Dit zijn de beste films van 2020

Doordat de grote filmstudio’s hun kostbare waar in de koelkast zetten, werd 2020 een bijzonder filmjaar, waarin een Iraanse politiethriller kon uitblinken en de Engels-Nederlandse Steve McQueen de grote winnaar werd, met een tv-film.

Wanneer is een jaar een geslaagd filmjaar? Volle bioscopen? Heel veel goede films? Weinig slechte films?

Zo begon het inleidende stukje bij onze top-25 over 2019, verkozen door de filmcritici van de Volkskrant. Wat wisten we eigenlijk, toen?

Wie of wat maken een jaar tot een geslaagd filmjaar? De om virusredenen gesloten bioscopen in elk geval niet. Wat een malheur, hopen op dertig bezoekers. Vol? Misschien maken we dat weer mee in 2021. Maar vast niet voor de zomer.

Wat moesten we lachen, daar in die afgeladen zaal (kon toen nog!) van het Hiltonhotel op het International Film Festival Rotterdam, waar de regisseur van Parasite, Bong Joon Ho, begin 2020 een masterclass gaf en zei dat hij van z’n moeder als kind nooit naar de bioscoop mocht, omdat daar te veel bacteriën rondwaren. Wat een rare moeder!

Zijn we somber? Welnee. De bioscoop overleefde de intrede van de televisie, van de videorecorder en van de streamingdiensten. Het virus mag het thuiskijken nu wat aanjagen, maar gaat ook weer voorbij. En trouwens, de Hollywoodstudio’s verdienden wel een optater, na het jarenlang vegeteren op superheldenfilms en Star Wars. Misschien verzint daar iemand eindelijk weer eens wat nieuws.

Is 2020 een aangeschoten filmjaar? Zonder het virus hadden er vermoedelijk nog wat andere titels in deze lijst gepronkt: First Cow, Nomadland, Dune, Another Round en De Oost heeft u nog te goed.

Maar de aandacht verschoof zo ook naar andere, niet per se minder fraaie, vaak wat grillige en avontuurlijke titels. Want er waren zeker niet minder, of minder goede films in 2020. Je moest ze alleen wel weten te vinden, in die wirwar van aanbieders.

Over de toppositie is wel even gedebatteerd, door de filmredactie. Een film van nauwelijks 70 minuten, gemaakt voor tv. Kon die de lijst wel aanvoeren? Ja. Om allerlei redenen, die u hieronder zult lezen.

De nummer één is elk moment te zien, gratis zelfs - als u in Groot-Brittannië bent althans, of digitaal doet voorkomen alsof u daar bent. In dat geval: koop (of leen) een beamer, leeg uw huiskamer, zoek op internet de iPlayer van de BBC en klik op Small Axe, Episode 2. (De als Small Axe verzamelde vijf films van Steve McQueen zijn in Nederland overigens uitgezonden door BBC First en worden vanaf maandag 28 december op die zender herhaald.)

We sluiten het filmjaar af met de film-Kerstboodschap van de winnende regisseur Steve McQueen, in zijn tegenover de Volkskrant uitgesproken ode aan de bioscoop. ‘Er is niets beters dan dat. De reactie van het publiek, de oehs, de aahs. Dat hele idee van met een groep in het donker zitten gaat terug tot de tijd dat we rond het kampvuur zaten, elkaar verhalen vertelden. Dat is wie we zijn. En we zijn niets zonder elkaar.’

Het huisfeest in West-Londen, 1980, oogt in 2020 plagerig herkenbaar voor iedereen die weleens zo’n feest bezocht of organiseerde. Het is de locatie van de zinnenprikkelende film die Steve McQueen maakte voor de BBC. Dankzij Lovers Rock konden we in dit jaar van feestschaarste voor de buis dagdromen over een volgepakte huiskamer waar mensen elkaar subtiel en minder subtiel aanraken; over een tuin om bij te komen van het dansen, waar terloops wordt gegeten, geflirt, gezoend; over een lange rij voor de wc, waar misschien wel de beste nieuwe ontmoetingen ontstaan. Ook al is niet elk contact per definitie prettig, tijdens zo’n nacht waarin alles kan gebeuren.

