REPORTAGE BRAZILIAANSE AMAZONE

Het vuur
is weer onderweg 

De Braziliaanse Amazone brandt misschien nog wel meer dan vorig jaar. Voor het toeristische dorpje Alter do Chão is het zeker dat het vuur komt in de droge maand september. En wie durft het dan te blussen? Niet de brandweer. Die is aan banden gelegd met een aanklacht – van brandstichting. 

REPORTAGE BRAZILIAANSE AMAZONE

Het vuur
is weer onderweg 

De Braziliaanse Amazone brandt misschien nog wel meer dan vorig jaar. Voor het toeristische dorpje Alter do Chão is het zeker dat het vuur komt in de droge maand september. En wie durft het dan te blussen? Niet de brandweer. Die is aan banden gelegd met een aanklacht – van brandstichting. 

‘In het centrum van Brazilië brandt het regenwoud al en het vuur is op weg naar het noorden.’ De donkere ogen van Bruna ­Bichara (36), vrijwillige brandweervrouw in het dorp Alter do Chão aan de Tapajós-rivier in de Amazone, kijken afwisselend moedeloos en boos. ‘We willen vechten tegen het vuur’, zegt ze van achter haar groene mondkapje. De vraag is of dat kan dit jaar.

‘Ik had achteraf twee dagen koorts, de temperatuur van mijn bloed was gestegen.’

Bruna Bichara

Brandweervrouw

In de eerste tien dagen van augustus brandde de Braziliaanse Amazone op 10.136 plekken, 17 procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar. Greenpeace analyseerde overheidsdata en trok de conclusie dat Brazilië dit jaar mogelijk een nog grotere milieucrisis doormaakt dan vorige zomer, toen de wereld in afschuw toekeek hoe het vuur woedde in het oerwoud.

Maar dit jaar is de wereld in zichzelf gekeerd, worstelend met de coronapandemie. Ook in Brazilië is het vuur slechts een extra zorg boven op de covidstatistieken, een kelderende economie en een diepe politieke crisis. De Amazone brandt in relatieve mediastilte.

‘Cariben in de Amazone’

Alter do Chão is een kneuterig dorp met zesduizend inwoners in de noordelijke deelstaat Pará. Het toeristische plaatsje staat bekend als ‘Cariben in de Amazone’: witte stranden grenzend aan het Lago Verde, zoetwater altijd op de juiste verfrissende temperatuur en rond het meer een diepgroen tropisch woud en wilde savanne. De charme van het dorp is tegelijkertijd zijn valkuil: het toerisme doet grondprijzen stijgen en lokt landdieven naar de ongerepte natuur.

Bruna Bichara is een van de brandweerlieden die hier in september vorig jaar dagenlang vochten tegen het vuur. ‘Ik had achteraf twee dagen koorts, de temperatuur van mijn bloed was gestegen.’ Haar brigade werd in 2017 opgericht door vier jonge vrienden, twintigers en dertigers die in Alter do Chão een nieuw leven hadden gevonden ver van de hectiek van Braziliës miljoenensteden.

De vier werden in november, twee maanden na de grote brand, opgepakt op verdenking van brandstichting. Ze zouden het vuur hebben aangestoken om ­videobeelden te kunnen maken voor internationale geldwerving. De rechter moet nog uitspraak doen.

De ogenschijnlijk vergezochte aanklacht kwam niet geheel uit de lucht vallen. Linkse activisten behoren tot de favoriete vijanden van de rechtse president Jair Bolsonaro. Nog voor de brand in Alter do Chão beweerde Bolsonaro al dat ngo’s en milieuactivisten verantwoordelijk waren voor de vele branden die in de Amazone. Hij bestempelde de aanwezigheid van internationale milieuorganisaties bovendien als buitenlandse inmenging.

Zeldzame savanne

Bolsonaro vindt de economische ontwikkeling van Brazilië zwaarder wegen dan natuurbehoud. Hij schroefde de bescherming van inheemse bewoners en hun reservaten terug, versoepelde milieuregels en laat illegale houtkap onbestraft. Sinds zijn aantreden hebben landbouw en grondstofwinning in het regenwoud een vlucht genomen. Uit satellietbeelden van onderzoeksinstituut INPE blijkt dat tussen augustus 2019 en juli dit jaar de Amazone 28 procent meer is gekrompen dan in dezelfde periode daarvoor.

