Hiphop en jazz vloeien natuurlijk samen op genietbare editie van North Sea Jazz

2019 is niet het jaar van de nieuwe ontdekkingen, wel het jaar waarin oude helden worden geëerd. 

Zo vaak hoor je ze eigenlijk niet meer op de jazzpodia, bebopklassiekers als Ornithology of Milestones. Jazz heeft zich alle kanten op ontwikkeld en de muzikanten kijken liever vooruit dan terug. Nergens wordt die ontwikkeling jaarlijks zo goed in kaart gebracht als op het North Sea Jazz Festival, dat afgelopen weekend de 44ste editie beleefde.

Toch was het fijn om zaterdagmiddag even te luisteren naar Rein de Graaff (76) de beboppianist die decennia lang de grote Amerikaanse meesters mocht begeleiden als ze hier op tournee waren.

Rein de Graaff

Zijn ‘afscheid’ van North Sea Jazz was hartverwarmend zonder nostalgisch te worden omdat het trio van de Graaff bijval kreeg van onder meer Tineke Postma en Maarten Hogenhuis op altsaxofoon. Mooi hoe diverse generaties jazzmuzikanten elkaar hier vonden. Stoffig of ouderwets klonk het geen moment. En toch ook weer heerlijk hoe je even later in een andere zaal je kon onderdompelen in een andere wereld door het Re:Freshed Orchestra dat onder leiding van Sly5thAve het werk van hiphopproducer Dr. Dre herinterpreteerde.

Sly5thAve

Beeld: Daniel Cohen

En evengoed heerlijk om je in een andere zaal onder te laten dompelen in een andere wereld door het Re:Freshed Orchestra, dat onder leiding van Sly5thAve het werk van hiphopproducer Dr. Dre herinterpreteerde. Hiphop en jazz vloeiden vrijdag ook al zo natuurlijk samen bij het eerste van drie optredens van toetsenist Robert Glasper, dit jaar artist in residence bij het North Sea Jazz. Glasper was bezig aan een dampende set vol priemende funkaccenten toen daar ineens rapper Yasiin Bey (beter bekend als Mos Def) opdook. De drums waren gortdroog en Glasper liet precies de juiste ruimte in zijn spel zodat Bey kon laten horen dat hij nog altijd een intens rapgeluid heeft.

In dezelfde Congo-tent glorieerde vrijdag ook de Amerikaanse drummer Makaya McCraven, een van de spraakmakendste jazzmuzikanten uit de huidige Chicago-scene. Een straffe hiphopbeat liep bij hem moeiteloos over in een stevig stukje freejazz met een belangrijke rol voor een andere rijzende ster: vibrafonist Joel Ross, die zondag nog met zijn eigen band zou optreden.

Makaya McCraven

Leuk, al die vernieuwende jazz maar de Congo liep zaterdag pas echt vol toen er een er een stevige portie soul en rhythm-and-blues werd geserveerd. Er was zelfs geen doorkomen aan buiten op het plein voor de tent waarin de Australische Teskey Brothers een feestje bouwden. Hun opzwepende soulmuziek klonk vooral zo authentiek dankzij zanger Josh Teskey. Zijn stem is zo machtig en krachtig dat je die van een afstand makkelijk met die van Otis Redding kunt verwarren.

Ideaal geprogrammeerd zo op de zaterdag, wanneer het publiek altijd meer op zoek lijkt naar gezelligheid dan naar avontuur. De keuze voor de Engelsman Jamie Cullum bleek een schot in de roos. Cullum is een rasentertainer die met sterke covers (Louis Prima’s Just A Gigolo) en pakkende eigen pianosongs de uitpuilende Nile-zaal (twaalfduizend man) inpakte.

Zo viel er drie dagen lang overal veel te genieten, zonder dat er echt nieuwe ontdekkingen gedaan werden.

Anita Baker

Wel opvallend dit jaar was de hoeveelheid odes, vooral aan jazzhelden en -heldinnen die niet meer onder ons zijn. Die eerbetonen zijn een gebruik op North Sea Jazz, het festival waar zo veel legendarische muzikanten speelden, van Miles Davis tot Prince

Maar dit jaar waren het er wel heel veel, met gemak vijftien. Een van de leukste was het concert van het trio MixMonk, dat aan de haal ging met het werk van de eigenzinnigste oervader van de jazzpiano: Thelonious Monk. MixMonk bestaat uit twee jonge Belgische musici – pianist Bram de Looze en saxofonist Robin Verheyen – en de gerijpte Amerikaanse jazzpersoonlijkheid Joey Baron op drums. De samenwerking leverde indrukwekkende muziek op, vooral dankzij de combinatie van De Loozes zachtmoedige pianogeluid en het meer bruuske drumwerk van Baron.

Aardig genoeg werden er ook niet-musici geëerd. Een ontdekking was de Chileense tenorsaxofonist Melissa Aldana, die in mei het bijzondere album Visions uitbracht, waarop ze en ode brengt aan de Mexicaanse kunstenaar Frida Kahlo. Haar spel vrijdag was meeslepend. Aldana moet het niet hebben van haar kracht, maar de lange, hoge noten kwamen er prachtig dungesponnen uit, in ritmisch spannende, onvoorspelbare composities.

The Teskey Brothers

De meest curieuze ode was die van saxofonist Maarten Hogenhuis aan de bedenker van de instant noodles. Hij deed dat een paar uur na zijn gastoptreden bij Rein de Graaff, in een fraai en gelaagd stuk dat onderdeel uitmaakte van de compositie-opdracht die Hogenhuis dit jaar kreeg van het festival. Hogenhuis breidde zijn eigen trio daarvoor uit met drie extra blazers. Het resultaat was een fris en transparant soort kamerjazz, met spannende (want dicht tegen elkaar aan liggende) meerstemmige melodieën.

