FOTOSERIE IJslandvaarders

Een oorbel
voor de begrafenis

Het barre leven van Belgische IJslandvaarders liet zijn sporen na, ontdekte fotograaf Stephan Vanfleteren.

FOTOSERIE IJslandvaarders

Een oorbel
voor de begrafenis

Het barre leven van Belgische IJslandvaarders liet zijn sporen na, ontdekte fotograaf Stephan Vanfleteren.

‘Niemand beseft hoe wij daar hebben afgezien’, vertelde een der overlevende Belgische IJslandvissers wier verweerde gelaat door Stephan Vanfleteren werd vastgelegd. Wie deze portretten bekijkt, gaat wél beseffen hoe die mannen hebben afgezien. Ontberingen bij lage temperaturen tekenen gezichten voorgoed. Vijftig, zestig, zeventig jaar na dato zie je nog altijd dat deze mannen de IJslandse wateren niet aandeden op pleziervaarten, maar omdat januari en februari nu eenmaal de beste maanden waren om voor de IJslandse kust kabeljauw te vangen. Niet minder dan 24 uur per dag haalden ze aan boord netten binnen, ook als ruwe golven schepen verticaal deden uitzwenken.

Voor slapen was weinig tijd en dat was sowieso lastig, want er sloegen constant brokken drijvend ijs tegen de scheepsromp. Douchen was er aan boord ook niet bij. Urineren deden de vissers, wel zo makkelijk, op het dek, want alles vroor meteen aan. In tegenstelling tot collega's die dichter bij huis visten, moesten ze regelmatig hun vingers tellen. Het gebeurde dat vissers met bevroren handen niet merkten dat ze tijdens het werk een vinger hadden afgesneden.

'IJslandvaarders waren wat astronauten van deze tijd zijn. Ze gingen naar plaatsen waar een mens niet voor gemaakt is', schrijft Vanfleteren in de fraaie poëtische tekst die zijn portrettenserie De laatsten der IJslandvissers vergezelt.

Niet veel meer dan honderd Belgische IJslandvaarders zijn nog in leven. Op de huid van zijn verweerde fotomodellen trof Vanfleteren regelmatig tatoeages aan die zij niet in de eerste plaats uit ijdelheid hadden laten aanbrengen. Wanneer een visser onverhoopt overboord sloeg en weken later ergens aanspoelde, was zo'n tatoeage handig bij het achterhalen van iemands identiteit. Ook de oorringetjes die sommige 80-plussers nog steeds dragen, dienden niet hun status in het uitgaansleven. Werd iemand op een ver strand gevonden, dan was die oorbel de betaling van de begrafenis.

Ze leden kou, ze beulden zich af, ze zagen regelmatig collega's in de golven verdwijnen - en toch vertelden veel vissers aan Vanfleteren dat ze weer naar IJsland zouden varen als ze hun leven over mochten doen, want aan boord waren geen pottenkijkers en geen vervelende regeltjes en geen discussies om niets, daar waren alleen maar kameraden met wie je zwaar werk deed. En niets wat het haalt bij een bepaald vrijheidsgevoel dat alleen de zee kan schenken. 'Ge ziet op joen eigen', zei een oud-IJslandvaarder die zijn laatste dagen slijt in een vissersrusthuis aan de Belgische kust.

‘Onze IJslandvissers’, uitgave van Hannibal Books. Gelijknamige tentoonstelling in de Venetiaanse Gaanderijen in Oostende, België van 26 junitot 7 november 2021

Volg ons