Was Renoir een meester van het impressionisme of een seksist die niet kon schilderen?

Renoir is bijna 100 jaar dood, maar zijn werk leidt nog tot hevige discussie. Een expert en een anti-Renoir-activist vechten het uit.

Waarom zou je doorwerken als je chronisch ziek bent? De Franse schilder Pierre-Auguste Renoir (1841-1919) had reumatoïde artritis en wist van geen ophouden. Zijn handen waren vervormd, lopen kon hij niet meer. Maar hij schilderde stug door, want zo zei hij: ‘De pijn gaat over, de schoonheid blijft.’

Pierre-Auguste Renoir op late leeftijd aan het schilderen onder een parasol, ca. 1910. Foto Getty

Het is een troostrijk citaat. Er zijn zelfs mensen die Renoirs hoopgevende motto als tatoeage hebben. Over het eerste deel kunnen we het gemakkelijk met Renoir eens zijn: de pijn gaat over, uiteindelijk. Volgende week, op 3 december 2019 is het precies honderd jaar geleden dat de schilder overleed.

Alleen die schoonheid, daar valt over te twisten. De doeken van de productieve schilder wekken nogal gemengde gevoelens op. Zo toog in 2015 een groep verontwaardigde kunstkijkers naar het Museum of Fine Arts in Boston. Op hun protestborden stond in kapitalen ‘Renoir sucks at painting’, ‘ReNOir’ en ‘God hates Renoir’. De ludieke actie ging direct viral, sommige critici spraken er schande van, maar er kwam ook bijval. Het bijbehorende grappige instagram-account telt inmiddels meer dan 13.500 volgers.

  • Foto's van het instagramaccount @renoir_sucks_at_painting, in streepjesblouse met geheven middelvinger oprichter Max Geller.

Anders dan bijvoorbeeld Monet of Cézanne blijkt Renoirs kunst niet boven elke twijfel verheven. Renoir begon zijn kunstcarrière met Parijse taferelen in impressionistische stijl en concentreerde zich later op huiselijke taferelen en dromerige naakten. Vooral die late werken laten zich gemakkelijk wegzetten als zoetsappig en seksistisch.

Althans, wij kunnen ze wegzetten. U kunt deze pagina wegklikken en dan bent u er meteen vanaf. Maar Martha Lucy, adjunct-directeur onderzoek en educatie van de Barnes Foundation in Philadelphia, kan niet om de late Renoir heen. In haar museum zijn maar liefst 181 schilderijen van zijn hand te vinden. De Amerikaanse chemicus en kunstverzamelaar Albert C. Barnes kreeg geen genoeg van de zwoele taferelen.

Toch was zij er niet op voorbereid hoe hevig sommige bezoekers reageren op de overdaad aan Renoir in de Barnes Foundation: ‘Mensen roepen: o mijn God, nee, niet nóg een Renoir!’ En vakgenoten vragen Lucy bezorgd: ‘Hoe hou je het uit tussen al die Renoirs?

Doorzichtig

  • Martha Lucy: Renoir verdunde de olieverf met terpentine. Dit lichaam is uit doorzichtige lagen opgebouwd en je ziet de textuur van het canvas, dat maakt het zo aaibaar.

De kunsthistoricus probeert er sindsdien de vinger achter te krijgen waarom Renoir mensen zo boos maakt. Ze verzamelt negatief commentaar en kan er bijvoorbeeld best om lachen dat in de New York Times een van Renoirs doeken van naakten omdoopte tot ‘twee croissants op een bedje groen’. Ook de acties van ‘Renoir sucks at painting’ kan ze waarderen.

Maar dat Renoir kon schilderen staat voor Lucy buiten kijf. En ook zijn late werk moeten we serieus nemen, vindt ze: ‘Hij wist precies wat hij deed’. Voor de Volkskrant wil ze graag uitleggen wat dit schilderij Vijf Baadsters (1918-1919) uit de collectie van de Barnes Foundation tot een van haar favorieten maakt.

Natuur

  • Martha Lucy: Het gaat de schilder om de harmonie tussen vrouw en natuur, prachtig hoe het landschap zich om de vrouwenlichamen vormt.

  •  Max Geller (oprichter Renoir Sucks at Painting): In het echt is de natuur mooi om naar te kijken. Dit lijken gesmolten ijsjes, ik word er misselijk van

Organisator en politiek activist Max Geller kent de collectie van de Barnes Foundation ook. Al betreurt hij dat: ‘Hun collectie is gevaarlijk, veel te gesuikerd, niet geschikt voor menselijke consumptie.’ Na een bezoek aan de Barnes Foundation, startte hij begin 2015 het instagram-account Renoir sucks at painting. Ondanks de overdrijvingen en de humor heeft zijn protestbeweging ook een serieuze ondertoon: ‘Ik ben vóór het democratiseren van de kunstcanon. Wat willen we in musea zien, de collecties van smakeloze rijkaards?’

Dat zijn account vijf jaar stand zou houden, had Geller niet verwacht. Met het presidentschap van Donald Trump kreeg de beweging een vlucht, zegt hij. ‘Renoir is zijn favoriete schilder! Al die verstandige geleerde mensen die met welbespraakte argumenten Renoir verdedigen moeten zich realiseren: Donald fucking Trump is het roerend met je eens. Ik zou echt schrikken als ik het over wat dan ook eens was met Trump.’

Vreemd

  • Martha Lucy: Ik hou ervan hoe vreemd dit schilderij is. Wat zijn die vrouwen aan het doen? Het is superdecoratief, Renoir keek duidelijk naar de onbeschaamde sensualiteit bij rococo-schilders.

  •  Max Geller: Die bizarre chimpansee-achtige witte vrouwen? Die zijn niet vreemd bedoeld, Renoir kon gewoon niet schilderen. En dit schilderij druipt van de vrouwenhaat.

In feite past Trump in een lang rijtje van vermogende Amerikanen die smullen van Renoir. Vooral in de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw waren zijn doeken niet aan te slepen. Dat kan Lucy verklaren: ‘De Amerikanen vonden de avant-gardistische Europese kunst schokkend. Renoirs schilderijen waren wél modern, maar niet zo vreemd als die van bijvoorbeeld Duchamp of Picasso, men vond ze geruststellend.’

Botten

  • Martha Lucy: Schitterend hoe alles op dit doek ronde vormen heeft.

  • Max Geller: Kijk naar die arm! Er zitten geen botten in!

Dus, de pijn gaat over, de schoonheid blijft? Zo simpel is het niet. Wat voor de een woest aantrekkelijk is, blijkt voor een ander walgelijk afstotelijk. Dat blijkt ook uit het genadeloze commentaar wat Max Geller bij dit schilderij geeft. Toch heeft Lucy het nog niet opgegeven met de erfenis van Renoir: ‘Je weet gewoon dat hij weer in de mode raakt. Ooit.’

Pierre-Auguste Renoir, Compositie, vijf baadsters (ca. 1917-1918), Collectie Barnes Foundation. Foto Tim Nighswander