ONDERZOEK Taalonderwijsfraude

Bij taalscholen voor inburgeraars is frauderen wel heel makkelijk

Taalscholen voor ­inburgeraars plegen op grote schaal fraude door het op een ­akkoordje te gooien met hun studenten. De Volkskrant nam de proef op de som en stuitte op fictieve contracten, nooit gehouden cursussen en scholen die voor een groot deel alleen op papier bestaan. 

‘Salaam alaikum, ben jij ook Syrisch?’ Rana (28) zit in de bus naar Amsterdam als een onbekende man haar aanspreekt. Hij hoorde haar net in het Arabisch bellen en is wel in voor een gezellig praatje. De man, een gescheiden vader, vertelt dat hij een restaurant runt en wil ook van alles van Rana weten. Voordat ze bij haar halte uitstapt, wisselen ze telefoonnummers uit. Op WhatsApp zet hun conversatie zich voort.

De man vraagt welke taalschool ze bezoekt. Rana (wegens veiligheidsredenen niet haar echte naam) is op dat moment, in de zomer van 2019, net een half jaar in Nederland. Ter voorbereiding op haar inburgeringsexamen volgt ze Nederlandse les bij een school in Amsterdam. Prima cursus, maar ze baalt ervan dat ze – anders dan veel Syriërs in haar omgeving – geen laptop cadeau heeft gekregen bij de inschrijving.

Dat kan beter, meent de man uit de bus. Op de school die hij bezoekt, Samen Leren, behoort een gratis laptop tot het standaardpakket. Sterker nog, studenten krijgen voor elke cursus waarvoor ze zich inschrijven 250 euro cadeau. ‘En je hoeft er niet eens lessen voor te volgen’, merkt hij terloops op. Rana raakt enthousiast. Als nieuwkomer in Nederland heeft ze geen rooie cent, het geld kan ze goed gebruiken.

Niet veel later zit de man bij haar thuis op de bank om haar inschrijving bij Samen Leren door te nemen. Het is heel eenvoudig, hij heeft alleen wat foto’s nodig van haar zorgpas en verblijfsvergunning. De directeur van de school zal het verder afhandelen.

Rana houdt een unheimisch gevoel over aan het bezoek. Waarom moest de man zo nodig foto’s maken van haar persoonlijke gegevens? Ze stuurt hem een appje: of hij alsjeblieft de foto’s kan wissen en haar inschrijving kan annuleren. Na enig tegensputteren stemt hij in. Rana verwijdert zijn nummer. Daar ben ik vanaf, denkt ze opgelucht.

Ruim een maand later krijgt ze post van de Dienst Uitvoering Onderwijs (Duo). Bij de overheidsorganisatie staat voor iedere statushouder 10 duizend euro gereserveerd voor het volgen van taallessen. Taalscholen dienen hun rekeningen in bij Duo en de cursist moet daarvoor akkoord geven.

Rana heeft een taalmaatje, een vrijwilliger die haar helpt met onder meer de administratie. Hij heeft de ingediende facturen nietsvermoedend digitaal goedgekeurd. Maar nu Rana de Duo-brieven nog eens goed bekijkt, blijkt dat niet alleen haar eigen taalschool een declaratie heeft ingediend. Er is 2.348 euro van haar lening afgeschreven door Samen Leren, de taalschool van de man in de bus. Ze heeft er nooit een les gevolgd.

Als er de afgelopen jaren via de media iets naar buiten kwam over frauderende taalscholen, ging dat vooral over het uitdelen van laptops met inburgeringsgeld of het declareren van te veel lesuren. Uit onderzoek van de Volkskrant blijkt nu dat de fraude veel grootschaliger van aard is. Het systeem maakt het mogelijk hele cursussen te declareren die nooit hebben plaatsgevonden, door taalscholen die voor een groot deel alleen op papier bestaan.

