REPORTAGE Lokale verkiezingen Roemenië

Drama in nachtclub zit altijd in Voiculescu’s gedachten en daarom is hij nu verkiesbaar

Vijf jaar geleden kwamen bij een gruwelijke brand in een nachtclub in Boekarest 27 jongeren om het leven. In de weken erna stierven nog eens 38 mensen door een bewust fout geproduceerd desinfectiemiddel. Vlad Voiculescu (toen 33) werd ingevlogen om als minister de corruptie in de zorg aan te pakken. Zondag wil hij bij de lokale verkiezingen in Roemenië viceburgemeester van Boekarest worden. 

Tien over acht in Boekarest, een zachte zomeravond. Vlad Voiculescu heeft haast. Over twintig minuten moet hij bij een tv-studio zijn voor een live-praatprogramma. Een korte blik op zijn gsm, oei, het is al laat.

Politici in Roemenië heb je in allerlei soorten, maar er is er vermoedelijk maar één zonder auto, en die staat op deze maandagavond naar de nummerborden te turen. Voiculescu heeft een Uber besteld. Zijn witte overhemd steekt af tegen de invallende duisternis, een blauw jasje hangt nonchalant aan één wijsvinger. Niet dat hij echt zin heeft in de talkshow. ‘De presentator is een eikel.’

Vlad Voiculescu

In een jakkerende taxi gaat het door de straten. Op weg naar de studio, op weg naar de verkiezingen van deze zondag. Dan mogen de tweeënhalf miljoen inwoners van de Roemeense hoofdstad – net als de rest van het land – een nieuwe gemeenteraad en een nieuwe burgemeester kiezen. Voiculescu, pas 37, is licht favoriet om viceburgemeester te worden, ondanks een campagne die hij naar eigen zeggen stomvervelend vindt. ‘Ik voel me leeg door al dat gepraat. Ik wil shit gedaan krijgen.’

Een voorproefje van die shit kregen Roemenen vier jaar terug, toen Voiculescu ruim een half jaar lang interim-minister van Volksgezondheid was. Met een jong team dat nog het meest leek op een hippe start-up nam hij het op tegen – in zijn woorden – de ‘octopus van de corruptie’.

De tentakels van die corruptie reiken diep, héél diep als het gaat om de gezondheidszorg, die geldt als de slechtste van de Europese Unie. Eén op de vijf Roemenen zegt smeergeld te betalen aan zijn of haar arts (ter vergelijking: het EU-gemiddelde is volgens Eurobarometer 4 procent). ‘En er is nepotisme’, zegt Voiculescu, in 2018 medeoprichter van de kleine liberale partij Plus. ‘Baantjes in de staatsziekenhuizen gaan altijd naar een zoon, een schoonzoon, of een maîtresse.’ Het gevolg is dat zeker 15 duizend artsen en verpleegkundigen het voorbije decennium de wijk namen naar West-Europa.

Aangekomen bij de tv-studio wandelt de oud-minister richting de schmink, vergezeld door een verbaasde producer (‘Bent u echt met een Uber gekomen?’). Eigenlijk wilde Voiculescu de baas worden in Boekarest, maar na een deal met zusterpartij USR nam hij genoegen met plek twee, mits hij - als viceburgemeester – zijn begeerde portefeuille terug zou krijgen: de ziekenhuizen.

In studio 2 krijgt hij een zendertje. ‘Mijn werk zit er nog niet op’, zegt Voiculescu als de presentator van Jij kiest Boekarest hem vraagt zijn kandidatuur toe te lichten. ‘Ik wil de ziekenhuizen de 21ste eeuw binnenloodsen.’

Drama in nachtclub Colectiv

Het probleem van zijn ministerschap was de tijd: zeven maanden bleken te weinig om echt schoon schip te maken. Je leest het af aan zijn onthutste gezicht in de documentaire Colectiv, vorig jaar te zien op het documentairefestival IDFA in Amsterdam. ‘90 procent van dit ministerie is compleet gedemotiveerd en corrupt’, stamelt Voiculescu. ‘Ze geven er gewoon geen fuck om.’

In de kern draait de documentaire om één van de grootste politieke crises in Roemenië van de laatste decennia. Op de avond van 30 oktober 2015 ging er iets gruwelijk mis bij een concert van rockband Goodbye to Gravity. Het concert in nachtclub Colectiv sloot af met vuurwerk, het dak vatte vlam, en omdat er geen nooduitgangen waren, verbrandden veel bezoekers levend. 27 mensen, overwegend twintigers, kwamen om.

De grootste ramp moest toen nog komen. Bestuurders en artsen bluften dat de brandwondenzorg in Roemenië tiptop was, ‘zo goed als in Duitsland’. Het vervoeren van de gewonden naar (beter uitgeruste) ziekenhuizen in Oostenrijk of België vonden ze niet nodig. In werkelijkheid liepen tientallen slachtoffers in hun ziekenhuisbedden bacteriële infecties op. Infecties die prima voorkomen hadden kunnen worden als de ziekenhuizen gedesinfecteerd waren.

Onderzoeksjournalisten ontdekten hoe dat zat: om meer winst te maken, had fabrikant Hexi Pharma de werkzame stof in de desinfecteermiddelen verdund tot eentiende van de norm. Kort daarop reed de bedrijfseigenaar zich dood tegen een boom. Door de infecties klom het dodenaantal in de Colectiv-zaak naar 64 (of eigenlijk 65: een overlevende pleegde zelfmoord). Een schandaal was geboren. ‘Corruptie doodt’, scandeerden tienduizenden Roemenen die de weken daarna de straat op gingen.