Met het droge seizoen in aantocht hangt het proces tegen de vrijwillige brandweermannen als een eerste zwarte rookpluim boven Alter do Chão. Wanneer straks het vuur weer komt – dat het komt, is zeker – wie durft het dan nog te blussen?

De branden zetten vorig jaar ook Capadócia in lichterlaaie, een zeldzaam stukje savanne in de Amazone, slechts een kort boottochtje van Alter do Chão verwijderd. Dicht regenwoud maakt hier plaats voor een wild begroeid bomen- en grasland, een paradijs voor slangen, insecten en tropische vogels.

Het natte seizoen bracht het groen terug in de savanne, maar de basten van de bomen zijn nog zwartgeblakerd. In juli is de regen gestopt, in augustus zakt de Tapajós naar zijn lage niveau, in september volgt de echte hitte.

Capadócia is het onderzoeksterrein van ecoloog Clarissa Alves de Rosa (35), verbonden aan Amazone-instituut INPA. Ze draagt stevige schoenen en een afritsbroek, op haar armen tatoeages van een vlinder en een slang. ‘De savanne brandt elk jaar’, zegt ze. ‘Vuur is niet het probleem. Ik maak me altijd zorgen over wat er na de brand komt.’

Een roodkopgier zweeft met gespreide vleugels over de bomen, in de klamme stilte zingen vogels en zoemen insecten. Alves de Rosa onderzoekt onder andere ‘de dynamiek van het vuur’. Natuurlijke branden voorkomen dat de savanne geheel dichtgroeit, vertelt ze, het regenseizoen doet het gebied weer opleven.

Landdieven

Maar zo groot als het vuur was in september vorig jaar, zo had ze het nog niet eerder gezien. De hele horizon stond in brand. Dit leek niet op een vuur dat op natuurlijke wijze was ontstaan. ‘Ik kan er niet veel over zeggen, ik sta ver af van het politieonderzoek.’ Nog meer dan van de brand schrok ze van wat ze daarna aantrof tussen de smeulende bomen. ‘Toen we teruggingen om onze onderzoeksapparatuur op te halen, zagen we plots markeringen van grileiros, van landdieven.’

De term grileiros is afgeleid van grilo, de krekel, een handig beestje voor wie een document wil vervalsen. Een vers geprinte eigendomsakte lijkt jaren oud na een dag in een doos met poepende krekels. Nadat ze hun paal­tjes hebben geslagen in een maagdelijk stuk Amazonegrond beroepen de grileiros zich vaak op zogenaamd decennia oude eigendomspapieren.

Sinds het vuur van september komt Alves de Rosa niet meer zonder begeleiding in het gebied. ‘Ik voel meer gevaar.’ Hier op een paar honderd meter van het Lago Verde tussen het verse groen is geen spoor te bekennen van de landdieven. Maar de bestuurder van de boot wil niet verder landinwaarts, hij is bang voor een confrontatie. ‘Ze hebben wapens.’

‘Vuur is niet het probleem. Ik maak me altijd zorgen over wat er na de brand komt.’

Clarissa Alves de Rosa

Ecoloog

Vrijwillige brandweervrouw Bichara heeft een sterk vermoeden wie de grileiros zijn die na het vuur hun slag sloegen in de savanne. Ze verdient haar geld als architect en planoloog, op een kaart tekende ze met rode cirkels hoe bouwprojecten steeds meer ruimte innamen. ‘Deze cirkel is de nieuwbouw tot 2010, deze 2015. En deze stippellijn is 2020’, legt Bichara uit. ‘Hier rechts, binnen de laatste cirkel, ligt Capadócia.’

‘De eigenaren zijn politieagenten.’ Bichara slikt af en toe een zin in, bang om te veel te zeggen, maar het moet er toch uit. Het verklaart volgens haar ook waarom zij en haar collega’s in het beklaagdenbankje zitten. ‘Ze zetten paaltjes neer en plaatsen bewakers met geweren op het land. Dat is de Braziliaanse machtsstructuur: je hoeft alleen maar een document te hebben waarop staat dat jij de eerste bent.’

Ook Francisca Lima (41) zou graag meer zeggen dan ze kan. De dochter van een inheemse vrouw was al elders brandweervrouw voordat ze twee jaar geleden terugkeerde naar huis, naar Alter do Chão. ‘Het voelt beter om thuis het vuur te bestrijden. Het verschil is dat we hier vechten om de Amazone te beschermen.’ Maar de strijd ligt stil en de grileiros rukken op, zag ze met eigen ogen. ‘Het zijn er muitos, muitos, muitos, heel veel.’