Sinds 2013 zijn asielzoekers die een verblijfsvergunning hebben gekregen (de zogeheten statushouders) verantwoordelijk voor hun eigen inburgeringstraject. Dit betekent dat ze zelf een taalschool kunnen uitkiezen. Het idee van dit vrijemarktmodel is dat door onderlinge concurrentie de kwaliteit van de scholen omhooggaat: de beste school zou de meeste klanten trekken. Vanaf 2016 kwam deze markt pas echt goed op gang met de komst van tienduizenden vluchtelingen uit Syrië, die allemaal op kosten van de staat de taal konden gaan leren. De taalscholen schoten als paddestoelen uit de grond, want er viel geld te verdienen.

Inburgeraars mogen per persoon 10 duizend euro overheidsgeld aan taallessen besteden. Om misbruik te voorkomen wordt dat geld niet op hun eigen rekening gestort, maar staat het bij Duo geparkeerd. Als de inburgeraar een ingediende rekening goedkeurt, maakt Duo het geld over naar de taalschool.

Die benodigde goedkeuring van de inburgeraar zou een horde moeten zijn voor misbruik. Maar dat is het niet als de student het op een akkoordje gooit met de school. Dan ontstaat een lucratieve fraude met weinig kans op ontdekking.

Het werkt als volgt: de inburgeraar stemt ermee in dat de school de voor hem of haar bestemde Duo-lening ‘leegtrekt’, zonder dat daar een taalles tegenover staat. In ruil voor het aftekenen van facturen voor niet-gegeven cursussen krijgt de ‘cursist’ van de taalschool een deel van de opbrengst uitgekeerd (afkomstig uit de lening). Een win-winsituatie dus.

De inburgeraar leert op deze manier weliswaar geen Nederlands en slaagt wellicht niet voor het inburgeringsexamen, maar de risico’s zijn beperkt. In het ergste geval kan de gemeente besluiten een uitkering te korten of een deel van het studiegeld te laten terugbetalen, wat in de praktijk zelden gebeurt. Wie vier keer zakt voor de examens en kan aantonen minstens 600 uur onderwijs te hebben gevolgd, krijgt bovendien ontheffing van de inburgeringsplicht. En de frauderende school is gerust bereid een valse verklaring voor die gevolgde lesuren af te geven.

‘Ik wil dit niet meer’, zegt Samir (niet zijn echte naam) in een zijzaaltje van een Rotterdams café. Het gesprek vindt pre-corona plaats. Aan de bar verderop wordt deze vrijdagavond stevig geborreld, maar hier aan tafel zit een ingetogen dertiger in een hoodie kalmpjes te nippen aan zijn thee. Een tolk vertaalt zijn woorden uit het Arabisch. Samir kwam in 2015 als vluchteling hier terecht en is de Nederlandse taal nog niet machtig.

Toch werkte hij tot voor kort voor een Rotterdamse taalschool. Eentje die samenspande met cursisten. In opdracht van de directeur diende Samir nepfacturen in bij Duo. Voor elke nieuwe ‘cursist’ die hij ronselde, kreeg hij een deel van de opbrengst. 50 euro om precies te zijn, naast zijn vaste salaris. Gaandeweg begon het werk steeds meer aan hem te knagen. Nu heeft Samir last van gewetenswroeging. ‘Deze praktijken kunnen gewoon niet door de beugel’, constateert hij droog.

Zijn vriend ‘Ameen’, een Nederlander van Arabische komaf, overtuigde hem ervan te stoppen met deze oplichting. Ameen helpt nieuwkomers als Samir vrijwillig met inburgeren en hoorde in die kringen opschepperige verhalen over fraude met inburgeringsgeld. Waar in de Nederlandse context zulke verhalen al snel op morele afkeuring zouden stuiten, zegt Ameen, is dat minder vanzelfsprekend voor cursisten uit landen waar corruptie is geïnstitutionaliseerd. Wie opgroeit met een overheid die haar burgers keer op keer bedriegt, zal er minder moeite mee hebben om diezelfde staat financieel een poot uit te draaien.

