Reportage Wijn

Bij het front in Oekraïne liggen miljoenen flessen wijn onder de grond

In Bachmoet, een stadje aan het front in Oost-Oekraïne, liggen 13 miljoen flessen mousserende wijn onder de grond. Terwijl de mortiergranaten inslaan, werken de wijnmakers op 72 meter diepte door. Maar de oorlog heeft de smaak van de wijn veranderd.

Diep onder de oorlogsgronden van Oost-Oekraïne klinkt een knal. De kurk schiet uit de fles bubbeltjeswijn en Bohdan Malovany snuift met gesloten oogleden de druivenaroma’s op. ‘Neem gerust’, zegt hij. ‘Er is genoeg.’

In het ondergrondse gangenstelsel om hem heen liggen iets meer dan 13 miljoen flessen bubbeltjeswijn. De flessen hangen in dennenhouten stellingen langs wanden van gipssteen. Sommige zijn een uur geleden gebotteld, andere een jaar of zes eerder, toen het boven de grond nog vrede was.

Tot 2014 werden feesten in vrijwel de hele voormalige Sovjet-Unie opgevrolijkt door deze gipsmijn. Jozef Stalin had besloten dat de temperatuur (12 tot 14 graden) en de luchtvochtigheid (85 procent) hier ideaal waren voor de productie van sovjetskoje sjampanskoje: mousserende wijn om mee te klinken op het broederschap der Sovjet-volkeren. Maar zeventig jaar na de opening ligt Stalins wijnmakerij aan de vuurlinie van twee van die volkeren. Of beter gezegd: eronder.

Bij de ingang van de mijn zijn de inslaande mortiergranaten dagelijks te horen. Bachmoet is het laatste stadje voor het front. Tien kilometer verderop liggen Oekraïense soldaten in loopgraven tegenover separatisten die steun krijgen van Rusland. Dinsdag kwamen er weer drie Oekraïense soldaten om – het dodental van de oorlog is de 13 duizend gepasseerd.

72 meter onder de grond

Aan de doffe knallen zijn de wijnmakers wel gewend geraakt. Maar aan de gevolgen voor hun historische bedrijf nog niet. ‘Wijn maken is een stuk ingewikkelder geworden hier’, zegt Malovany (26), verantwoordelijk voor de export en naar eigen zeggen ‘kind van de wijnmakerij’: zijn moeder werkte er al toen Oekraïne en Rusland nog deel uitmaakten van hetzelfde land.

Bohdan Malovany

Niet dat de wijnmakerij zelf onder vuur ligt. Op een incident na, waarbij met een machinegeweer geschoten werd in de mijn, is het stil gebleven onder de grond. De hoge piefen van de stad hebben hun dure auto’s ook weer uit de mijn gehaald nu het acute gevaar voor Bachmoet geweken lijkt.

Wat de oorlog wel met de wijn doet? Die verandert de smaak, de exportmogelijkheden en zelfs de historische naam.

Om dat uit te leggen springt Malovany in een golfkarretje. Op 72 meter onder de grond is het oppassen geblazen voor tegemoetkomende tankwagens, heftruckjes en de pendelbussen voor de 560 werknemers. Links en rechts zijn gipswanden in kleurtjes geverfd ter compensatie van de donkere rotsen onder de grond.

Elke 15 dagen een kwartslag draaien

Aan het productieproces is weinig veranderd. Dat voltrekt zich nog steeds volgens de klassieke champagnevoorschriften uit Frankrijk. Met een vrouwenbrigade die iedere 15 dagen de rijpende flessen in de stellingen een kwartslag draait.

Maar dan komt Malovany aan bij een panoramafoto van de wijngaarden die hij zo mist. ‘Het was geweldig om onze velden met mijn eigen ogen te zien’, zegt hij. ‘Het klimaat is er schitterend voor druiven.’ De wijngaard op de foto ligt op de Krim, het schiereiland dat volgens de internationale gemeenschap nog steeds van Oekraïne is, maar geannexeerd is door Rusland. Met wijngaard en al. ‘We weten niet wat er nu op onze wijngaarden gebeurt’, zegt Malovany. ‘We kunnen er niet meer bij.’ Dus komen de tankwagens met druiven niet meer uit de valleien van de Krim, maar uit de zuidelijke provincies Odesa en Cherson. Ook lekker, maar tweede keus.

Bovendien: wat te doen met de wijnmerken Krim, Krimskoje, Krimart en Parel van de Krim nu er in de nieuwe flessen geen enkele Krim-druif zit? De merken zijn vooral populair in het grootste exportland: Duitsland, waar een miljoen flessen per jaar heengaan dankzij de historische banden met Oost-Duitsland – vooral bruisend rode Krim is daar populair. Een deel van de flessen wordt doorgevoerd naar Russische winkeltjes in West-Europa, onder andere in Nederland.

‘Het liefst willen we de naam behouden’, zegt Malovany die weer door de mijn sjeest in het golfkarretje. ‘Mensen zijn gewend aan Krim op het etiket.’

Bekendste merk

Bij een kaart van zijn afdeling, de exportafdeling, is in een oogopslag duidelijk waar de wijnmakerij, net als heel Oekraïne, op inzet: export naar de Europese Unie. De grootste markt, Rusland (7 miljoen flessen per jaar), is volledig weggevallen door de oorlog en het exportverbod dat daarop volgde. Ook de verkoop naar de trouwste klanten, de provincies Loehansk en Donetsk, nu separatistengebied, is sterk gedaald. Al nemen sommige inwoners van separatistengebied nog een paar flessen mee na familiebezoek aan deze kant van de frontlinie. ‘De douane laat twee flessen per persoon door’, zegt Malovany.

Maar het is niet alleen Rusland dat de wijnmakerij parten speelt. De nationalistische koers van de eigen regering maakt overleven nog moeilijker. Door wetten die heel Oekraïne moeten zuiveren van de geschiedenis in de Sovjet-Unie, toen de regering in het gehate Moskou zat, kregen duizend Oekraïense plaatsen nieuwe namen. De thuisstad van de wijnmakerij heette Artjomovsk, maar is nu veranderd in Bachmoet. Het stadje was immers vernoemd naar Artjom, een revolutiemakker van Lenin – en dus fout.

Ook de wijnmakerij verloor de naam Artjomovsk Champagne Fabriek en heet nu Artwine. Bovendien dreigt binnenkort ook het bekendste merk van de mijn te sneuvelen. In 2022 verloopt de licentie voor Artjomovsk, het wijnmerk dat al decennia op tafel staat als de Oekraïeners feestvieren. ‘We denken erover om de wijn te vernoemen naar fabeltjesschrijver Petro Artjemovski, dan kunnen we naam misschien behouden’, zegt Malovany.

De vraag in eigen land is nog altijd 6 miljoen flessen per jaar, ondanks de oorlog. Malovany schenkt zijn glas vol met rode bubbels en citeert een uitdrukking die inwoners van voormalige Sovjet-republieken vaker opwerpen als reden om toch maar weer een fles soldaat te maken: ‘Als je vandaag niet met ons drinkt, dan verloochen je morgen je moederland.’