‘Te koop’-bordjes

De 45-jarige Nelton is een van de nieuwkomers die in Capadócia een stuk grond kochten. Zijn kavel ligt aan het einde van een hobbelig zandpad, ver verwijderd van de stoffige stad Santarém waar hij vandaan komt. Midden in de natuur bouwt hij zijn droomhuis. ‘Je hebt hier geen vergunning nodig’, vertelt hij, terwijl zijn drie bouwvakkers een pauze nemen.

Het roet van de grote brand van vorig jaar zit nog op de bomen. Nu staan in het natuurgebied om de paar honderd meter ‘te koop’-bordjes, provisorische hekken geven toegang tot lapjes grond waar de eerste huizen en schuurtjes verschijnen. Een kavel van 20 bij 100 meter kost 20 duizend real, zegt Nelton, zo’n 3.500 euro. Over een paar jaar staat het hier vol met huizen, voorspelt hij. Wat blijft er dan nog over van de natuur die hij hier juist zocht? Hij glimlacht: tja.

Misschien wel het mooiste aan zijn nieuwe eigendom is het riviertje achter in zijn tuin. Dankzij een houten dammetje is een kraakhelder stuwmeertje ontstaan waarin glimmende visjes zwemmen. Hij stapt met blote voeten in het water en harkt de bodem van zijn natuurlijke bad. ‘Zie je die visjes? Die zijn heel populair in Europa. Voor in aquaria.’

In Alter do Chão staat een billboard met een metershoge afbeelding van president Jair Bolsonaro. De rechtse populist kreeg in 2018 ook hier de meerderheid van de stemmen. ‘Reken op ons voor de productie van voedsel en de zorg voor de Amazone’, luidt de slogan. Bolsonaro’s gezicht is opengescheurd en bedekt met verf en modder.

Het billboard staat langs de weg naar Santarém, een half uur rijden verderop, de stad met de grootste sojahaven in de Amazone. Alleen vanaf de boulevard langs het water is hier nog iets van natuur te herkennen, de donkerblauwe Tapajós schuift langs het troebele bruin van de Amazonerivier. Vanuit deze plek verscheept de Amerikaanse voedselgigant Cargill soja, ook naar Europa waar het vooral dient als veevoer.

Een deel van die soja wordt geteeld op illegale landbouwgrond in de Amazone waar bomen door vuur of machines zijn verwijderd. Vorige maand publiceerden wetenschappers in het blad Science een onderzoek naar het aandeel van (soja)boeren in de ontbossing. Slechts 2 procent van de boeren, de ‘rotte appels’, teelt illegaal, maar die kleine groep heeft veel effect: ‘Ze zijn verantwoordelijk voor 62 procent van alle potentieel illegale ontbossing.’

Buitenlandse druk

Bolsonaro ziet alle sojateelt, legaal of illegaal, als vooruitgang. In februari kondigde hij een kredietverstrekking aan voor inheemse stammen die in hun reservaten soja verbouwen. Toch is de president onder binnen- en buitenlandse druk een beetje op zijn schreden teruggekeerd. Grote Braziliaanse bedrijven en financiële instellingen waarschuwden in juni dat Braziliës (gebrek aan) milieubeleid ten koste gaat van buitenlandse investeringen. Half juli kondigde de president een vuurverbod aan in de Amazone tijdens het droge seizoen.

De werkloze brandweerlieden in Alter do Chão hebben er weinig vertrouwen in. Sinds de gebeurtenissen van vorig jaar hebben ze alle vertrouwen in de Braziliaanse autoriteiten verloren. Brandweervrouw Bichara kan haar opgekropte frustratie amper kwijt, zegt ze met gebalde vuist. Het liefst zou ze ook dit najaar branden blussen. ‘Ik ben hier om het vuur uit te maken. Ik kan niet toekijken hoe de boel afbrandt.’

‘Het voelt beter om thuis het vuur te bestrijden. Het verschil is dat we hier vechten om de Amazone te beschermen.’

Francisca Lima 

Brandweervrouw

Ze zucht. Ze weet dat de kans klein is dat ze dit ­droge seizoen in actie komt. De vrijwillige brandweer is in afwachting van de rechterlijke uitspraak opgeschort, het materiaal ligt achter slot en grendel en in het dorp kleeft het stigma nog aan de brigadistas. ‘Vorige week zei een jongen in het dorp zomaar tegen een paar toeristen: kijk, die vrouw is van de brigade, zij zijn veroordeeld.’

Volg ons