Ameen maakte zich zo boos dat hij de Volkskrant via klokkenluiderswebsite Publeaks over de fraude tipte. ‘Het is pijnlijk dat jonge Syriërs op deze manier misbruik maken van het onderwijssysteem’, zegt hij. ‘Ik vind het aan de ene kant moeilijk om dit aan het licht te brengen, omdat het gaat om mensen uit mijn eigen gemeenschap.

‘Tegelijkertijd vind ik het belangrijk om te laten zien dat het tegengeluid uit diezelfde gemeenschap komt. Mijn kinderen moeten eveneens geld lenen bij Duo om te studeren aan de universiteit. Dan past het niet dat deze gasten zo grof verdienen aan het oplichten van de overheid.’ Hij benadrukt dat het gaat om een kleine groep in een gemeenschap van zo’n 84 duizend Syrische statushouders, van wie de meesten gewoon volgens het boekje zijn ingeburgerd.

Ameen haalde Samir over om zijn verhaal te doen aan de krant. Anoniem, dat wel. Niet alleen omdat hij enige tijd heeft meegewerkt aan de fraude, maar ook omdat Samir vreest voor de mensen die hij met zijn verhaal op de korrel neemt. ‘Ik ben bang dat ze mij fysiek of op een andere manier gaan schaden. Ze schrikken nergens voor terug.’

Iedereen kan in het huidige systeem een taalschool oprichten. Ook Syriërs die zelf nauwelijks Nederlands spreken. ‘Wat baiden wij?’, staat er bijvoorbeeld op een website, waarna in haperend Nederlands uitleg volgt over wat de taalschool zoal te bieden heeft.

Het is voor de controlerende instanties niet per se alarmerend dat een instituut wordt gerund door een buitenlander die zelf de taal niet beheerst. Dat kan ook gewoon een handige ondernemer zijn. Wie veel connecties heeft in de vluchtelingengemeenschap en in het Arabisch studenten kan werven, heeft op de inburgeringsmarkt immers een grote voorsprong. Als de lessen worden gegeven door gekwalificeerde NT2-docenten, is er niets aan de hand.

Ook de school waar Samir in 2019 werkte, had een Syrische directeur. ‘Via vrienden van hem werd ik aan hem voorgesteld.’ Om zo veel mogelijk studenten te werven, mag hij van zijn baas lokkertjes inzetten, zoals laptops en tegoedbonnen van Mediamarkt. Het zijn cadeaus waarover met wat goede wil kan worden beweerd dat ze nodig zijn om lessen te volgen.

Maar leerlingen weten dat ze bij deze taalschool ook terechtkunnen als ze geld nodig hebben, zegt Samir. ‘Dan was er bijvoorbeeld iemand die naar me toekwam en zei: luister, ik wil geen lessen, ik wil gewoon geld. Hij kreeg 450 euro in ruil voor zijn inschrijving. En hij stelde voor om andere familieleden ook in te schrijven.’

In twee maanden tijd stuurt Samir voor ruim tweehonderd cursisten rekeningen naar Duo, van wie het grootste deel geen les heeft gehad, voor zover hij kan overzien. ‘Via Facebook werd er geworven voor lessen in Eindhoven, Den Bosch, Groningen, Nijmegen, op allerlei locaties. Maar alleen in Rotterdam heb ik één keer een leraar gezien met vier of vijf cursisten.’

Per student mag per kwartaal maximaal 2.000 euro worden gedeclareerd. In het eerdergenoemde voorbeeld gaat daarvan dus 450 euro naar de cursist, 50 euro naar Samir voor de werving en 1.500 euro naar de directeur van de taalschool.