Lovers Rock, het tweede deel van McQueens Small Axe-anthologie bij de BBC, prikkelt de televisiekijker in eerste instantie met onvervulde verlangens. Via een handvol fladderige schetsjes van enkele feestbezoekers maakt de in Amsterdam woonachtige Britse filmer (Shame, 12 Years a Slave) een onverbloemde ode aan funk, soul, dub en reggae (waaronder de romantische variant van het genre, de lovers rock). Aan het belang om muziek collectief te beleven, bovendien. Het gaat vaak mis, de poging om in film de energie van een feest te vangen. Maar McQueen realiseerde de absolute filmfeestdroom, culminerend in de betoverende scène waarin de feestgangers a capella blijven doorzingen nadat Silly Games, de grote pophit uit 1979 van Janet Kay, al ruimschoots is afgelopen. Onvergetelijk ook: de man die zijn lijf niet meer onder controle heeft als de dj voor de tweede keer het hallucinante Kunta Kinte van The Revolutionaries opzet.

Wie toch filmisch vergelijkingsmateriaal zoekt, komt uit bij de gloedvolle belichting en zwierige slowmotions van In the Mood for Love, van de Hongkongse cineast Wong Kar-wai. McQueen zet die stijlmiddelen hier in om je gaandeweg in dezelfde benevelde staat te brengen als de personages. Ook klinkt in McQueens beelden de hartstochtelijk verliefde blik door waarmee de camera van Abdellatif Kechiche (La Vie d’Adèle) aan zijn personages kleeft terwijl ze eten, praten en dansen.

En dan te bedenken dat het grotendeels idyllische samenzijn in Lovers Rock geboren is uit noodzaak. Uit de behoefte een eigen plek te creëren omdat mensen van kleur in de gevestigde nachtclubs niet veilig of welkom zijn. Die vijandige, racistische buitenwereld sijpelt hier en daar door de kieren van deze nacht – al wordt de meeste narigheid buiten de deur gehouden.

Daar schuilt de ware kracht van de film. Het bewustzijn van de wereld buiten de bubbel, maakt de bubbel in Lovers Rock zo mooi, fragiel en belangwekkend. BJB

We kennen de journalistieke klassieker All the President’s Men als boek en als speelfilm, met Robert Redford als Bob Woodward en Dustin Hoffman als Carl Bernstein. Maar wát als die journalisten zich tijdens hun loeispannende spitwerk hadden laten volgen door een documentairemaker?

De in Colectiv (internationale titel: Collective) gevolgde Woodwards en Bernsteins werken bij de Gazeta Sporturilor, een sportkrant maar tegelijk het laatste journalistieke bastion van een steeds corrupter wordend Roemenië. En hun Watergate betreft de ziekenhuizen waar de vele slachtoffers van een discobrand onnodig stierven omdat hun wonden werden behandeld met een clandestien verdund ontsmettingsmiddel. Ziekenhuisbazen wisten ervan, maar worden gedekt door corrupte politici.

Op zich al ruim voldoende voor een ontluisterende documentaire, maar Colectiv neemt een onverwachte wending als de minister onder druk van de onthullingen aftreedt. Zijn opvolger nodigt documentairemaker Alexander Nanau uit ook hém van nabij te volgen. En zo maken we mee hoe die ene wel capabele en integere minister al vlot vermalen wordt door het systeem.

Colectiv is een uiterst actuele en inzichtelijke film: dit is wat er gebeurt als er geen schotten meer staan tussen zakenleven en ziekenhuis, tussen politiek en media. BB

En dan schuift de bulldozer een berg steengruis over de drugsdealer, die op de vlucht voor de politie dwars door een bedrijvige bouwplaats rende en daarbij in een vol te storten kuil liep. De zinderende openingsscène van Just 6.5 zegt het al: deze rauwe Iraanse politiethriller kan zich meten met het beste uit de westerse politiefilmtraditie.

