Utrecht

Hoe Nelly de Duitsers op de dag van de bevrijding voor haar karretje spande

‘Ik fietste het laatste stuk alsof ik vleugels had.’ Beeld: Sabine van Wechem

De bevrijding van Utrecht staat Nelly van Eimeren (94) nog helder voor de geest: ze regelde diezelfde dag nog een lift van de Duitsers – met een klein beetje misleiding.

Deel dit verhaal

Het zat er een tijdje aan te komen, maar toch kwam de bevrijding voor Nelly van Eimeren in Utrecht heel plotseling. ‘Opeens waren er die vlaggen, deuren gingen open en alle mensen kwamen dansend en zingend de straat op. Het is over! De oorlog is voorbij!’

Zelf herinnert ze zich de precieze datum niet meer, maar het moet 7 mei geweest zijn, de dag dat Utrecht werd bevrijd. Nelly – inmiddels heet ze Ramaekers-Van Eimeren – is nu 94 jaar en woont al lang in Limburg. Ze stuurde de Volkskrant een ‘verhaaltje’ over haar Bevrijdingsdag en via de telefoon, vanwege de coronacrisis, vertelt ze meer over die dag en de oorlog. ‘Ik vond het fijn om herinneringen aan vroeger op te halen’, zegt ze aan het einde van het gesprek.

Nelly’s ouders overleden al voor de oorlog, daarna trok ze met haar broer en zus in bij haar tante in Utrecht. Veertien jaar was ze toen de oorlog uitbrak. Die verliep relatief rustig voor haar, maar in de winter van 1944 was het ook in Utrecht steeds moeilijker om aan voedsel te komen.

Schooien

‘Op een gegeven moment ben ik begonnen met schooien’, zegt ze. ‘De boerderijen langs en vragen of ik kon helpen.’ Bij een familie in Wijk bij Duurstede had ze beet. ‘Bij die mensen viel dat in goede aarde, ze konden wel hulp gebruiken. In ruil daarvoor kreeg ik eten.’

Zo ging het ook op maandag 7 mei 1945. ‘Ik ruimde de stal op, harkte het grindpad en mocht mee-eten’, schrijft Nelly in haar verhaal. ‘Met 2 liter melk in mijn fietstas ging ik dan weer huiswaarts.’

Onderweg kwam Nelly niet vaak Duitsers tegen. ‘Nee, dat was heel uitzonderlijk’, zegt ze. ‘Maar ergens in de buurt van Houten vroegen ze me de weg.’

Een paar dagen daarvoor hadden de Duitsers in Wageningen de capitulatie getekend, maar op veel plekken was de macht nog niet overgedragen. Ook Utrecht en de dorpen in de omgeving wachtten nog op de bevrijders. De Duitsers die Nelly tegenkwam, wilden naar Bilthoven, waar het hoofdkwartier van het 88e Duitse legerkorps was gevestigd en waar in die tijd ook een noodhospitaal was.

Een Jeep vol uitgelaten mensen tijdens de bevrijding van Utrecht. Beeld: Hollandse Hoogte

Gebruikmaken

‘Ik bedacht snel hoe ik hiervan gebruik kon maken’, herinnert Nelly zich. De fiets werd op de wagen getild en zo vertrok ze met de Duitsers richting Utrecht. Aan het begin van de Gansstraat, vlakbij haar huis, liet Nelly zich afzetten en wees ze hen de weg. Een van de soldaten had toen wel door dat dit niet de kortste weg naar Bilthoven was geweest. ‘Du bist ein schlaues Mädchen’ (je bent een slimme meid), zei hij, herinnert Nelly zich. Lachend laadde hij de fiets af. ‘Die Duitse jongens moesten ook wel in de oorlog, ze waren niet allemaal slecht.’

In de Gansstraat gebeurt het: de vlaggen gaan uit, de Engelse en Canadese ‘Polar Bears’ hadden Utrecht bereikt. Ook in de rest van Utrecht barst het feest los. Eerder die dag is er nog wel een incident tussen Duitsers en verzetsstrijders: tien leden van de Binnenlandse Strijdkrachten komen daarbij om. Maar langzamerhand verandert de stad van kleur.

De door de Duitsers afgezette burgemeester Ter Pelkwijk ontvangt op het bordes van het stadhuis de commandant van de bevrijdingstroepen. En het Militair Gezag, dat tijdelijk de leiding krijgt over de stad, neemt zijn intrek in het oude hoofdkwartier van de NSB aan de Maliebaan. Voorman Mussert was er twee dagen eerder nog geweest, hij wordt op 7 mei in Den Haag gearresteerd.

‘Ik fietste het laatste stuk alsof ik vleugels had’, schrijft Nelly. ‘In de stad klonken de klokken van de Domtoren en overal was muziek.’

De volgende dag gaat ze de straat op. De slager deelt worst uit. Nelly danst met haar familie mee, ze draagt een jurkje dat ze aan het begin van de oorlog had gekregen. Ze kreeg het toen ze 14 was, vijf jaar later past ze het nog steeds. ‘Ik was dan ook zo mager als een lat.’

‘‘Du bist ein schlaues Mädchen’, zei hij.’ Beeld: Sabine van Wechem

Deel dit verhaal