Er was dit jaar dan wel geen nieuwe trend, zoals vorig jaar dankzij de Londense jazzscene, het zijn muzikanten als Aldana en Hogenhuis die je de zekerheid verschaffen dat jazzmuziek zich decennia na Ornithology nog blijft ontwikkelen.

Curtis Harding

Enkele hoogtepunten

Trijntje Oosterhuis laat Burt Bacharach zien hoe het hoort

Wellicht voor het laatst was er vrijdag de mogelijkheid om de legendarische Amerikaanse componist en arrangeur Burt Bacharach (91) live aan het werk te zien.

De oude meester had er zin in. Hij kwam vitaal op sneakers het podium op wandelen en stond vaker achter zijn piano dan dat hij zat. Geen kwaad woord over de prachtige liedjes als What the World Needs Now, Walk on By of I Say a Little Prayer, maar wat een armoedig klinkende band had hij bij zich. De strijkers kwamen op een dun klinkende viool na uit een doosje en zijn zangeressen ontbeerden de elegantie die noodzakelijk is voor de uitvoering van Bacharachs minutieus gecomponeerde liedjes.

Na drie kwartier bracht onze eigen Trijntje Oosterhuis redding. Haar vertolking van Falling Out of Love was perfect. Iedere syllable precies zuiver en raak gezongen. Jammer dat haar bijdrage maar bij één liedje bleef. Trijntje ‘Oesterhois’ klonk fantastisch.

One-On-One

In de Volga-zaal boven in Ahoy is doorgaans de ‘moeilijke’, experimentele jazz te horen. Liefhebbers van improvisatie moeten zich al vroeg melden, want er staan standaard lange rijen voor het trappetje naar zolder. Nieuw was dit jaar het idee om op zaterdag steeds twee muzikanten aan elkaar te koppelen voor een half uur samen spelen. Wat een vondst! Saxofonisten Ben Wendel en Ben van Gelder, trompettist Ambrose Akinmusire en pianisten Aaron Parks en Kris Davis waren zo steeds in duovorm te horen. Wendel en Akinmusire dompelden hun stuk onder in elektronica terwijl diezelfde Akinmusire op zijn trompet kleine plaagstootjes blies toen hij aan pianist Kris Davis was gekoppeld. Heel minimaal, zuchtend, sputterend maar nooit voluit. Net als het spel van pianiste Kris Davis. Geen lange solo’s maar zoekend en improviserend samenspel. De volle dertig minuten lang spannend.

Mats Eilertsen Trio 

Mats Eilertsen Trio

Hoe krijgt pianist Harmen Fraanje het toch voor elkaar? Die kraakheldere twinkel in iedere pianotoets die hij indrukt. Het maakt zijn spel herkenbaar uit duizenden. De klank vloert je.

Fraanje speelt vrijdag als onderdeel van het trio van de Noorse bassist Mats Eilertsen in de Volga.

Het Mats Eilertsen Trio, dat eerder dit jaar ook een mooie plaat maakte (And Then Comes the Night) is groots in subtiliteit en suggestie. Af en toe houdt drummer Strønen een doorlopend ritme aan, maar vaker gebruikt hij zijn drumstel voor decoratieve geluiden. Met allerhande stokken bespeelt hij met veel gevoel de bekkens – vooral de randen – van zijn drumstel.

Prachtig is de interpretatie van Ida Lupino, een compositie van de vrijzinnige pianist en componist Carla Bley. Daarin werkt het trio met gelaagde akkoorden en structuren toe naar een hoogtepunt. De stilte en gebogen hoofden in de Volga na afloop zijn veelzeggend.

Gary Bartz Another Earth 50-year Anniversary

Gary Bartz staat nog maar een kwartier op het podium. Daarin heeft de saxofonist, die onder meer speelde in de band van Miles Davis, al meerdere rake solo’s gespeeld, een gedicht over een eenzame ster voorgedragen en zijn sax laten grommen als de hoorn van een stoomboot.

78 jaar is Bartz inmiddels. Zijn concert, opgebouwd rond zijn 50 jaar oude plaat Another Earth, voelt als een audiëntie bij een levende jazzgod. Het zit ’m niet in het historisch erfgoed dat Bartz en zijn instrument meedragen, maar in iets veel kostbaarders: de totale vrijheid die Bartz zich in zijn spel kan permitteren. Vervreemdende avant-gardemelodieën, keiharde swing, grooves die knipogen naar funk- en soulmuziek, en zelfs gospel – Bartz laveert moeiteloos tussen al die verschillende klankwerelden, en nog klinken zijn sax-sages als één wervelend verhaal. Even komen Bartz en zijn publiek los van de grond.

Jazz op het grootste podium graag

Zelden was North Sea Jazz zo snel uitverkocht als dit jaar, de 14de keer dat het festival in en rond Ahoy in Rotterdam wordt georganiseerd.

Hoewel er de laatste jaren veel nieuwe, populaire jazzmuzikanten zijn opgestaan (Kamasi Washington, Snarky Puppy) moet de grootste zaal Nile het toch vooral hebben van pop, soul en hiphop. Washington is populair (hij speelde in de op-een-na grootste zaal, Maas) maar van een echte crossover naar het grote poppubliek is nog geen sprake.

Wanneer breekt een van de vele jonge spraakmakende artiesten (we noemen ook Shabaka Hutchings en zijn Londense scene) dusdanig door dat we op zaterdag niet meer hoeven mee te brullen met Top 2000-repertoire van Toto?