Twee agenten vermalen op nietsontziende wijze de lagere rangen en connecties van een drugssyndicaat. Al arresterend en intimiderend geraken ze hogerop in de piramide, maar de gezochte drugsbaron voldoet maar weinig aan het profiel van de kille of almachtige crimineel.

Zoals overal ter wereld is de drugsoorlog ook in Iran niet te winnen, wat de autoriteiten niet verhindert te volharden in het bestrijden, opsporen en inrekenen van de gebruikers en hun dealers, die zich onder druk altijd weer vermenigvuldigen.

Eerder al een kolossale hit in eigen land, bracht Just 6.5 exact wat er in de (thuis)bioscoopwereld ontbrak, nu de Amerikaanse studio’s hun beste waar stallen tot na het virus. Een film met een heuse ster, ook nog: Payman Maadi, bekend van het met een Oscar bekroonde Iraanse echtscheidingsdrama A Separation en inmiddels een veelgevraagd Hollywoodacteur. BB

Senegalese jongens die zich aan de bootreis naar Spanje wagen, hun geesten die na hun verdrinkingsdood terugkeren naar hun achtergelaten geliefden, Dakar als spookstad en Homerus’ Odyssee: in een interview met de Frans-Senegalese cineast Mati Diop buitelden de inspiratiebronnen voor haar regiedebuut over elkaar. Die ideeënrijkdom had een overvolle film op kunnen leveren, maar in plaats daarvan werd Atlantique, in Cannes bekroond met de regieprijs, een zeer evenwichtig en uniek geheel, waarin het bovennatuurlijke en het alledaagse, de droom en de keiharde realiteit logisch in elkaar overgaan. Een traktatie voor de avontuurlijk ingestelde toeschouwer, gegoten in even raadselachtige als concrete beelden die nog lang blijven nagloeien - als de ogen van geesten, oplichtend in de nacht. En wat een fantastische, al net zo grenzeloze muziek van Fatima Al Qadiri! KT

Een groep zwaarbewapende Amerikanen heeft grof betaald voor een spannend uitje: ze openen een gruwelijke jacht op de nietsvermoedende inwoners van een afgelegen Braziliaans dorp. Maar dat is buiten de beoogde slachtoffers gerekend. De inwoners van Bacurau tonen zich ongekend vindingrijk, gehard als ze zijn door het populistische schrikbewind van hun autoriteiten.

Bacurau is een film die zich niets aantrekt van genre-afspraken en de kijker met plezier op het verkeerde been zet. Zonder meer een van de origineelste producties van het jaar, deze wraakfilm, maatschappijkritische western en zwart-komische thriller ineen, die zich weliswaar in de nabije toekomst afspeelt, maar opvallend van deze tijd is. ‘Ik kan simpelweg geen films maken zonder het politieke klimaat erbij te betrekken’, gaf regisseur Kleber Mendonça Filho toe in een interview. PK

Het waren toch wel de meest zenuwslopende in beeld gevatte seconden van het jaar, die traag wegtikkende tellen ná de spoedbevalling van een zwaargewonde vrouw in For Sama. Daar is de baby dan, midden in de oorlogsstrijd op de wereld gezet, in een voortdurend gebombardeerd ziekenhuis in Aleppo. Maar die baby ademt niet.

Een keer of zes wilde ze de camera neerleggen, zei Waad Al-Kateab in gesprek met de Volkskrant over haar overrompelende oorlogsdocumentaire, die werd genomineerd voor een Oscar. Maar ze filmde door, ongeacht de afloop. Spoiler: het komt goed met de baby.

