quiz 

Het nieuwe groeten

Hoe waarschijnlijk is het dat je de boks of ellebooggroet gaat gebruiken  in plaats van zoenen of handen schudden? Doe de quiz en kijk wat de groet van de toekomst wordt. 

Als zijn 13-jarige zoon in de deuropening staat, houdt etiquette-expert Jan Jaap van Weering (62) zijn handen achter zijn rug. ‘Zo kom ik niet in de verleiding om hem te huggen. Ik hou vreselijk veel van hem, maar ik heb een hoogbejaarde moeder in een verzorgingstehuis die ik na tweeënhalve maand weer mag zien. Ik wil haar niet besmetten.’

Dus houden vader en zoon Van Weering het bij een militair saluut. ‘Wij vinden dat leuk.’

Naast de omhelzing zijn ook de handdruk en de zoen vanwege besmettingsgevaar bij de meeste mensen uit den boze. Voorlopig zullen de ‘de grote drie’, zoals de begroetingen vanwege hun populariteit ook wel worden aangeduid, nog niet terugkeren (zie kader ‘De grote drie’).

Wat moeten we nu? V vroeg aan vier deskundigen om zes veiliger alternatieven te beoordelen op hartelijkheid, ongemak (hoe groot is het risico dat het uitloopt op een gênante situatie?) en hygiëne (hoe groot is het risico op besmetting met het coronavirus?).

De eerste twee criteria worden besproken door Van Weering, Reinildis van Ditzhuyzen (72) en Andy Scott (42). Etiquette-experts Van Weering en Van Ditzhuyzen zijn schrijver van respectievelijk Distinguished look at en De Dikke Ditz: Hoe hoort het eigenlijk? Scott is een Britse diplomaat en schrijver van One Kiss Or Two?: The Art and Science of Saying Hello. De Britse biochemicus Dave Whitworth, die onderzoek heeft gedaan naar de bacterieoverdracht van begroetingen, buigt zich over de hygiëne. (In het kader ‘De grote drie' ook zijn oordeel over de handdruk, omhelzing en zoen, die slechter scoren.)

De vier gaan op zoek naar een nieuwe begroeting die geschikt is voor vrienden en vreemden en voor jong en oud.

Volgens Van Ditzhuyzen is het onmogelijk te voorspellen of een van deze begroetingen de status zal verwerven van de grote drie. ‘Begroetingen zijn als virussen. Ze ontstaan ineens ergens en vervolgens verspreiden ze zich, maar niemand weet precies hoe.’

Het blijft dus gissen hoe je iemand moet begroeten. Volgens Scott is het niet nodig om na een klungelig verlopen begroeting met een rood hoofd ineen te zakken. Sterker nog, wie zich daar op luchtige wijze (vergelijkbaar met: ‘O, we doen drie zoenen!’) bewust van toont, wordt gewaardeerd, zegt Scott. ‘Daarmee laat je zien dat je nadenkt over bepaalde omgangsvormen.’ Hij wijst op het zogenoemde spotlight-effect, ooit samengevat door voormalig first lady Eleanor Roosevelt als: ‘Je zou je niet zo vaak zorgen maken over wat anderen van jou denken als je je realiseert hoe zelden ze dat doen.’ Scott: ‘Meestal denken mensen niet aan jou, maar aan zichzelf.’

I

De boks

Zwarte soldaten maakten de begroeting, waarbij twee gebalde vuisten tegen elkaar ketsen, in de jaren zestig populair tijdens de Vietnamoorlog. Toen was het een variant was op de vuist van de Black Power-beweging. Nu begroeten vooral jongeren elkaar met hun knokkels, maar ook Barack Obama en de Dalai Lama zijn liefhebbers.

1 Hoe waarschijnlijk is het dat je de boks als groet zou gebruiken?

Hartelijkheid: ★★

‘Supermannelijk’, zegt Van Weering. ‘Honkballers en cricketers doen dit vaak, omdat ze door hun handschoenen geen hand kunnen geven.’ Van Ditzhuyzen heeft het ouderen nooit zien doen. ‘Een boks hoort bij ‘hoi’ en ‘hoi’ is niet formeel.’ Diplomaat Andy Scott noemt het een ‘schijnaanval’, vergelijkbaar met een klap op de schouders of andere vormen van lichte mishandeling waar vooral mannelijke vrienden patent op hebben. Door elkaar in een kwetsbare positie geen (serieuze) pijn te doen, wek je vertrouwen op.

