Reportage

'Het is heel belangrijk om gave sokken aan te hebben'

Wielergroepjes zijn elk weekend een onontkoombaar verschijnsel in het straatbeeld. Fietsen moet vooral leuk zijn voor deze zondagsrijders.

Beeld Erik Smits

Pooh, effe lekker niks

Nynke de Jong (30): 'We fietsen bijna elk weekend, en minstens één keer doordeweeks. Tom en Carola carpoolen altijd naar hun werk in Nunspeet, en op de terugweg appen ze dan: 'Wordt er nog gefietst vanavond?' Dan laten wij meteen alles uit onze handen vallen en gaan we fietsen, 's avonds zo'n 50 kilometer, in het weekend gaan we makkelijk de 100 voorbij.

Op dit moment heet ons groepje 'Pooh, effe lekker niks'. Een collega van Tom, Carola en Ellen bij Shimano zei dat altijd als er een ongemakkelijke stilte viel. Het werd een running gag in onze groep. Eerder heetten we Gruppetto Miranda XXL, naar de seksshop op de Amsterdamsestraatweg waar we startten.

Tom of Joris zoekt meestal de route uit. Dat de mannen de route bepalen is meteen ook het enige stereotype bij ons. Marit en Carola zijn ex-wedstrijdrijdsters, die zijn ijzersterk. Bij ons hoeven de mannen de vrouwen echt niet uit de wind te houden.

Beeld Erik Smits

Samenstelling

Aantal fietsers: 2 mannen, 4 vrouwen
Leeftijd: 26-30
Standplaats: Utrecht
Fietsen samen sinds: vorig jaar
Vertrek: wordt via WhatsApp bepaald

We gebruiken allemaal de Strava-app en daarmee houden we goed in de gaten wie hoeveel heeft gefietst en hoe hard het ging. Door deze mensen ben ik op een prettige manier een stuk fanatieker geworden. We zien er ook allemaal gesoigneerd uit, het is heel belangrijk om gave sokken aan te hebben. 'Look pro, go slow' is het devies. Daaraan merk je toch wel dat er veel meiden in onze groep zitten, hoewel die niet bepaald langzaam gaan.

We fietsen rond de 30 km per uur gemiddeld, zodat er ook nog een beetje gekletst kan worden. Mede daardoor zijn we in korte tijd een hechte vriendengroep geworden. We hebben altijd goede gesprekken op de fiets. We werken allemaal hard, en we houden elkaar in de gaten. Hoe gaat het met je, zit je lekker in je vel, werk je niet te hard? Dat zijn dingen die op de fiets worden besproken. Misschien gaat dat op de fiets wel makkelijker omdat je elkaar niet aankijkt tijdens het praten.'

Gentlemen's Cycling Society

Igor Tiemens (38): 'Ooit werkten we allemaal bij Poppodium Gigant in Apeldoorn, maar we gingen allemaal een andere weg. Ik had een tweedehands racefiets gekocht en wat rondgevraagd bij oud-collega's, en toen bleek dat bijna iedereen een fiets in de schuur had staan. We fietsen vaak op De Hoge Veluwe, meestal ongeveer 75 kilometer. De groep bestaat nu uit twaalf mannen en één vrouw. Zij heet op zondag Joep. Joep is de enige van de groep die alle Alpenreuzen heeft bedwongen: de Ventoux, Alpe d'Huez, de Galibier, Izoard, ga zo maar door.

We doen geen wedstrijdjes de Posbank op, we sprinten niet bij plaatsnaamborden. Volgens mij zijn er twee soorten amateurs. Je hebt de liefhebbers van de voorjaarskoersen, de romantici. Die houden van de verhalen, genieten, en drinken na afloop een borrel. En je hebt de liefhebbers van grote ronden, de pragmatici, die competitief zijn en voor hoge gemiddelden gaan. Wij zijn romantici.

Beeld Erik Smits

Samenstelling

Aantal fietsers: 12 mannen, 1 vrouw
Leeftijd: 25-44
Fietsen samen sinds: september 2013
Standplaats: Apeldoorn
Vertrek: zondag om 10 uur, bij de grote oranje fiets bij Omnisport

We komen niet terug met gemiddelden van boven de 30, maar we nemen onszelf wel serieus. Bijna iedereen heeft inmiddels een nieuwe fiets gekocht en we voeren discussies over 23 of 25 millimeter bandjes, groepen, het trapritme. Er wordt commentaar geleverd: 'Hé Chris, trap eens wat lichter.' 'Schakelen is voor mietjes', zegt Chris dan. We overleggen ook over kleding en voeding. Voor we vertrekken zijn er discussies over wel of geen regenjasjes, beenstukken of niet. We noemen onszelf de Gentlemen's Cycling Society, ook omdat wielrenners een slechte naam hebben bij medeweggebruikers. Wij proberen ons als gentlemen te gedragen. Als we inhalen, tellen we af. De eerste die passeert zegt: 'Nog vijf!', de volgende: 'Nog vier!' En de laatste: 'Ik ben de laatste!' Dat wordt op prijs gesteld door mensen met trapondersteuning. We groeten ook altijd andere groepjes, en als we een toertocht rijden, bedanken we alle vrijwilligers die langs de weg staan.'