Al-Kateab smokkelde twaalf harde schijven met vijfhonderd uur aan filmopnamen Aleppo uit, toen de stad, die jarenlang door Syrische regeringstroepen was belegerd, eindelijk viel. Samen met co-regisseur Edward Watts bouwde ze daarna For Sama op als een videobrief aan haar eigen dochtertje, dat ook midden in het oorlogsgeweld werd geboren. BB

Dat zijn veelbekroonde debuutfilm Tesnota (2017) geen toevalstreffer was, bewees de jonge Rus Kantemir Balagov met het aangrijpende en beeldschone Beanpole, waarin hij een vergeten geschiedenis behandelt: die van de vrouwelijke Russische soldaten in de Tweede Wereldoorlog. De lange, blonde Ia en haar vriendin Masja keren psychisch gehavend terug van het front. In het naoorlogse Leningrad proberen ze het leven op te pakken. Hun jeugd krijgen ze nooit meer terug. Het is een grauw verhaal, maar de kleuren spatten van het doek – Balagov zet rood in als de kleur van trauma, en groen als de kleur van het leven. Nog lang na het zien van de film staan de prachtige decors op je netvlies gebrand, net als de tragische catatonische aanvallen van Ia. PK

Van alle films die dit jaar voor de ogen van creatieve kijkers transformeerden tot pandemie- of quarantainemetafoor spreekt The Lighthouse wellicht het sterkst tot de verbeelding. Willem Dafoe en Robert Pattinson laten in ieder geval haarfijn zien wat wekenlange opsluiting met de mens doet; hun vuurtorenwachters zitten vast op een verlaten rotseiland, oreren in meanderend zeebonkdialect en draaien op spectaculaire wijze door. Ook wie wil weten hoe tijdsbesef wordt beïnvloed in tijden van lockdown kan terecht bij The Lighthouse. ‘Hoe lang zitten we op deze rots?’, vraagt Dafoe. ‘Vijf weken? Twee dagen?’

Met The Lighthouse, gedraaid in expressionistisch zwart-wit, maakte regisseur Robert Eggers zijn status als horrorvernieuwer waar. Zijn debuutfilm The Witch brengt de tijd tot leven waarin veroordelingen voor hekserij realiteit waren. The Lighthouse doet hetzelfde met de tijd waarin zeelui nog bijgelovig waren en hun angst voor de zee groot. Al is al het gruwelijke én verleidelijke dat daar mogelijk huist van alle tijden. BJB

Wie ergens begin dit jaar dacht een avondje lekker onderuit op de bank te Netflixen met de nieuwe film van Adam Sandler, stond op zijn zachtst gezegd een verrassing te wachten. De vaak verguisde koning van de domme lachfilm had zich laten strikken door de gebroeders Safdie, kroonprinsen van de ongepolijste New Yorkse straatfilm. En met dat plan bleken de Safdies vastbesloten om de gekmakende gejaagdheid van hun voorlaatste stadsthriller Good Time te overtreffen. Sandler speelt in Uncut Gems de rol van zijn leven, als gokverslaafde diamanthandelaar die elke halfbakken ingeving aangrijpt om vage deals te sluiten, waar hij zelf steevast als verliezer uit lijkt te komen. De Safdies halen zichtbaar plezier uit de constante staat van stress waarin Sandlers personage zich voortbeweegt en ze halen al hun trucs uit de kast om die stress op de kijker over te brengen. Uncut Gems is ondraaglijk spannend en uitzonderlijk geestig tegelijk, met uitroeptekens. BJB

De film van het jaar over seksuele intimidatie is ook de kantoorfilm van het jaar. Regisseur Kitty Green laat de toeschouwer een ellendige, eindeloze dag doorbrengen op het New Yorkse hoofdkantoor van een gerenommeerd filmbedrijf. Daar, pendelend tussen pantry en kopieerapparaat, tracht de pas aangenomen assistent Jane (Julia Garner) zich staande te houden in een door en door giftige bedrijfscultuur, gevormd door een Harvey Weinsteineske bullebak. Dit roofdier wordt gedurende The Assistant volledig buiten beeld gehouden, maar is desondanks in elke scène aanwezig – op de achtergrond, via de telefoon, in de gesprekken van anderen en op de knappe gezichten van de jonge vrouwen die op afroep zijn kantoor binnengaan.