Hygiëne: ★★★★

Een korte begroeting die contact vereist met een klein gedeelte van de hand, waarmee doorgaans niet het gezicht of andere oppervlakten worden aangeraakt, zegt biochemicus Whitworth. Vergeleken met een handdruk draagt een boks zo’n 20 procent van het aantal virusdeeltjes over. Nadeel: korte schending van de anderhalvemeterregel.

Sociaal comfort: ★★★★

Ouderen die niet bekend zijn met dit fenomeen zouden een aangeboden gebalde vuist kunnen vastpakken met hun hand, of erop slaan. Met anderen zal het meestal goedkomen, als je je vuist maar op tijd balt, zodat de ander ziet wat je plannen zijn.

II

De ellebooggroet

Voor de meesten zal de intrede dit jaar van de ellebooggroet een vreemd gezicht zijn geweest, maar volgens Andy Scott is die ‘niet zonder precedent’. In 2006 introduceerde de Wereldgezondheidsorganisatie hem, tijdens de uitbraak van de varkensgriep

2 Hoe waarschijnlijk is het dat je de ellebooggroet als groet zou gebruiken?

Hartelijkheid: ★★★

‘Merkwaardige begroeting’, zegt Van Weering. ‘Jolig en onnatuurlijk’, zegt Van Ditzhuyzen. ‘Rutte deed het tijdens een persconferentie met Van Dissel, omdat hij even niet wist wat hij moest doen. Maar verder heb ik het nog niet gezien.’ Scott: ‘Een ironische groet, net als de air kiss (luchtkus) en de luchthanddruk. Mensen hebben tijdens de pandemie wat humor nodig.’

Hygiëne: ★★★★

Pluspunt: geen handen. Minpunt: je moet dichter bij elkaar staan dan bij andere contactbegroetingen als de boks en footshake. Is de elleboog geen potentieel broeinest van virusdeeltjes, vanwege het advies daarin te hoesten en te niezen? Whitworth: ‘Dat kan een risico zijn, maar als het goed is nies je in de binnen- en groet je met de buitenkant.’ Van Weering: ‘Als je elkaar met de ellebogen aantikt, volgt een lachsalvo en gaat mogelijk een wolk van virussen die andere kant uit. Dan kan het bingo zijn.’

Sociaal comfort: ★★

De elleboog beslaat geen groot oppervlak. Elkaar precies daarop aantikken kan lastig zijn, zeker voor mensen met een matige motoriek, zegt Van Weering. ‘Goed kijken waar je stoot.’ De concentratie die de handeling vereist maakt het moeilijker elkaar in de ogen aan te kijken.

III

De zwaai

In de Middeleeuwen ontstaan als een vorm van militair salueren, zegt Van Weering, waarmee ridders hun goede bedoelingen aantoonden. ‘Zo lieten ze zien: we treden u ongewapend tegemoet. We hebben geen zwaarden bij ons, geen pistolen.’

3 Hoe waarschijnlijk is het dat je de zwaai als groet zou gebruiken?

Hartelijkheid: ★★★

‘Degelijk’, zegt Andy Scott. ‘Een zwaai, een glimlach en dan hallo. Daar is toch niets mis mee?’ Hou het bescheiden, adviseert Van Weering. ‘Als je geëxalteerd zwaait als de happening er niet naar is, kom je strapatserig over.’ Van Ditzhuyzen vindt het vooral iets voor het afscheid. ‘Daarom bestaat het woord uitzwaaien wel en inzwaaien niet.’ Voorafgaand aan een ontmoeting doet ze het alleen van een afstand, om een signaal af te geven: ‘Hallo! Ik sta hier!’

