'De liefde bracht me naar Zweden maar liet mij ontgoocheld achter'

Vakantieliefde

Ze ontmoetten elkaar op vakantie. Het werd liefde. Wat volgde er? En hoe kijken ze daar nu op terug? Vandaag: Nicolien (48) en Mats (55) en de zomer van 2001.

Foto Tzenko Stoyanov

Nicolien

'Hij was een gespierde Zweed van 39, zes jaar ouder dan ik en wat me vooral voor hem innam was zijn belangstelling voor mij. Een man die de kunst van het vragen stellen verstond. Het was 2001 en midzomernachtfeest. Ik logeerde bij een vriendin en met zijn allen dansten we rond het met klimop behangen kruis van berkenhout, midden in de natuur. Er stond een grote tafel vol ingelegde haring, we speelden Kubb met houten blokken en te midden van al die vrolijke mannen en vrouwen ontdekte ik hem.

Hij wilde weten wie ik was en waar ik vandaan kwam. Hij was nooit in Amsterdam geweest en vroeg zich af hoe het leven daar was, en tegen middernacht toen de zon nog altijd niet onder was, liepen wij samen de bossen in en even later zoenden we in zijn auto. Nu denk ik, ik viel op hem omdat hij me deed denken aan mijn kort ervoor overleden vader en omdat hij het tegenovergestelde was van de man met wie ik het net had uitgemaakt. Die andere man was fijnbesnaard met gevoel voor kunst en eten, Mats was een kerel, mannelijk en nonchalant. Ineens was ik ervan overtuigd dat dit de weg voor mij was. Deze man uit Solna in Stockholm was degene met wie ik weer gelukkig zou kunnen worden. Toen hij mij de dag erna naar het vliegveld bracht, beloofde hij contact te houden.

Ik weet niet wat ik behalve geluk precies verwachtte. Misschien wel niks en liet ik me leiden door een mistige verliefdheid die nu eenmaal weinig coherente gedachten toestaat en was ik gewoon blij om na een wiebelige tijd in mijn leven weer verliefd te zijn. Ik zag weer perspectieven en als die in Zweden lagen, oké, dat moest dan maar. Ik bracht er al jaren mijn zomervakanties door.

Een paar maanden lang hadden Mats en ik dagelijks telefonisch contact. We spraken over wat ons bezighield en maakten plannen en tijdens een vakantie in Sardinië een jaar later besloten we de grote stap te wagen. In oktober zou ik verhuizen naar Stockholm. De avond van mijn afscheidsetentje met vrienden in Amsterdam huilde ik, maar toen ik aankwam en hij een cadeautje bij zich had, een lampje van keramiek voor de lange Zweedse nachten, wist ik dat ik de juiste beslissing had genomen. Het was uitgesloten dat ik bij hem zou komen wonen, legde hij uit. Hij had een appartement van dertig vierkante meter en sliep in een ruimtebesparende hoogslaper. Voor mij had hij het souterrain van vrienden geregeld. Ik had weinig keuze.

Daar zat ik ineens. Een half uur met de metro van het centrum in een klein kamertje met een douche en keuken die ik deelde met mensen die ik niet kende. Het werd winter. De nachten begonnen om drie uur 's middags en eindigden pas om negen uur de volgende dag en op straat keek niemand elkaar aan. Het was of iedereen in Zweden in zijn eigen wereld leefde, die zich noodgedwongen binnenshuis afspeelde omdat het winter was. De liefde had me naar Zweden gebracht, maar mij vervolgens ontgoocheld achtergelaten in de eeuwige nacht. Ook al deed ik mijn best met een cursus Zweeds en vond ik al snel een baan, het contact met Mats verliep stroef. Het begon tot mij door te dringen dat hij nooit eerder een vaste verhouding had gehad. Hij had altijd een bijzondere voorkeur gehad voor langeafstandsvriendinnen, en misschien niet helemaal toevallig.

Een van de dingen waarvan ik hem als zijn nieuwe geliefde kon overtuigen was de aanschaf van een nieuwe matras in zijn smalle bed, die de oude mottige moest vervangen. Maar veel verder reikte mijn invloed niet. Mats maakte geen enkele aanstalten een appartement te zoeken voor ons samen.

Ineens raakte de vaart uit mijn gedroomde nieuwe leven. In zekere zin was het aandoenlijk hoe hij worstelde met zijn liefde voor mij die echt was, dat merkte ik aan alles, en zijn onwil of onvermogen zijn oude leven op te geven. Hij hield van me, maar bleef vasthouden aan zijn whiskyavonden met de jongens, hun filmavonden en de avonden waarop ze met zijn allen naar het songfestival keken. En dan zat ik in mijn souterrain te wachten tot hij belde. In een poging het goed te maken nam hij me een weekend mee naar het zomerhuisje van zijn ouders. Het vroor vijftien graden, de bossen zagen er troosteloos uit, geen spoor meer van het groen van de midzomernacht, er was geen elektriciteit en de wc bevond zich buiten. En misschien had ik daarvan de charme wel kunnen inzien, als die bittere kou niet zo duidelijk het failliet van onze liefde verbeeldde. In een deprimerend Chinees restaurant met een groot aquarium liet hij me een paar weken later verslagen weten dat we maar moesten stoppen. Ik zou hier toch nooit gelukkig worden. En hoewel hij kort daarop terugkwam op zijn besluit, is het daarna tussen ons nooit meer goed gekomen en heb ik hem nooit meer gezien.

