Het vuur moest branden

Veel paasvuren gingen afgelopen weekeinde niet door. In Meddo wel, en dat terwijl de stapel snoeihout daar juist hoger was dan elders, merkte fotograaf Marcel van den Bergh. 

Als de harde oostenwind over het paasvuur in het Gelderse Meddo waait, komt de vonkenregen, die ervoor over een lege akker woei, ineens de kant van het publiek op. Toeschouwers maken zich uit de voeten, terwijl de organisatie een poging doet de geluidsapparatuur voor de hekken te redden. Het lukt ternauwernood.

In Meddo ging afgelopen weeekeinde de geliefde paastraditie wel door. Een vijftien meter hoge stapel snoeihout werd aan het einde van een warme paaszondag in de fik gestoken. Opmerkelijk, vond fotograaf Marcel van den Bergh. De afgelaste paasvuren die hij in de week ervoor fotografeerde waren veel kleiner in omvang.

Op honderden plekken in Gelderland, Groningen, Overijssel en Drenthe was het te droog voor de paasvuren, er was te veel risico op natuurbranden. In Scheveningen ging het tijdens de jaarwisseling al mis, toen een vreugdevuur een enorme vuurregen produceerde. Autoriteiten stonden op scherp. Alleen al in de gemeente Berkelland mochten 79 vuren niet doorgaan.

In het Drentse Erica liep het zondagavond toch uit de hand. Door een hevige vonkenregen moeten zes huisjes op het naastgelegen bungalowpark worden ontruimd. Een boom vatte vlam, en er ontstonden kleine brandjes in het bos.

In Meddo hield de organisatie het terrein zondag nat met honderd kuub water, dat werd verspreid door een tank waar normaal mest in zit. De stapel brandde goed, en lang. ’s Ochtends vroeg rest er van de enorme bulk takken enkel nog een hoopje as over.