Hygiëne: ★★★★★

‘Kan worden uitgewisseld van aanzienlijke afstanden’, schrijft Whitworth, ‘verder dan de richtlijnen voorschrijven.’

Sociaal comfort: ★★★★

De zwaai hoeft niet synchroon te worden uitgevoerd. Geen gênante mistastingen dus. Maar omdat het een eenzijdige groet is, heeft de ander mogelijk niet in de gaten dat hij of zij de ontvanger is. En weinig dingen zijn ongemakkelijker dan een onbeantwoorde groet - denk maar een een high five die blijft hangen.

IV

De ‘footshake’

Een begroeting met de binnenkant van de voet. Internationaal populair: de Tanzaniaanse president Magufuli deed de footshake, waarvoor nog geen Nederlandse vertaling bestaat, met een oppositieleider. Kreeg de bijnaam Wuhanshake nadat filmpjes ervan in de Chinese stad viraal gingen. Ontstaan door corona, denkt Andy Scott. ‘Ik heb deze nooit eerder gezien.’

4 Hoe waarschijnlijk is het dat je de footshake als groet zou gebruiken?

Hartelijkheid: ★★

‘Enig, maar meer een grapje’, zegt Van Ditzhuyzen. ‘Je kijkt elkaar hierbij ook niet aan.’ Van Weering vindt het ‘geen ding’. ‘Na een footshake zal de ander zich afvragen of dit de komende tien minuten het niveau zal zijn. Zou jij een footshake doen als de koning op je afstapt?’

Hygiëne: ★★★★

Weer een handloze contactbegroeting die de anderhalvemeterregel schendt. Van Weering ziet een ander gevaar. De kans dat het misgaat is volgens hem groot, ‘met hilariteit en big hugs tot gevolg.’ Een ander - niet-medisch - bezwaar van Van Weering: ‘Stel je hebt gepoetste schoenen aan. Nadat je die van de ander hebt aangetikt, kun je weer gaan poetsen.’

Sociaal comfort: ★★

In fysiek opzicht kan dit voor ouderen een flinke opgave zijn. En de ontvanger van een ferme schop kan wankelen en uit evenwicht raken. ‘Onhandig’, zegt Van Ditzhuyzen.

V

De buiging

De traditionele groet in Aziatische landen als Japan, China, Zuid-Korea en Vietnam. Er zijn allerlei varianten. Onderscheid bestaat bijvoorbeeld tussen een gelijke buiging en een ongelijke (waarbij de minder belangrijke persoon dieper gaat). Een informele buiging is 15 graden, een zeer formele 45. De Thaise wai combineert een lichte buiging met de handpalmen tegen elkaar tegen de borst. Bij de hindoeïstische Namasté-groet gebeurt hetzelfde, maar daarbij wordt doorgaans ook namasté (‘ik buig voor jou’) uitgesproken.

5 Hoe waarschijnlijk is het dat je de buiging als groet zou gebruiken?

Hartelijkheid: ★★

‘Netjes, maar ook afstandelijk’, zegt Van Weering. ‘Een buiging is toch een beetje feodaal en kan serviel overkomen.’ Scott: ‘De afgelopen decennia zijn begroetingen steeds informeler geworden. Ik zie West-Europeanen dit niet ineens gaan doen.’

Hygiëne: ★★★★★

Zie ‘Zwaai’.

Sociaal comfort: ★★★

Eindig je met je hoofd tussen je benen? Wat voor bewegingen maak je erbij? Nederlanders zullen de buiging een onwennig idee vinden, zegt Van Ditzhuyzen. Sinds Juliana het gebaar heeft afgeschaft, doen we het zelfs niet meer voor de koning. Wie naast de buiging ‘namasté’ uitspreekt, zegt Scott, loopt het risico beschuldigd te worden van cultural appropriation.

VI

Het knikje

Het knikje lijkt op de lichte buiging: het verschil is dat bij het de eerste niet het hele bovenlichaam naar voren helt, maar alleen het hoofd. Gaat soms gepaard met een hand op de borst, vaker met een opgestoken hand.