Green slaagt er voortreffelijk in de mate van intimidatie weer te geven in haar uit het leven gegrepen portret van de burelen van de droomfabriek. Het kantoor faciliteert, maar is het hele kantoor ook schuldig? BB

Het is in ieder geval de meest romantische ontmoeting van dit filmjaar, zo niet van het filmdecennium. Hij, een junk met een vettig matje en tatoeages in zijn nek, bedelt om geld bij haar, in schooluniform en terminaal ziek. Zij krijgt spontaan een bloedneus, hij trekt zijn overhemd uit om het bloed te stelpen. Liefde op het eerste gezicht. Ja, of niet, want het kan ook zijn dat hij vooral valt voor haar medicijnkast.

Als zovelen vóór haar combineert de Australische regisseur Shannon Murphy kalverliefde en kanker in haar debuutfilm. Maar de clichés van het genre zullen haar worst zijn: hier geen tranentrekkende ziekenhuisscènes en uitgemolken emoties uit de jongvolwassenenboekjes. Babyteeth is dwars, wild en springerig, gefilmd in kauwgombalkleuren, en wordt bevolkt door personages die ook maar wat aanrommelen, ook in het aanzicht van de dood. FS

Natuurlijk maakt actrice Elisabeth Moss eigenlijk nooit iets waarvan je denkt ‘meh’, maar wat ís ze in Shirley weer onvergetelijk als de horrorschrijver Shirley Jackson. Zit ze daar, bijvoorbeeld, tijdens zo’n braaf jarenzestigdinertje zichtbaar te broeden op een vileine opmerking om de boel op te schudden. Niet meer dan een blik van achter haar kattenbrillenglazen heeft ze nodig. En even makkelijk laat ze Jacksons sombere, uitgebluste kant zien, of haar obsessieve schrijflust.

Zo weerbarstig en weinig behagend zie je vrouwelijke hoofdpersonen zelden. In deze semi-biografische film, waarin grenzen tussen feit en fictie van ondergeschikt belang zijn, zet regisseur Josephine Decker de auteur neer als een raadselachtig, onuitstaanbaar en kwetsbaar monster. Shirley is heerlijke giftige mix van knellende conventies en psychologische machtsspelletjes à la Who is afraid of Virginia Woolf?, die tegelijkertijd naargeestig én sardonisch grappig is. Net als Jacksons boeken zijn. FS

Een ex-gedetineerde die zich in een godvrezend Pools dorpje voor priester uitgeeft en er nog mee wegkomt ook: het klinkt te vergezocht om waar te zijn. Toch is de doorbraakfilm van het grote Poolse talent Komasa op feiten gebaseerd. Volgens het oorspronkelijke nieuwsartikel dat scenarist Mateusz Pacewicz schreef, gebeurt het in Polen zelfs jaarlijks dat parochies een neppastoor aan het roer krijgen. Ze zullen zich alleen zelden met zoveel bezieling en passie van hun taak kwijten als twintiger Daniel (onvergetelijke rol van Bartosz Bielenia), terwijl het licht Gods in zorgvuldig uitgewogen tableaus op hen neerdaalt. Corpus Christi biedt overigens ook een van de beste, meest verwarrende en haaks op de rest staande eindscènes van het jaar, maar die verklappen we natuurlijk niet. KT

Een van de eerste films die in de Nederlandse bioscopen uitkwam in 2020 bewijst wat zovelen dit jaar hebben verzucht: wie zich écht wil onderdompelen in een film heeft een groot doek nodig, geweldig geluid en een warme, zachte stoel waarin je veilig naar de barre ellende van een ander kunt kijken. Regisseur Sam Mendes leverde niets minder dan een huzarenstukje af met zijn Eerste Wereldoorlog-film die in één take lijkt te zijn opgenomen door camerakunstenaar Roger Deakins. Het is alsof je meerent door de modderige loopgraven, met de twee korporaals die een boodschap aan de frontlinie moeten afleveren, terwijl de bommen om hun oren suizen en een bunker krakend instort. Perfect getimede versnelling en vertraging – een adembenemende ervaring. FS

