Venetië ontwaakt in een droom

De Venetianen mogen weer naar buiten en hebben hun stad nog even helemaal voor zichzelf, ziet fotograaf Nicola Zolin. Heerlijk, zo’n stad zonder cruiseschepen en rolkoffers. Of toch niet?

Venetië heeft ervaring met quarantaines, want het woord slaat op de quaranta ­giorni (veertig dagen) die ­aanmerende schepen sinds de 14de-eeuwse pestuitbraak verplicht voor de stad moesten wachten, opdat eventuele infecties aan boord zich niet konden verspreiden. Maar ondanks die eeuwenlange ervaring konden de Vene­tianen zich de afgelopen dagen maar nauwelijks bedwingen. Vooral de jongeren, die geen zomeravond meer wilden verspillen, besloten en masse naar ­buiten te gaan.

Hun samenscholingen werden ‘de ongehoorzaamheid van de Spritz’ ­genoemd, naar het favoriete drankje van de stad, en konden plaatsvinden omdat ongeveer de helft van de barretjes en res­taurants weer open was. De goede helft bovendien, want de etablissementen die doorgaans ­alleen toeristen serveren, hielden hun deuren wijselijk gesloten.

Het gevolg, zo zag fotograaf ­Nicola Zolin, was een stad zonder cruise­schepen en diepvriespizza’s, maar met baccalà mantecato en Aperol Spritz. Het was als een droom. Althans, in volkswijken als Cannaregio en Castello was het als een droom. In het historische centrum leek het meer op een nachtmerrie.

Venetië is naast de mooiste stad ter wereld namelijk ook een van de vreemdste. Elk jaar trekt de bijna gekmakende schoonheid weer meer toeristen aan, waardoor de steegjes elk jaar weer wat drukker worden, en er elk jaar meer bewoners besluiten te verhuizen, omdat ze helemaal kierewiet worden van de ratelende rol­koffertjes. Sinds de pestuitbraak van 1630 is de bevolkingsafname niet zo sterk geweest als de afgelopen jaren, waardoor de verhouding tussen ­lokale bevolking en toeristen nergens ter wereld zo disproportioneel is als in Venetië: tegenover elke Venetiaan lopen er gemiddeld 84 toeristen door de steegjes van de stad.


Jarenlang gingen de gesprekken daarom over hoe ze die 84 konden wegjagen uit hun centrum, maar nu het eindelijk zover is, nu al hun dromen en wensen zijn uitgekomen, ­Venetië eindelijk op zijn aangenaamst is, blijkt ook opeens hoe zwaar het gemis weegt van die 3 miljard jaarlijkse toeristeneuro’s, en zijn de ­gesprekken weer omgeslagen. Opeens klinkt overal in Venetië de vraag: hoe kunnen we die ­toeristen ­teruglokken?