Volgens Samir is deze vorm van fraude schering en inslag bij inburgeringsscholen. Bij twee andere taalscholen waarvoor hij werkte, zag hij vergelijkbare praktijken. Van vrienden hoort hij hoe inburgeraars bij weer andere taalscholen bedragen van 350 tot 600 euro per kwartaal krijgen uitgekeerd, in ruil voor hun inschrijving zonder les, of met enkel onlinelessen. ‘Deze praktijken zijn gaande op alle scholen die ik ken’, is Samirs conclusie. ‘Overal worden studenten omgekocht.’

Er lopen sinds 2018 strafonderzoeken naar fraude bij taalscholen in Amsterdam, Utrecht en Arnhem. Dat is het topje van de ijsberg en ook in deze drie gevallen is het nog niet tot een berechting gekomen. De bewijsvoering is complex. Fraude is altijd het moeilijkst op te sporen als ondernemer en klant samenspannen, zegt officier van justitie Marjolein Verwiel van het Functioneel Parket.

Justitie ziet grote overeenkomsten tussen fraude bij taalscholen en fraude met het persoonsgebonden budget (pgb), waarmee gehandicapten en ouderen zelf hun zorg kunnen inkopen. In beide gevallen wilde de overheid een open, makkelijk toegankelijk systeem. ‘De keerzijde is dat de kans op misbruik groter is’, zegt Verwiel. Over pgb-fraude werden de afgelopen jaren tientallen strafzaken gevoerd. Net als in het inburgeringsonderwijs bestaat de doelgroep veelal uit mensen die in een kwetsbare situatie zitten, de weg in de samenleving niet goed kennen en er financieel vaak niet best voor staan. ‘Dat maakt dat mensen makkelijker te beïnvloeden zijn om mee te werken aan fraude, al of niet bewust’, zegt Verwiel.

Om aan te tonen hoe schaamteloos er wordt gefraudeerd, overhandigt Samir de Volkskrant een lijst met namen en telefoonnummers van vijf scholen, veelal opgericht door jonge Syriërs, die volgens hem malafide te werk gaan. Om inzicht te krijgen in hun modus operandi, nemen we de proef op de som. Omdat geen enkele taalschool fraude openlijk zal toegeven in een gesprek met een journalist, wordt besloten een Syrische statushouder in te huren die zich zal voordoen als een inburgeraar die op zoek is naar een geschikte taalschool. Haar schuilnaam: Lina.

Lina, via WhatsApp: ‘Hallo, kan ik me bij jullie inschrijven?’

Ahmad Abo Rashed: ‘Wees welkom’

Lina: ‘Verstrekken jullie ook cadeaukaarten?’

Lina: ‘Voor elk contract krijg ik een Mediamarkt-kaart, toch?’

Ahmad Abo Rashed: ‘Ja, we geven Mediamarkt-kaarten ter waarde van 350 euro per getekend contract’

Lina: ‘Kan ik me ook inschrijven zonder lessen te volgen?’

Ahmad Abo Rashed: ‘Ja, dat kan’

Lina: ‘Geweldig’

Wat opvalt in de vele WhatsApp-gesprekken die potentieel cursist ‘Lina’ voert met Syrische eigenaren en tussenpersonen van taalscholen – onder wie deze Ahmad Abo Rashed van de inmiddels opgedoekte taalschool Taal Talent – is dat niemand vreemd opkijkt van haar voorstel om zich in te schrijven zonder dat ze van plan is lessen te volgen. Een aantal scholen biedt bij elk fictief contract van drie maanden een cadeaubon van de Mediamarkt ter waarde van 350 euro. Anderen offreren een laptop. Of een cadeaubon van Bol.com.

Mohamad Saryoul, werkzaam voor TCI Compiti, heeft een ander verdienmodel voor Lina in gedachten. Hij ziet in haar wel een goede manager. De taalschool heeft meer dan dertig vestigingen verspreid over het land en is daarmee een van de grootste in haar soort. Een vestiging in Zoetermeer, de plaats waar Lina beweert te wonen, ontbreekt nog. ‘Maar ik kan er eentje openen als je een groep nieuwe cursisten bij elkaar verzamelt’, zegt Saryoul over de telefoon. ‘Minimaal acht. Als manager krijg je dan per student commissie.’