Onder enorme druk stapte de regering op. Eén van de nieuwe ministers in het ingelaste interim-kabinet was een jongensachtige econoom met een montuurloos brilletje. ‘Hallo’, sprak hij op zijn eerste persconferentie, ‘ik ben Vlad.’ Naar het ministerie kwam hij bij voorkeur met de metro.

Kankermedicijn

Jaren eerder, als twintiger, had Voiculescu ontdekt dat sommige (kanker)medicijnen in Roemenië simpelweg niet te krijgen zijn. In Wenen waar hij werkte als bankier, lagen ze gewoon in de schappen van de apotheek. Met behulp van een toeschietelijke apotheker had hij een semi-geheim netwerk opgezet, waarmee de spullen naar Roemenië werden gesmokkeld. Zo’n 2.500 patiënten hielp hij op die manier aan medicijnen. ‘Als ik ze meenam in het vliegtuig en de medicijnen moest opgeven, zei ik dat ze ‘voor een neef’ waren. Sinds Adam en Eva zijn we toch allemaal neven en nichten?’ Brede lach. ‘Dat was een leugentje, maar wel een beschaafde.’

Over een maand staat Roemenië – vijf jaar na dato – stil bij het eerste jubileum van de Colectiv-brand, hetgeen de verkiezingen van dit weekeinde extra gewicht geeft. ‘Er is verdomme niks veranderd’, stelt Voiculescu vast. Een schrijnend voorbeeld is een incident van eind vorig jaar: een vrouw met inwendige bloedingen werd voorafgaand aan een operatie gedesinfecteerd met een middel op alcoholbasis. Een vonkje van het elektrische operatiemes was genoeg om de 66-jarige in brand te zetten. Ze overleed aan haar verbrandingen.

Of neem corona, dat het systeem flink op de proef stelde. Aan beschermingsmiddelen was een schreeuwend tekort, waarna – opnieuw – een minister van Volksgezondheid opstapte. Roemenië is toe aan de achtste minister in vijf jaar. Tegenover nieuwswebsite EUObserver zei een staflid uit een Roemeens ziekenhuis dat het personeel geacht werd iedere ochtend een vol rondje om het pand te lopen, zodat het zou lijken alsof ze – geheel covidproof – een andere ingang namen dan de patiënten.

Vervallen schoenenfabriek

De bedoeling is dat er financiële genoegdoening komt voor de overlevenden van Colectiv; er lopen twee rechtszaken. ‘Het zijn moordenaars’, zegt Eugen Iancu (55) over de autoriteiten. Op zijn bureau staat een fotootje van een verlegen twintiger. Alexandru was 22 en dol op gitaarspelen. ‘Als de protocollen gevolgd waren, had hij misschien nog geleefd.’ Iancu is voorzitter van een stichting voor de nabestaanden. Hij gaat op Voiculescu stemmen, zeker, maar hij zegt ook: dit is Roemenië. ‘Ieder besluit moet langs de gemeenteraad. Zelfs als hij gekozen wordt, is zijn macht beperkt.’

Op het Bucur-plein in het zuiden van de stad staat een oude, vervallen schoenenfabriek die dateert uit het communisme. Dit is waar nachtclub Colectiv stond. Er is een klein monument gekomen met de namen, plus een bord met foto’s. ‘Kijk’, zegt de bonkige Adrian Albu (43), ‘dit is mijn zus. We vierden die avond haar verjaardag.’ Hij verloor ook een nicht.

Adrian Albu

Albu, ervan overtuigd dat hij dood zou gaan, goot in een reflex bier over z’n hoofd. ‘Dan bleef mijn gezicht ongeschonden en zouden ze me kunnen identificeren.’ Hij heeft zich kandidaat gesteld als deelraadslid, vol overtuiging, want tja, negen op de tien scholen in zijn wijk hebben geen door de brandweer afgegeven brandveiligheidsvergunning. Precies als bij de nachtclub destijds.

Draaiboek ligt klaar

Voiculescu is ook naar het pleintje gekomen. Het is twee dagen na zijn tv-optreden; hij neemt een filmpje op voor zijn campagne. Mompelend: ‘Wat een afschuwelijke plek.’ Na de ramp financierde hij in ijltempo het transport van twee gewonden naar een Weens ziekenhuis. Eentje overleefde, voor de ander was het te laat. Als viceburgemeester wil hij een nieuwe brandwondenkliniek bouwen.

De rest van het draaiboek ligt al klaar. Hij krijgt negentien ziekenhuizen onder zich. Er moet een eenheid komen die patiënten gaat volgen door het zorglabyrint. ‘Zodra ze corruptie tegenkomen, weet ik ervan. Omkoping en nepotisme accepteer ik niet.’ Als het moet, zegt Voiculescu met een strak gezicht, ontslaat hij alle ziekenhuismanagers. ‘Ja, dat is een dreigement. Mijn generatie zal het vertrouwen in instituties moeten herstellen.’

Het gebouw waar tot 2015 Nachtclub Colectiv zat.

In de felle zon loopt hij de binnenplaats op van de oude schoenenfabriek. Rechts markeert een zwarte container de ingang van de nachtclub. De deur is vergrendeld met dikke hangsloten, justitie wil niemand binnen hebben. Vijf jaar na dato is Colectiv potdicht. Afgesloten. En toch ook niet.

Volg ons