Een bericht van de Cascadia Times.
Een bericht van de Cascadia Times. © Cascadia Times

Ook plaatselijke sufferdjes maken landelijk tongen los op sociale media, blijkt uit onderzoek

Ook het plaatselijke sufferdje beïnvloedt het gesprek van de dag. Zelfs in een reusachtig land als Amerika hebben op het eerste gezicht onbeduidende, plaatselijke websites, kranten en nieuwsblogs meetbare invloed op wat men de dagen daarop bespreekt op sociale media. Dat blijkt uit een ambitieus, opmerkelijk experiment, waarbij wetenschappers de inhoud van de media mede mochten bepalen.

Dat is iets 'waar slechts weinig journalisten ooit eerder mee akkoord zijn gegaan', zien de onderzoekers zelf ook wel in. Onafhankelijke journalistieke nieuwskanalen zijn immers buitengewoon huiverig voor elke manipulatie van buitenaf. Maar Harvard-wetenschapper Gary King vond 33 kleine, plaatselijke Amerikaanse kranten en nieuwswebsites bereid een uitzondering te maken. Met King als oliemannetje, gingen de media ertoe over om gecoördineerd bepaalde onderzoeksjournalistieke verhalen te publiceren op een moment dat King bepaalde. Een 'nieuwsinjectie' waarvan Kings team vervolgens de invloed kon meten, door te bestuderen wat er de dagen daarop gebeurde op sociale media.

Uitzoekwerk

Zo'n 20 procent méér twitterberichten over het beleidsterrein in kwestie, was wat King en zijn collega's na iedere experimentele 'nieuwsbehandeling' vonden

Een batterij afspraken was nodig om de nieuwskanalen, met namen als The Progressive, News Taco en Cascadia Times, zo ver te krijgen om mee te doen. King reikte een losjes omlijnd beleidsterrein aan - abortus, voedselbeleid of immigratie bijvoorbeeld - waarna de kranten zelf een project opzetten, vaak in plukjes van twee tot vijf samenwerkende media. Het ging daarbij niet om snel nieuws van de dag, maar altijd om geduldig, gecoördineerd uitzoekwerk, vergelijkbaar met het documentendossier 'Panama Papers'. Welke artikelen daaruit precies voortkwamen, blijft geheim: onderdeel van de afspraken die King met de nieuwskanalen maakte.

Zo'n 20 procent méér twitterberichten over het beleidsterrein in kwestie, was wat King en zijn collega's na iedere experimentele 'nieuwsbehandeling' vonden. De invloed echode nog zes dagen na, zowel onder mannen als vrouwen, en zowel onder Republikeinen als Democraten. Dat is nog steeds maar een fractie van 'de twittergekte die ontstond door een nieuwe aflevering van de televisieserie Scandal', nuanceert King zelf droogjes in wetenschapsblad Science. 'Toch is het een belangrijke en substantiële toename in de landelijke beleidsdiscussie over belangrijke onderwerpen.'

Ideologisch

Opvallend is ook dat King na iedere 'nieuwsinterventie' ook een verschuiving van een paar procent signaleerde in de publieke opinie, 'in de ideologische richting die de door ons gepubliceerde artikelen overbrachten', schrijft hij. Dat onderstreept hoe belangrijk het is dat 'het medialandschap ideologisch in balans blijft'.

In Nederland zal dat vast niet heel anders zijn, denkt communicatiewetenschapper Damian Trilling (Universiteit van Amsterdam), niet betrokken bij het experiment. 'Je zou hier zelfs een nog wat groter effect van kleine regionale media verwachten, omdat ons land kleiner is', merkt hij op. Dát obscure nieuwskanalen invloed hebben, verbaast hem niet: 'Je kunt verwachten dat als kranten over een bepaald onderwerp schrijven, dat doorklinkt op nationaal niveau. Maar ik vond het effect eerlijk gezegd wel groter dan ik had verwacht'.

Hoewel sociale media een platform geven aan veel verwerpelijke geluiden, stelt het ook journalisten van talloze kleine media in staat om deel te nemen aan de conversatie

Stanford-econoom Matthew Gentzkow

In een commentaar in Science benadrukt Stanford-econoom Matthew Gentzkow dat 'robuuste en informatieve media noodzakelijk zijn voor het functioneren van een democratie'. En hoewel de populaire gedachte is dat mensen in een 'filterbubbel' leven die alleen hun eigen werkelijkheid weerkaatst, laat Kings experiment zien dat zelfs obscure nieuwskanalen die bubbel wel degelijk doorbreken, signaleert hij.

Hoopgevend, vindt Gentzkow. 'Hoewel sociale media een platform geven aan veel verwerpelijke geluiden, stelt het ook journalisten van talloze kleine media in staat om deel te nemen aan de conversatie', schrijft hij. 'De resultaten van King laten zien dat als ze spreken, er velen luisteren.'