Om Lina te overtuigen, merkt hij op dat hij op meerdere locaties meisjes in dienst heeft. ‘Eentje heeft wel tweehonderd studenten aangeleverd. Ze heeft nu een fulltimebaan en veel geld.’

‘Shaam Taal is gesloten’, zegt Ahmad al-Shaar, een breedgeschouderde Syriër die graag pronkt met de Hummer waarin hij rijdt. ‘Maar ik kan je alsnog helpen!’ Hij komt al snel met een aanbod: ook hij verstrekt Mediamarkt-kaarten ter waarde van 350 euro per cursus. Dat Shaam Taal niet meer bestaat, is geen enkel probleem, verzekert hij: binnenkort opent zijn nieuwe school, Taal Compleet. Nieuwe vlag, zelfde organisatie.

De school staat geregistreerd op naam van een vriend, vertrouwt hij Lina toe. Sinds hij is ‘verlinkt’ door een aantal Syriërs, die volgens hem jaloers waren op zijn snel vergaarde fortuin, kan hij niet meer op eigen naam een school oprichten. Achter de schermen blijft hij actief.

Lina: ‘Ik wil me inschrijven, maar geen lessen volgen’

Al Shaar: ‘Oké, ik kan je helpen. Maar niet over de telefoon’

Lina: ‘Mijn laptop doet het niet, daarom wil ik me inschrijven bij een school, om cadeaukaarten of een laptop te krijgen met het Duo-geld’

Al-Shaar: ‘Ja, je zult het krijgen, mijn engel. Voor jou doe ik alles’

Het liefst spreekt Al-Shaar zo snel mogelijk af met Lina om het contract te ondertekenen. Als ze terughoudend reageert, probeert hij haar te overtuigen met foto’s van zijn auto en het fancy restaurant dat hij runt. Hij is een selfmade businessman, pocht hij. ‘Ooit begon ik met 2.000 euro, maar toen opende ik een school en had ik binnen zes maanden 1.400 studenten binnengehaald. Nu heb ik zes bedrijven, elk met eigen bankpas.’

Hij is gescheiden, beweert hij. Is zij wel getrouwd, wil hij weten. Nee. ‘Ben je nog maagd?’

Ja, het heeft veel weg van een kat-en-muisspel, zegt Lidy Schilder. Ze is de directeur van Blik op Werk, de instantie die keurmerken uitdeelt aan scholen die aan de kwaliteitseisen voldoen. Alleen als een school een dergelijk keurmerk heeft, kan een student de lessen uit de Duo-lening laten betalen.

Het keurmerk is in het leven geroepen om de kwaliteit van het onderwijs te waarborgen. Afgelopen jaren zijn de eisen strikter geworden: er kwam meer toezicht in de klas, boekhoudingen werden vaker doorgelicht en er kwam een verbod op het louter aanbieden van onlinelessen (al is dat vanwege corona momenteel wel weer toegestaan).

Maar volgens critici is Blik op Werk een tandeloze tijger. Veel controle vindt plaats op basis van wat de school zelf op papier zet. En Blik op Werk – een particuliere stichting, geen overheidsinstelling – kan niet afdwingen dat een taalschool meewerkt aan een controlebezoek of inzage geeft in geldstromen. Schilder: ‘Wij zijn geen opsporingsinstantie. Wel kunnen we het keurmerk intrekken als scholen niet meewerken aan ons toezicht. Signalen van fraude spelen we door aan de Inspectie Sociale Zaken.’

De eerste fysieke controles komen pas als een school al een tijd bezig is. Omdat een ‘aspirant-keurmerkhouder’ ook rekeningen kan indienen bij Duo, zijn er soms al tienduizenden euro’s overheidsgeld overgemaakt voordat er een check heeft plaatsgevonden.

