Afscheid van een papieren instituut: De Telefoongids is overbodig geworden

Alleen carnavalsverenigingen betreuren dat

In de jaren zeventig was het telefoonboek onmisbaar in elk huis. Mobiele telefonie en internet maakten de dikke pil overbodig. De Telefoongids en Gouden Gids worden niet meer gedrukt.

'Een kletsbel.' Dat was de laatdunkende benaming die schrijver Louis Couperus gaf aan de telefoon - een vinding uit 1876. Hij maakte van die voorziening dan ook zo weinig mogelijk gebruik.

Couperus' Haarlemse collega-schrijver Lodewijk van Deyssel (1864-1952) liet de telefoon en de telefoongids helemaal onbenut omdat hij het gebruik daarvan een 'tijdrovende en afmattende aangelegenheid' vond. Hij stelde dan ook een huisknecht aan die werd geacht namens Van Deyssel de gids te raadplegen en de telefoon ter hand te nemen om korte notities ('telephoonbriefjes') van zijn opdrachtgever voor te lezen.