De meest gestelde lezersvragen over de Europese verkiezingen

1 Waarover gaan we stemmen? 2 Hoe relevant zijn deze verkiezingen? 3 Is het Europees Parlement een ‘feestcommissie op zoek naar een feest’, zoals premier Rutte in het verleden beweerde? 4 Welke belangrijke zaken heeft het Europees Parlement afgelopen jaren bereikt? 5 Stemmen europarlementariërs anders dan hun nationale collega’s? 6 Waarom stemmen we op nationale en niet op Europese partijen? 7 Mogen inwoners uit de overzeese gebieden ook stemmen voor de Europese verkiezingen? 8 Waar stem je als je in een ander land woont? 9 Hoeveel kost het Europees Parlement? 10 Wat zijn de grote thema’s bij de verkiezingen? 11 Hoe groot is de kans dat buitenlandse mogendheden de Europese verkiezingscampagne zullen beïnvloeden? 12 Wat zeggen de peilingen?

Wat zeggen de peilingen?

De peilingen voorspellen dat de Europese Volkspartij (christelijk-conservatief) weliswaar zetels verliest, maar met afstand de grootste blijft (circa 180 zetels). De sociaal-democraten schommelen rond de 140 zetels, de liberalen (inclusief Macrons En Marche) zouden er 100 krijgen, de anti-Europese populisten (verdeeld over verschillende partijen) bijna 140 en de Groenen zo’n 60.

Daarmee heeft voor het eerst in de geschiedenis van het parlement de ‘grote coalitie’ (christen- en sociaal-democraten) geen meerderheid (376 zetels) meer. Een derde partij is nodig, wat de liberalen en Groenen in de aantrekkelijke positie van kingmaker plaatst. De kans is immers klein dat de christen- en sociaal-democraten bij de populisten aankloppen voor steun. De fragmentatie in het parlement maakt het moeilijker om wetten aangenomen te krijgen. Hoe effectief het nieuwe parlement is, zal al snel na de verkiezingen blijken als een nieuwe voorzitter van de Europese Commissie moet worden aangewezen.