Ik ging terug naar Amsterdam, en was zo blij met de vrolijke mensen op straat en mijn grote lichte appartement, en heb me voorgenomen nooit meer in de winter naar Zweden te gaan. Ik hoorde dat Mats getrouwd is en een kind heeft. En wat mezelf betreft: ik vond de beste man ooit, een die de eigenschappen van mijn eerste man paart aan de mannelijke eigenschappen van Mats.'

Mats

'Ik leerde Nicolien vijftien jaar geleden kennen, en ik herinner me sommige dingen, maar lang niet alles. Het was midzomernachtfeest. Ik vierde het met mijn vrienden en ineens was daar Nicolien, een vrouw uit Holland die op haar hakken nog langer was dan ik. Het is een fabeltje dat Zweden zo lang zijn, Nederlanders spannen de kroon. Ik was onder de indruk van haar want ze was niet alleen anders dan Zweedse meisjes, ze was anders dan iedereen die ik kende. Ze had iets vooruitstrevends over zich, iets new age-achtigs. We dansten onder de meiboom en ik weet nog dat ik haar wilde kussen. Het was een sterke fysieke aantrekkingskracht die ik die avond voelde. Ja, ik werd verliefd, echt serieus verliefd.

Hoewel mijn hart vol van haar was en mijn intenties oprecht waren, had ik tegelijk geen idee wat ik ermee aan moest. Ik was al 40, maar totaal onvolwassen. De paar keer dat ik een vrouw had gehad, ging het om iemand die net als Nicolien ver weg woonde. Dat kon ik aan, een paar weekendjes per jaar. Nicolien begon ik al snel eens per maand te zien. Ook dat was nog te doen voor mij. Dan richtte ik me gedurende die twee dagen op haar, en probeerde het haar naar de zin te maken. Maar zodra we elkaar te vaak zagen, begon ik me ongemakkelijk te voelen, alsof ik verantwoordelijk was voor haar geluk zonder te weten hoe ik zelf gelukkig moest worden.

Ik was toen een heel andere man dan ik nu ben. Een in mijzelf gekeerde, beetje onhandige man met het voorkomen van de eeuwige student. Besluiteloos, zonder plan. Ik liet alles maar zo'n beetje gebeuren en begreep niet dat een eenmaal uitgesproken verliefdheid consequenties met zich meebrengt. Eigenlijk was deze verhouding van het begin af tot mislukken gedoemd. Maar ook aan dat inzicht ontbrak het mij. Na twee jaar heen en weer reizen, tijdens een drie weken durende vakantie in Sardinië, hadden we het over verhuizen. Zou zij naar Zweden komen of ik naar Amsterdam? Ik was blij dat ze hierheen wilde komen. Zij was veel avontuurlijker dan ik. Ze kon logeren bij een vriendin van haar, maar ze sliep altijd bij mij en ineens woonden we samen en zag ik haar niet meer af en toe een romantisch weekend, maar elke dag.

Dat bleek een slechte beslissing, maar ik was te slap het te stoppen. Ik weet de details niet meer, maar ik weet nog wel dat het me plotseling te benauwd werd, deze verhouding was al te serieus. Te serieus althans voor mij. Ik had hechtingsproblemen. Dat durfde ik pas onder ogen te zien toen zij was vertrokken. Van het afscheid herinner ik me alleen dat het telefonisch was, geen tranen, geen verwijten. Zij zat toen al weer in Nederland. Ze wilde terugkomen als ik zover was om samen te gaan wonen. Dat was ik niet.

Toch was ik niet opgelucht toen het voorbij was, maar verdrietig. Als het met een vrouw als zij niet lukte, met wie dan wel? Ik wilde op den duur een gezin, kinderen, een huis en kon toch niet eeuwig zo door blijven klungelen. De breuk zette me aan het denken. Dankzij haar werd ik een nieuw iemand, maar daar had zij niks meer aan. Zij had nog wel willen doorgaan, maar ik kon het niet meer.

Nadat het uit was, heb ik de hulp ingeroepen van een therapeut en langzaam maar zeker kwam ik bij zinnen en werd ik eindelijk volwassen genoeg om verder te kunnen kijken dan mijn eigen behoeften. Ik ben inmiddels al weer acht jaar getrouwd, mijn vrouw heeft twee volwassen kinderen en samen hebben we een zoontje. Ik houd veel van mijn grote gezin en ben voor honderd procent toegewijd aan mijn vrouw. Dat was zonder Nicolien nooit gelukt. Soms denk ik nog wel aan haar. Dat zij degene is geweest die mij heeft geleerd dat je ruzie kunt maken en het niet eens kunt zijn, zonder dat dit meteen tot een definitieve breuk leidt. Ik ben haar dankbaar voor de rol die ze speelde in mijn ontwikkeling. Toch heb ik haar nooit meer willen zien of schrijven. Haar rol is nu alweer jaren uitgespeeld en ik hoef geen contact meer met haar. Dat zou te veel overhoop halen, ik ben juist blij dat ik eindelijk mijn leven in balans heb.'

De naam Mats is op zijn verzoek om privacyredenen gefingeerd.

Meer over