elke maand in DWDD vertellen wat zij de beste boeken van de maand vinden. De uitgeverswereld en het boekenvak waren bij de start bijzonder blij. Nee, dat was nog eens een sympathiek idee! En ook goed voor het kreunende boekenvak! Bravo! Toen al snel bleek dat de invloed van dit boekenpanel op de boekenverkoop echt reusachtig was, begon het gemor: het boekenpanel vond verdomme de verkeerde boeken goed! En ze zeiden soms dat ze een boek ‘mooi’ vonden, was dat niet wat al te eenvoudig? Jeetje mina zeg; ontspan, cheer up en laat duizend bloemen bloeien.’

Dun of dik boek?

‘In de vakantietas toch liever vier dunne dan twee dikke. Vanwege het inpakken. Een e-reader is niks voor mij, ik begrijp alle gemakken, maar om vanuit een leren etuitje het meesterwerk De heilige Rita van Tommy Wieringa te lezen, ik ben nog niet zo ver. Dus wordt er onder in de voetbaltas een bodempje van allemaal even dunne boeken gelegd. Daarbovenop twee zwembroeken en zo stapel ik omhoog. Ik heb me ooit voorgenomen dat ik op vliegvelden nooit meer bagage incheck dus de precisie van mijn inpakken heeft inmiddels een Japanse graad van perfectie bereikt.’

Goede talkshowgast met slecht boek of slechte talkshowgast met goed boek?

‘Iemand die een deel van zijn leven in eenzaamheid heeft doorgebracht om iets aan de wereld te laten zien of te laten weten, is sowieso een goede gast voor een talkshow. En anders maken we van hem of haar een goede gast. Dan is er iets meer werk aan de winkel. En of het boek nu uiteindelijk een meesterwerk is of niet, is denk ik niet de eerste vraag die een redactie zich stelt. Het interessantste feit is dat de schrijver het zelf een meesterwerk vindt, anders had hij zichzelf wel alle moeite bespaard en ons niet lastig gevallen. Toch? Als in dat idee geen goudmijn voor een talkshow schuilt…’

Stromboli of Sexdagboek?

‘Sex graag.’

Bob Dylan, groot zanger of groot schrijver?

‘Schrijver. Dylan is de beste schrijver, Charles Aznavour de beste zanger. Aznavour schrijft trouwens zelf ook niet heel beroerd als hij echt zijn best doet, maar zeventig procent van zijn catalogus komt zo bij de banketbakker vandaan en Dylan zingt al een kleine twintig jaar als een train wreck. Er zijn ergere dingen. De vraag is nu natuurlijk; wie heeft dan de ideale combinatie in huis? Ik zeg: Adele.’

Margriet of Linda?

‘Wat ik ook zeg, de kwoot begint aan een luidruchtige en lange mars op sociale media en als ik pech heb, word ik straks uitgenodigd voor zeven appgroepjes voor nazorg en exegese, of ik wel heb bedoeld wat er stond of misschien precies het omgekeerde. Ik doe aan geen enkel sociaal medium, rust is het enige dat mij kan redden.

Deze aflevering kwam tot stand via e-mail.

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.