De wereld veranderen is wat veel gevraagd, maar soms hebben films werkelijk politieke invloed. Na Sorry We Missed You laaide het debat rond flexwerk en pakketbezorgers op, en in Zuid-Korea veroorzaakte Parasite discussies over de welvaartskloof. In februari van dit jaar kwam Mark Ruffalo, hoofdrolspeler en producent van Dark Waters, naar Brussel om zijn film te vertonen in het Europees Parlement. Het is te hopen dat het indruk maakte op de aanwezige politici, want het pfas-schandaal waar Dark Waters om draait, speelt in mindere mate ook in Europa. Ook in Nederland vervuilt chemiegigant Chemours (voorheen DuPont) de omgeving met nauwelijks afbreekbaar afval. Bij het publiek bleef Dark Waters, geregisseerd door Todd Haynes, wat onder de radar. Onterecht: dit is een ijzersterk klokkenluidersdrama. Sfeervol, knap geacteerd en huiveringwekkend. Na het zien van Dark Waters gaan de teflonpannen geheid het huis uit. PK

Ergens in het kleine middeleeuwse stadje Kilkenny, hier niet al te ver vandaan, leeft een aantal animatiefilmers dat langzaam maar zeker de reuzen Pixar en Ghibli naar de kroon steekt. Na films als The Secret of Kells (2009) en Song of the Sea (2014) overtrof de Ierse animatiestudio Cartoon Saloon zichzelf én alle andere dit jaar met een betoverend, met de hand getekend sprookje over een weerwolfmeisje. Och, de schitterende kleurencombinaties! De niet weggegumde schetslijntjes! Die tandjes en het woeste rode haar van Mehb! De manier waarop regisseurs Tomm Moore en Ross Stewart je laten kijken via de ogen van de dieren! Die stadsplattegronden die knipogen naar middeleeuwse prenten! En nog vol actuele thematiek ook. Om als een wolf van te huilen zo mooi. FS

Stond hij toch maar mooi, banlieubewoner Ladj Ly, op het podium in Cannes in 2019, omringd door de Franse filmelite. Zonder professioneel filmdiploma, mét de juryprijs in zijn handen voor Les Misérables. ‘Een alarmkreet’ is het, zei hij zelf, een manier om mensen wakker te schudden. Als de situatie in de Franse buitenwijken niet verbetert, loopt het onherroepelijk verkeerd af.

Zijn film is een mokerslag, gefilmd in zo’n buitenwijk, Montfermeil, met buurtbewoners als acteurs. Trefzeker schetst hij hoe de multiculturele wijk functioneert met een wankel machtsevenwicht. Als er een kogel wordt afgevuurd, koerst het scenario vastberaden op een geweldsexplosie af. Ly zit daarbij zo dicht op de personages, en filmt met zo’n rauwe energie, dat het opgefokte gevoel achteraf moeilijk is af te schudden. Moderne, hoogst actuele klassieker die het verdient net zo beroemd te worden als La Haine. FS

Al twintig jaar is de Zweed Roy Andersson ongelooflijk stijlvast. Wie vanaf 2000 één film van hem heeft gezien, weet precies wat hij kan verwachten: een reeks secuur vormgegeven tableaus waarin bleke, vermoeide prutsers zich onmachtig door het leven slaan. Die voorspelbaarheid kun je een zwakte noemen, maar het is net zo goed een zegen. Ook zonder te verrassen maakt Andersson keer op keer prachtig werk, rijk aan humor en mededogen. De wereld die hij met engelengeduld neerzet, mag dan treurig zijn, toch is het heerlijk om erin rond te waren. About Endlessness, waarin een priester van zijn geloof valt, een stelletje omarmd door de lucht vliegt en een man een pestkop van vroeger tegenkomt, is naar verluidt Anderssons laatste: de 77-jarige regisseur is gestopt met filmen. Zonde, maar deze film is een waardig afscheid. PK