Komt fraude aan het licht en wordt het keurmerk ingetrokken, dan komt het geregeld voor dat een familielid of vriend doodleuk een nieuwe school begint die op dezelfde voet verdergaat. ‘We kunnen een zoon niet veroordelen voor de fouten die zijn vader heeft gemaakt’, zegt Schilder. ‘Volgens de wet mag hij gewoon een nieuwe school openen. Wel zijn we dan extra oplettend.’

Opmerkelijk is dat een school die in 2018 door de rechter schuldig werd bevonden aan het overhandigen van contant geld uit de Duo-lening aan cursisten, Stichting IPI, gewoon weer in het systeem van Blik op Werk staat. ‘Omdat uit ons eerdere toezicht blijkt dat de lessen inhoudelijk heel goed zijn’, legt Schilder uit. ‘In dit geval hebben we de afweging gemaakt dat ze na negen maanden weer mochten terugkomen. We hebben duidelijke afspraken gemaakt en voeren extra controles uit.’

Van een andere taalschool, die eveneens contant geld aan studenten overhandigde, is het keurmerk onlangs juist ingetrokken. Eigenaar Herman Groenewegen van het in Rotterdam gevestigde Business Talen wijt dit aan de onduidelijke regels van Blik op Werk. ‘Die zijn nergens goed vastgelegd. Als taalschooleigenaar ben je al snel onbewust in overtreding.’ Het overhandigde geld heeft volgens hem niets met fraude te maken. ‘Het was bedoeld als reiskostenvergoeding voor de studenten.’

Hoewel zijn relaas vraagtekens oproept, is duidelijk dat de regels van Blik op Werk lang niet altijd eenduidig zijn. Zo is pas dit jaar in het reglement opgenomen dat welkomstcadeaus aan studenten niet zijn toegestaan, terwijl toenmalig minister Lodewijk Asscher daarover al in 2016 zijn afkeuring uitsprak.

‘Het is al die jaren gewoon gedoogd’, zegt taalschooleigenaar Groenewegen. ‘Nu heet het opeens fraude.’ Fadi Kalili, de voormalige directeur van Taal Talent: ‘Scholen geven van alles: cash, een rijbewijs, cadeaukaarten. Als ik een school opricht en ik geef niets, dan gaat ook niemand komen. Daar ben ik altijd open over geweest naar Blik op Werk.’

Een eis voor het keurmerk is sinds januari dat de directie van de taalschool jaarlijks een verklaring tekent dat hij of zij ‘uitsluit’ dat er ‘verstrekkingen zoals onder andere cadeaus’ worden overhandigd. Maar dat een directeur op papier verklaart dat er geen cadeaus worden uitgedeeld, betekent nog niet dat het in de praktijk niet gebeurt.

Mazin Shihabi: ‘Kun je naar Rotterdam komen en drie contracten tegelijkertijd tekenen? Mijn zus zal je opwachten. Ik heb haar over jou verteld. Ze zal je helpen.’

Lina: ‘En krijg ik dan ook Mediamarkt-kaarten?’

Mazin Shihabi: ‘Ja, voor elk contract krijg je een Mediamarkt-kaart ter waarde van 350 euro. Ben je nu blij? Als je wil kan ik hetzelfde doen voor je vrienden.’

Om de mogelijkheden voor misbruik in te dammen, heeft de overheid bepaald dat een student maximaal 2.000 euro per kwartaal mag uitgeven voor een inburgeringscursus. Maar dat is het bedrag per taalschool. Als iemand bij meerdere taalscholen tegelijkertijd cursussen volgt, kan ook navenant worden gedeclareerd. In theorie zou een leerling in één kwartaal het hele budget van 10 duizend euro erdoorheen kunnen jassen als hij zich bij vijf scholen inschrijft.

