Fotograaf Joep Lennarts (1958-2011) was bevlogen, bezeten en bezwaard

  Fotograaf Joep Lennarts (1958-2011) had een grenzeloze liefde voor gitaren. Boos worden kon hij ook, over de staat van de fotojournalistiek vooral en over wat er niet in de krant stond. Zaterdag verschijnt een overzichtsboek van zijn fotografie en opent in Den Bosch een expositie van zijn werk.

Als er op zijn vakgebied een nieuwe gadget op de markt kwam, een lens of een body of wat ook, was hij er als de kippen bij om het ding als eerste aan te schaffen. Hij had een grenzeloze geestdrift voor muziek, zijn vak als persfotograaf stelde hem in staat om intens dicht bij zijn idolen te komen. Hij koesterde een liefde voor gitaren. Op het hoogtepunt bezat hij veertien stuks van dit instrument. Joep Lennarts was een bezeten man, in tal van opzichten.

Steven Tyler, Aerosmith, Ahoy Rotterdam, 1993

Als er vergaderd moest worden onder fotografen, als er strijd geleverd moest worden, meldde Lennarts zich als eerste. Hij was somber over het aanzien van zijn vak. Dat je moest schooieren voor een paar rottige centen, dat er kranten waren die je chanteerden met een voor-jou-een-ander, was respectloos. Voorbij respectloos, want vernederend was het om te moeten ervaren hoe de arroganten van de krant, de pennelikkers met hun mateloze inbeelding jouw vak als een servicebureautje zagen. Dat er o ja, de heren zouden het bijna vergeten, nog een plaatje geschoten moest worden bij dat magistrale stuk van hen.
‘De overgrote meerderheid van de Nederlanders schrijft’, noteerde hij. ‘Zijn die allemaal schrijver?’ Nou dan! Een ‘telefoontjesfotograaf’ kan als-ie toevallig op de goede plek staat een kiekje maken van de minister-president die struikelt over een losse schoenveter. Maar zien we niet liever een foto die iets vertelt over het functioneren van de premier? Wie zo’n foto kan maken is een vakman, heeft een roeping, is bezeten.

Bonnie Raitt, De Kuip Rotterdam, 1992

Johnny Cash, Rotterdam, 1994

Michael Jackson, De Kuip Rotterdam, 1992

Joep Lennarts vond dat de krant te weinig van het volle leven liet zien, te vaak niet thuis gaf als weer eens bleek hoe ongelijk het geluk verdeeld is in de wereld. In de 25 jaar dat hij fotojournalist was, voornamelijk voor het Brabants Dagblad en de Volkskrant, maakte hij tal van sociale reportages, van de armoede in donker Afrika tot de leegte van de penitentiaire inrichting in Vught.
Als kwetsbare eenling was hij geknipt voor de fotojournalistiek. Beschouwer vanaf opzij. Je kon lachen met Joep, zwaar op de hand was hij ook. Op de vroege vrijdagochtend van 25 februari 2011 was hij zomaar verdwenen. Tien weken later, op 4 mei werd zijn lichaam gevonden in het water van een zijtak van de Maas bij Den Bosch. Hij was 53. Bij wijze van eerbetoon verschijnt zaterdag een overzichtsboek van zijn fotografie, onder de titel Het Pixelparadijs. Tegelijk opent in theater de Verkadefabriek in Den Bosch een expositie van zijn werk.

Tom Waits, Nederlands Congrescentrum Den Haag, 1999

Bono, U2: Goffertpark Nijmegen, 1993