De Franse filmtheoreticus André Bazin vergeleek ooit de praktijk van de boekverfilming met de geboorte van een tweeling. Je gaat de een toch niet boven de ander verkiezen, alleen maar omdat-ie eerder ter wereld kwam? Behandel boek en filmbewerking liever als twee gelijkwaardige varianten op hetzelfde gegeven, betoogde Bazin, elk met zijn eigen merites en perspectieven. Kom hier dat ik u kus is een perfecte casestudy: de bestseller van Griet Op de Beeck en de (ook op zichzelf fraaie) film van Sabine Lubbe Bakker en Niels van Koevorden volgen elk hun eigen pad in het verhaal van de zichzelf wegcijferende, door dominante ego’s omringde Mona. Waar je in de roman consequent in Mona’s hoofd zit, laat de film je volop naar haar gezicht kijken, ook als ze zichzelf voor de zoveelste keer naar de achtergrond schuift. ‘Pak het, trek het uit elkaar, doe ermee wat je wilt: het is jullie film’, zei Op de Beeck tegen de regisseurs, en dat deden ze, met uitmuntend resultaat. Beeld en woord gaan met elkaar in dialoog, om samen het complete portret van Mona te scheppen. KT

Tijdens de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 omschreef kandidaat Donald Trump de Belgische hoofdstad Brussel als een multicultureel hellegat. Die uitspraak was voor cineast Devos de directe aanleiding voor dit fantastische tweeluik, dat het ‘verdorven’ Brussel van een heel andere kant toont. Devos laat de blik graag verwijlen bij een stuk muur of interieur waar je normaal gesproken in films nog geen seconde naar blijft kijken: grootstedelijke stillevens, Devos is er een meester in. Maar het gaat hier vooral om het menselijke perspectief, zoals dat van schoonmaker Khadija (Saadia Bentaïeb), die in Ghost Tropic na haar werk in de metro in slaap valt en vervolgens een nachtwandeling huiswaarts maakt. Dat haar onderweg niets ergs overkomt, en dat de nachtelijke metropool vaak het karakter van een vreemd maar ongevaarlijk droomlandschap aanneemt, maakt van Ghost Tropic een van de meest ingetogen en ook vriendelijkste films van het jaar. KT

De interpretatiemachines draaiden overuren nadat Charlie Kaufmans bewerking van de roman van Iain Reid zijn première op Netflix had beleefd. Oppervlakkig gezien lijkt alles te draaien om een jonge vrouw (Jessie Buckley), die met partner Jake (Jesse Plemons) naar diens ouders (Toni Collette en David Thewlis) afreist en onderweg kniest over haar wankele gevoelens voor hem. Maar zo makkelijk maakten de online-exegeten zich er niet van af, in hun autopsie van de film. Zijn er immers niet allerlei aanwijzingen, zoals de constant in tijd verspringende scènes en die vreemde schoolconciërge, dat we ons eigenlijk in Jakes bejaarde brein bevinden? Is Lucy/Yvonne/Amy een bestaande vrouw of het amalgaam van Jakes gefantaseerde geliefden? Duidt de titel op haar getwijfel, of op zijn naderende zelfdoding? Misschien zitten de antwoorden (net als de vragen) heel diep in de textuur van de film verstopt, misschien moet je I’m Thinking of Ending Things vooral gewoon ondergaan, als een winterse nachtmerrie met warempel zelfs wat surrealistische musicalelementen. KT

‘Tijdgoochelaar Nolan leverde de juiste film op het juiste moment’, besloot de recensie in de Volkskrant. Wel, daar was niet iedereen het mee eens.

CIA-agent moet de wereld redden als blijkt dat voorwerpen kortstondig achteruit in de tijd kunnen reizen. Dat is een solide basis voor een sciencefictionfilm. En niet minder aannemelijk (of wetenschappelijk verantwoord ) dan wat er eerdere Christopher Nolan-films (Inception, Interstellar) gebeurde. En dan zat Tenet ook nog eens boordevol zinsbegoochelend actiespektakel: door de Nederlander Hoyte van Hoytema kraakhelder gefilmde achtervolgingsscènes met auto’s die zowel voor- als achteruit in de tijd bewegen.