De Gladiolen

Marleen Dohle (59): 'Eenentwintig jaar geleden besloten twee vriendinnen die allebei van fietsen hielden een oproep te plaatsen in een huis-aan-huisblaadje. Daar hebben mensen op gereageerd en zo ontstond VOF (Vrouwen Op de Fiets) De Gladiolen. Inmiddels hebben we zelfs een wachtlijst. Om veiligheidsredenen vinden we zestien het maximum.

Er wordt onderweg veel gekletst, je hoort ons van verre aankomen. Per keer is er iemand die de route bepaalt, en die geeft ook aanwijzingen, zodat we niet over elkaar heen buitelen bij een kruispunt. We fietsen meestal eerst met wind tegen, en op het dieptepunt draaien we het stuur om en gaan we met de wind in de rug weer richting stad. Laatst wist iemand een heel mooi veld met wilde orchideeën in Drenthe. Flexibel als we zijn, koersen we daar dan heen, ondanks de noordenwind.

Ons seizoen begint altijd op de eerste dinsdag nadat de zomertijd is ingegaan. Daar hoeven we niets over af te spreken, iedereen is er dan. We willen voor het donker terug zijn in de stad, dus hoe langer de dagen, hoe langer de tochten. We beginnen en eindigen het seizoen met een rondje Garnwerd, dat is zo'n 30 kilometer, en rond 21 juni fietsen we de langste tochten, dan maken we 80 kilometer op een avond.

Onlangs is de contributie verhoogd van 5 naar 10 euro per jaar. Dat gaat hoofdzakelijk op aan ijs, het is altijd een sport om bij mooi weer een zuidelijke route uit te stippelen en bij de ijsboer in het Drentse Norg langs te gaan. Maar we hebben een ijsjesvleugel en een niet-ijsjesvleugel, dus het is altijd even loeren wie erbij zitten.

Als we onderweg een technisch probleem hebben, komen we er altijd uit. Er zijn onder ons een paar keien in het repareren van fietsen. We hebben wel eens gehad dat we langs de weg stonden met een fiets op de kop, en dat een stel mannen stopte om te helpen. Aardig hoor, maar we lossen het zelf wel op.'

Beeld Erik Smits

Samenstelling

Aantal fietsers: 16 vrouwen
Leeftijd: 51-62
Fietsen samen sinds: 21 jaar
Standplaats: Groningen
Vertrek: dinsdag om 19 uur, bij het basketbalveldje in het Noorderplantsoen

De Spakenridders

Ebbo Clerkx (68): 'Het begon 25 jaar geleden met vier of vijf mannen die elkaar kenden uit Zuiderwoude en Monnickendam. Ze gingen op woensdagavonden een stukje fietsen. Het groepje is uitgedijd, want iedereen kende wel iemand die ook wilde fietsen.

We noemen onszelf De Spakenridders, maar ons zelfverzonnen toverwoord is 'Nubdek', een afkorting van 'Negen uur bij de kerk'. De term is een eigen leven gaan leiden, het staat ook op onze shirtjes. We fietsen meestal een vast rondje van zo'n 80 kilometer, vanuit Monnickendam via Purmerend en Schermerhorn richting Hoorn en dan langs de dijk via Edam weer terug. En soms een afwijkend rondje naar Bloemendaal. Als de wind ongunstig staat, gaan we richting Weesp en Abcoude.

Beeld Erik Smits

Samenstelling

Aantal fietsers: 13 mannen
Leeftijd: 35-72
Fietsen samen sinds: ongeveer 25 jaar
Standplaats: Monnickendam
Vertrek: zondag om 9 uur, bij de grote kerk

Het leeftijdsverschil binnen onze groep is vrij groot, en het krachtsverschil ook. Het is wel eens een strijd tussen gezellig fietsen op een tempo waarop iedereen kan meekomen, of elkaar eraf fietsen. Ik heb lang geleden een wedstrijdlicentie gehad als liefhebber, en bij trainingsrondjes was het dan spurten bij elk plaatsnaambord. Niet iedereen zit daarop te wachten. Toen we niet meer allemaal tegelijk thuiskwamen maar de laatste kilometers in brokjes, hebben we besloten na het sprinten op elkaar te wachten.

We waren allemaal fanatiek, maar met het oplopen van de leeftijd zijn er een paar die vinden dat we het rustiger aan moeten doen. Ik ben daar een van. Je moet niet tot je 72ste te fanatiek blijven. Dan helpt fietsen niet meer voor je gezondheid, maar ben je aan het afbreken.

Dertig jaar geleden kon je op zondagochtend fietsen zonder dat je een andere wielrenner tegenkwam, nu stikt het van de wielrenners. Het blijft een enorm genoegen om clubjes met jongere wielrenners in te halen. We halen de 28 kilometer per uur gemiddeld altijd, en vaak ook de 30 wel. Niet verkeerd voor oude mannen, toch?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.