Stijlvast Tycho van Galen

‘Volgens mijn huisgenoten ben ik een continue modeshow

Al op jonge leeftijd moedigde de vader van Tycho van Galen (25) hem aan in de mode te gaan werken, maar het zelfvertrouwen ontbrak. Toen hij eenmaal als stagiair binnenstapte bij een maatpakkenwinkel, wist hij echter precies wat hij wilde: leren aanmeten. ‘Ik hoop altijd dat de klant mijn advies ter harte neemt.’

‘In Nederland kennen we vooral het degelijke, blauwe pak. Terwijl een pak zoveel meer kan zijn. Pakken die ik zelf draag moeten me een krachtigere uitstraling geven en gunstig zijn voor mijn figuur. Ik ben van nature wat kleiner en slanker. Een goedzittend pak met flinke schouders, een hoge taille en wat lossere pasvorm is complementair aan mijn lichaamsbouw – én aan mijn karakter.

‘Ik kijk veel naar muziekvideo’s en series uit de jaren tachtig. Miami Vice, David Bowie, Duran Duran, het zijn stuk voor stuk inspiratiebronnen. Vooral Bowie is een stijlicoon voor mij. Iemand als Prince is misschien niet helemaal mijn stijl, maar hij is geniaal in zijn stijlvastheid en ik bewonder zijn extravagantie.

‘De vorm van een kledingstuk en het silhouet van mijn totale look zijn cruciaal. Afgezien daarvan vind ik dat je gerust moet kunnen experimenteren met kleuren, stoffen en trends. Momenteel zit ik in een fase waarin ik graag bruin-beige pakken draag, dé kleuren van deze zomer. Ik kies ook graag voor een double-breasted jasje, zodat ik wederom net wat meer die kracht uitstraal waar ik het eerder over had.

‘Eerlijk, een pantalon vind ik gewoon écht heel comfortabel zitten. Bovendien kun je die veel beter aanpassen aan het seizoen dan bijvoorbeeld een spijkerbroek, omdat hij van meer stoffen gemaakt kan worden. In de zomer draag ik graag een linnen model, in de winter juist broeken van een dikkere stof, zoals flanel. Ik koop, als ik de gelegenheid krijg, ook graag speciale materialen in buitenlandse stoffenhuizen, in Italië, Engeland of Frankrijk bijvoorbeeld.’

Stagiair

‘Het helpt dat ik echt wéét hoe een goed maatpak in mekaar steekt, omdat ik al een paar jaar werk als tailor bij maatpakwinkel Michael & Giso. Ik kwam daar binnen als stagiair en zei tijdens een van de eerste gesprekken al: ik wil leren aanmeten. Mijn bazen wisten aanvankelijk niet wat ze daarmee aan moesten; wie is dit jonge gastje, die meteen zegt wat-ie wil doen? Ik ben blij dat ze me uiteindelijk hun vertrouwen hebben durven geven.

‘Natuurlijk maakte ik in het begin fouten. Pakken juist aanmeten, dat is oefenen, fouten maken en daarvan leren. Het grootste compliment dat je als tailor kunt krijgen, is als de klant zegt zich zelfverzekerder te voelen in zijn maatpak en er écht blij van wordt.

‘Wat ik enorm zonde vind, is dat de Nederlandse man – die doorgaans wat zwaarder gebouwd is – vaak in de veronderstelling is dat een pak met een Italiaanse, wat strakkere snit de juiste keuze is. Of dat mannen die lang zijn, graag een ingekorte pantalon willen dragen. Dat ziet er toch wat knullig uit. Uiteindelijk is het natuurlijk aan de klant, maar ik hoop toch altijd dat die mijn advies ter harte neemt.’

Modeshow

‘Op mijn vijftiende, zestiende moedigde mijn vader me al aan om in de mode te gaan werken. Toch heeft het nog wel even geduurd voor het zover was. Zelfvertrouwen speelt daarbij een rol, dat komt tenslotte met de jaren. Ik vond het vroeger belangrijk hoe anderen over mij dachten, nu maakt dat me niet meer uit.

‘Mijn huisgenoten vinden mijn stijl superleuk. Eentje zegt continu naar een modeshow te kijken. Ook klanten merken mijn stijl in positieve zin op. Tegelijkertijd zeggen ze: ik weet niet of ik dat zou durven, me zo uitgesproken kleden. Mijn vader, die zelf niet van de pakken is, herkent dan weer de jarentachtigelementen in mijn stijl – toen hij mijn huidige leeftijd had. Dat vindt-ie mooi.’

‘Dit is wie ik ben, dus dit is hoe je het krijgt’: lees hier alle interviews uit deze Stijlvast-reeks.