Het grootste mysterie bleef wel: waarom acht die CIA-agent het redden van een ex-gangsterliefje even belangrijk als het redden van de wereld? Toch concludeerde de Volkskrant in de recensie: ‘Tijdgoochelaar Nolan leverde de juiste film op het juiste moment.’

‘Ik denk dat het de perfecte postquarantainefilm is’, zei Van Hoytema afgelopen zomer in de Volkskrant. Hij had geen ongelijk. Alleen bleek die postquarantaine geen postquarantaine, maar slechts een korte quarantainepauze. BB

Een genetisch gemanipuleerde plant die zijn bezitters gelukkig maakt, dat lijkt een geweldige uitvinding. Maar de gelukshormonen die de plant verspreidt, hebben akelige bijwerkingen: ze lijken andere gevoelens langzaam maar zeker te verdrukken. Little Joe, de eerste Engelstalige speelfilm van de Oostenrijkse Jessica Hausner, begint als sinistere sciencefiction, maar pakt gaandeweg toch anders uit. Je kunt de film net zo goed beschouwen als een onderzoek naar de sociale betekenis van het moederschap. Waarom vindt de gescheiden wetenschapper Alice, die de plant ontwikkelde, het zo moeilijk toe te geven dat haar puberzoon misschien beter bij zijn vader kan gaan wonen? En is het nu wel echt die plant, die het vreemde gedrag van de jongen veroorzaakt? Het in aanlokkelijke snoepkleuren vormgegeven Little Joe zet aan tot nadenken en durft ontregelend ambigu te zijn. PK

Het Zuid-Afrikaanse scheldwoord moffie wordt in de Nederlandse ondertiteling van dit gevoelige en schrijnende liefdesdrama als ‘flikker’ vertaald. Tijdens hun soldatentraining in Zuid-Afrika anno 1981 krijgen Nicholas en Dylan het voortdurend naar hun hoofd geslingerd. Ze zullen hun ontluikende liefde moeten verstoppen, in deze buitengewoon homofobe omgeving. En dat is gevaarlijk wanneer ze zich zo tot elkaar voelen aangetrokken. Moffie is een authentiek verhaal over onderdrukte seksualiteit, dat tegelijk benauwend én intiem voelt. Niets nieuws, denkt u wellicht, maar wel als die gevoelens zo op de millimeter precies in beelden worden gevat. Hoe de camera tijdens een scène met de twee jongens in bed even de blik van een vangt, die kijkt naar de ontblote nek van de slapende ander. Met zo veel gevoel voor detail gaat een film vanzelf een beetje vliegen. BJB

Dat was nog eens een prettige verrassing: de Chileense filmmaker Pablo Larraín bleef na Jackie, de filmbiografie van Jackie Kennedy die zijn internationale doorbraak betekende, niet in Amerika hangen, maar keerde met drie Oscarnominaties op zak huiswaarts om daar zonder concessies te blijven filmen. Het resultaat, Ema, bleek een cinematografische wervelstorm over een jonge, ongrijpbare reggaetondanser die overdag probeert haar adoptiezoon terug te krijgen en ’s nachts met een vlammenwerper delen van de stad in as legt. Een radicaal, gestileerd, sensueel en fragmentarisch opgediend portret waarin niet plot of dialoog, maar bewegende lijven het verhaal vertellen. ‘De samenwerking tussen dans en de film zelf is heel krachtig’, zeiden programmeur van het Nederlandse dansfilmfestival Cinedans en danschoreograaf Andreas Hannes in de Volkskrant over Ema. ‘Pablo Larraín benut het potentieel van dans zoals ik dat nooit eerder in dit soort speelfilm heb gezien.’ BJB

Volg ons