Zelfs als iemand zich gelijktijdig bij scholen in Rotterdam en Groningen inschrijft, gaat er nergens een alarmbel af. ‘Er hoeft dan niet meteen sprake te zijn van fraude’, aldus de woordvoerder van Duo. ‘Iemand kan in de tussentijd zijn verhuisd en een vlijtige leerling zijn, die bij meerdere scholen cursussen volgt om het inburgeringstraject snel te doorlopen.’

Voor fraudeurs is deze mogelijkheid mooi meegenomen: zij kunnen onderonsjes sluiten met taalscholen die worden gerund door vrienden of familieleden. Door een leerling tegelijk bij meerdere scholen in te schrijven, kan de lening in versneld tempo worden leeggetrokken.

Dit biedt ook een voordeel voor de frauderende inburgeraar, blijkt uit het gesprek dat ‘student’ Lina voert met tussenpersoon Mazin Shihabi. Eén ritje naar Rotterdam, drie documenten ondertekenen en ze kan – zonder ook maar één les te hebben gevolgd – voor 1.050 euro gaan shoppen bij de Mediamarkt.

Zodra Rana doorheeft dat ze is opgelicht door de man uit de bus, neemt ze contact op met haar begeleider bij Vluchtelingenwerk. Ze is van slag, moet voortdurend huilen en krijgt drie dagen lang geen hap door haar keel. ‘Ik ben hiernaartoe gevlucht om in veiligheid te leven’, zegt ze. ‘Dat zoiets in Nederland zou kunnen gebeuren, had ik nooit gedacht.’

Haar verhaal maakt duidelijk dat deze vorm van fraude alleen kan floreren als inburgeraar en taalschool samenspannen. Want als Rana aan de bel trekt, is het snel afgelopen. Haar begeleider probeert verhaal te halen bij Samen Leren, maar wordt weggehoond. Twee dagen later krijgt ze alsnog een telefoontje van de directeur, die door het stof gaat. ‘Hij smeekte me: doe alsjeblieft geen aangifte, je maakt ons bedrijf kapot. Dezelfde dag kreeg ik een foto van een bankafschrift waaruit duidelijk werd dat het afgeschreven bedrag was teruggestort op de rekening van Duo.’

De begeleider van Vluchtelingenwerk heeft de stichting Blik op Werk intussen gewaarschuwd. Die deed naar eigen zeggen al onderzoek naar de taalschool, omdat in korte tijd opvallend veel facturen waren ingediend. Na Rana’s melding wordt het keurmerk van Samen Leren BV ingetrokken. De school heeft welgeteld twee maanden en tien dagen bestaan.

Rana heeft onlangs haar A2-cursus afgesloten bij een taalschool in Amsterdam. Zonder laptop als welkomstcadeau, maar wel met een goed gevoel. Toch heeft de gebeurtenis haar vertrouwen beschadigd. Als dit één keer gebeurt, vraagt ze zich af, waarom zou het dan niet nog een keer kunnen gebeuren?

Reacties van de taalscholen

expanded Klik hier om te bekijken

Met medewerking van Sarah Haddou.

Dit verhaal kwam mede tot stand na een tip via Publeaks, het platform om veilig tips te delen. Wilt u ook veilig informatie delen, dan kan dat via volkskrant.publeaks.nl. Mailen mag ook naar tips@volkskrant.nl

Meldingen

De Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid ontving tussen mei 2017 en maart 2019 390 meldingen van mogelijke fraude en misbruik van inburgeringsgeld. De meeste meldingen (108 van de 390) gingen over het verstrekken van cadeaus, gevolgd door het declareren van lessen die nooit hebben plaatsgevonden (96) en de gebrekkige kwaliteit van het onderwijs (77). Op dit moment voeren 197 scholen het keurmerk van Blik op Werk, de stichting die toezicht houdt. Sinds vorig jaar zijn 28 scholen het keurmerk kwijtgeraakt. Dat kan het gevolg zijn van fraude, maar ook gebrekkig onderwijs of het opdoeken van een taalschool kan daaraan ten grondslag liggen.