Hardcore-worstelen, een mix van atletiek en theater

Als je in Amerika de regels van het worstelen opheft, krijg je meer Shakespeariaans wraaktoneel dan sport, merkte fotograaf Marc McAndrews.

Een van de controversieelste films van de laatste twintig jaar was Fight Club van David Fincher. De hoofdpersoon, gespeeld door Edward Norton, kampt met problemen waar geen therapie of praatgroep tegen wil helpen. Hij knapt pas op als hij door Brad Pitt wordt ingewijd in de geneugten van de knokpartij zoals die wordt beoefend in de Fight Club.

De vechtpartijen daar gaan flink wat verder dan een potje boksen: bebloede hoofden zijn de standaard. Veel kijkers hadden moeite de ruim twee uur vol (zelf-)verminking uit te zitten. Er was echter ook een aanzienlijke groep van wie de film best vier uur had mogen duren. In dat laatste kamp zitten de liefhebbers van het hardcore-worstelen.

Deze tak van sport is ook bekend onder naam ‘death match wrestling’. De origines liggen in het Japan van de tweede helft van de jaren vijftig van de vorige eeuw, maar het meest populair is het in Amerika, waar ook kampioenschappen worden gehouden. In het hardcore-worstelen zijn regels en beperkingen van het gewone worstelen opgeheven, en mogen allerlei voorwerpen worden gebruikt. Prikkeldraad is vanzelfsprekend, maar ook glasscherven, ladders, tafels, stoelen, honkbalknuppels, hamers en bijlen behoren tot het assortiment.

De Amerikaanse fotograaf Marc McAndrews, die in zijn oeuvre eerder al allerhande randculturen portretteerde, legde de wereld van het hardcore-worstelen vast in zijn serie American ultraviolence. Hij zag ‘een mix van atletiek en gewelddadig theater’. ‘Dit worstelen’, zegt McAndrews, ‘heeft meer overeenkomsten met Shakespeariaans wraaktoneel dan met sport’.

Voor het publiek dat erop af komt had de fotograaf minstens zo veel oog als voor de worstelaars.‘Op een hele extreme manier laat deze theatrale zelfmutilatie voor het plezier van het publiek de aantrekkingskracht van geweld zien op ons als maatschappij, en roept tevens de vraag op waar entertainment ophoudt en taboes beginnen.’