6 Hoe waarschijnlijk is het dat je het knikje als groet zou gebruiken?

Hartelijkheid: ★★★

Minder feodaal dan de buiging, maar ook niet ideaal. Als je wilt weten hoe blij iemand is je te zien, schrijft Scott in One Kiss or Two, kijk dan naar hoeveel moeite diegene bereid is te doen om je te begroeten - hij noemt dit de inconvenience display. Zo wordt het, normaal gesproken, gewaardeerd als je iemand op het vliegveld staat op te wachten, of als je voor iemand opstaat. Naar deze maatstaf scoort het knikje, een zeer minimale inspanning, slecht. ‘Blijf er niet als een lakei of houten Klaas bij staan’, adviseert Van Weering dan ook. ‘Maar kijk er vriendelijk bij. En vind je alleen een knikje te stijf, steek er dan je hand bij op. Dan weet je opponent dat je alle eerbewijzen toont.’ Bij een eerste, formele ontmoeting heeft het knikje de voorkeur van Van Ditzhuyzen. ‘Ik knik, glimlach en zeg vervolgens: ‘We geven geen handen hè.’’

Hygiëne: ★★★★★

Zie ‘Zwaai’.

Sociaal comfort: ★★★★

Een knikje is subtiel. Daar zit gevaar, want is die té subtiel, dan is die onzichtbaar en blijft het wederknikje uit.

De grote drie

Geen enkele besproken begroeting scoort op hartelijkheid hoger dan drie sterren. Het verlangen naar de terugkeer van de hand, omhelzing en zoen is dan ook begrijpelijk. Maar wanneer gaat die ervan komen? Of zullen de veranderingen permanent blijken?

Zolang de epidemie woedt, is een terugkeer van de grote drie onverstandig. Biochemicus Whitworth geeft de zoen op het gebied van hygiëne 1 ster. ‘Kussen moet vanuit hygiënisch perspectief de slechtste begroeting zijn’, schrijft hij, ‘omdat gezichten bij elkaar moeten komen. Het gezicht is het lichaamsdeel waar virussen geproduceerd worden en het is ook waar virusdeeltjes naar binnengaan om infecties te veroorzaken’.

De omhelzing (2 sterren) is ‘slechts iets beter dan de zoen, omdat lichaamscontact lang aanhoudt en gezichten elkaar naderen’. De handdruk (3 sterren) ‘duurt relatief lang en gebeurt met gedeelte van de hand dat oppervlakken vastpakt’.

Andy Scott durft niet te zeggen of ze terug zullen keren. In het verleden hebben ze zich weerbaar getoond: na epidemieën (zeventiende eeuw), varkensgriep (in 2006) en ebola (2014) werden er in de getroffen regio’s na verloop van tijd weer handen geschud. De handdruk, zegt hij, is een bijna-universele begroeting en daarmee zeer nuttig in de geglobaliseerde wereld. Toch houdt hij een slag om de arm: ‘Het bewustzijn over de gevaren van deze begroetingen is niet eerder zo groot geweest.’ Ook wijst hij erop dat het einde van de kleffe handdruk door velen is toegejuicht.

Toen The New York Times vorige week 511 epidemiologen vroeg wanneer zij hun vrienden verwachtten te omhelzen of hun hand te schudden, antwoordde 42 procent ‘over meer dan een jaar’. Vier op de tien meenden dat het tussen de drie en twaalf maanden zou duren. Een op de twintig dacht dat het nooit meer ging gebeuren.

‘Misschien houden we wel op met die handdruk’, zegt Van Ditzhuyzen. ‘In Nederland hebben we er weinig van meegekregen, maar de afgelopen jaren was in andere delen van de wereld de ene na de andere epidemie. Als we hier vaker mee te maken krijgen, is het wellicht toch goed om China en Japan achterna te gaan met hun buigingen.’

Hoe de handdruk en drie zoenen de standaard werden

Al jaren voeren mensen actie tegen de 'Brabantse drieklapper'. En ook voor corona werd er al getwijfeld aan de handdruk. In deze analyse zoekt Paul Onkenhout uit hoe we überhaupt tot deze standaarden zijn gekomen, en waarom het ook anders kan.