Amsterdam

Gerrit (97) zag de laatste grote Duitse terreurdaad van dichtbij: de schietpartij op de Dam

De schietpartij op de Dam was de laatste grote Duitse terreurdaad. Beeld: Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid

De bevrijding van Amsterdam werd voor veel mensen overschaduwd door het drama dat zich op 7 mei op de Dam afspeelde, toen Duitsers het vuur openden. Gerrit Keet (97) was bij de schietpartij op de Dam. ‘Ik ben kruipend op mijn knieën naar een winkel gegaan’.

Deel dit verhaal

De Duitse kogels vlogen Gerrit Keet ’om de oren’ op 7 mei 1945 op de Amsterdamse Dam. Hij was getuige van de laatste grote terreurdaad van de Duitsers, waarbij na de capitulatie nog tientallen doden vielen. Maar vraag hem naar zijn heftigste oorlogservaring en hij komt met iets anders. ‘De achtervolging door de Duitsers’, zegt de 97-jarige Heerlenaar, ‘daar ben ik altijd bang voor gebleven.’

Keet groeit op in Den Helder en duikt op 1 augustus 1943 onder, als hij zich moet melden op het station om in Duitsland te gaan werken. Via Noord-Brabant en Heiloo belandt hij op een adres in Amsterdam. ‘Ondanks de gevaren heb ik me altijd op straat gewaagd.’

Maar die ene keer gaat het bijna mis. In de buurt van het Amstelstation wordt hij ontdekt door Duitsers, achterna gezeten en bijna omsingeld. ‘Ik wist nog maar net te ontkomen’, vertelt hij, vanwege het coronavirus via een videoverbinding. Vertrouwd met deze nieuwe techniek is hij niet, zijn hoofd zakt soms weg onder in beeld en hij verstaat niet altijd meteen alles, maar eenmaal aan de praat doet hij verslag van scènes die in een oorlogsfilm hadden kunnen zitten.

‘Via een open deur kon ik nog net een woning invluchten’, vertelt hij. ‘Daarna moest ik over hekken klimmen en kwam ik in een ander huis terecht. Bij die mensen heb ik een hele tijd onder de tafel gezeten. Ik was zo bang, de Duitsers hoefden maar aan te bellen of het was misgegaan. Gelukkig gebeurde het niet, maar die droom ben ik nooit meer kwijtgeraakt.’

Gerrit Keet (97) was bij de schietpartij op de Dam. Foto: Sabine van Wechem 

Keet verkeerde al die tijd in onzekerheid omtrent het lot van zijn vader, die in Den Helder spioneerde voor de Engelsen. Niet lang nadat zijn zoon was ondergedoken, werd hij gearresteerd. ‘Mijn moeder en zus werden onder schot gehouden’, zegt Keet. ‘Dat was heel emotioneel voor ze, ik heb geluk gehad dat ik dat niet heb meegemaakt.’

Vader Henk Keet werd naar de beruchte gevangenis aan de Weteringschans in Amsterdam gebracht en belandde via Kamp Amersfoort in de gevangenis in Remscheid-Lüttringhausen, waar in de oorlog ook veel politieke gevangenen zaten. Hij werd ter dood veroordeeld, maar de executie werd niet meteen uitgevoerd. Toen zijn zoon Gerrit Keet op 5 mei hoorde dat Nederland bevrijd was, wist hij nog niet of zijn vader in leven was.

‘In die dagen zwierf ik door Amsterdam’, zegt Keet, die toen 22 jaar was. ‘Gewoon om te kijken wat er allemaal gebeurde. Zo kwam ik in de middag op de Dam terecht, via de Kalverstraat. Het was heel gezellig, er stond een draaiorgel, veel mensen.’

‘Op een gegeven moment zie ik een Britse of Canadese auto, en toen werd er opeens geschoten. Die kogels vlogen me om de oren. Ik ben kruipend op mijn knieën naar een winkel gegaan. Daar heb ik in met andere mensen in de kelder gezeten.’

Chaos tijdens machtsoverdracht

Zo was Keet getuige van de meest tragische gebeurtenis van de bevrijdingsdagen. In de chaos rond de machtsoverdracht vonden in het hele land incidenten plaats. In West-Nederland vielen daarbij 156 doden, waarvan 32 op de Dam toen Duitsers het vuur openden op de menigte.

De schoten kwamen uit het gebouw van De Groote Club op de hoek van de Kalverstraat, waar op dat moment de Kriegsmarine verbleef. Lang werd gedacht dat de Duitsers zonder enige aanleiding begonnen te schieten, maar onderzoek van Vrij Nederland, de Stichting Memorial voor Damslachtoffers 7 mei 1945, Fosfor en de NOS leverde vijf jaar geleden nieuwe inzichten op.

Zo was het niet alleen maar gezellig rond de Dam. De ontwapening van de Duitsers ging met harde hand en achter het Paleis op de Dam sneuvelde daarbij een Duitser. Ook bij incidenten op andere plekken speelde de ontwapening vaak een rol. Zekerheid is er niet, maar die gespannen sfeer heeft wellicht bijgedragen aan het besluit het vuur te openen.

32 feestvierende Amsterdammers werden gedood door geweervuur van Duitse militairen. Bron: HH

‘Na de schietpartij lagen overal schoenen en kledingstukken’, herinnert Keet zich. ‘Een dag later hoorde ik dat er ongeveer twintig doden waren gevallen. Nee, ik kende niemand, ik was alleen op de Dam.’

De Stichting Memorial voor Damslachtoffers 7 mei 1945 heeft uiteindelijk 32 doden geïdentificeerd. Sinds 2016 staan hun namen verwerkt in de straatstenen van de Dam.

Voor Keet krijgt de oorlog enkele weken later toch nog een mooi eind. ‘Op 2 juni kwam mijn vader plotseling tevoorschijn’, vertelt hij. ‘Enkele van zijn vrienden zijn wel gefusilleerd, maar zijn executie werd uitgesteld.’

De reden is te lezen in een column van Simon Carmiggelt uit 1962 in Het Parool. Hij kende vader Keet, omdat die als kelner werkte in het café waar hij ’s ochtends altijd koffie dronk. Na zijn veroordeling vroeg de Duitse rechter volgens Carmiggelt aan Henk Keet of hij nog iets wilde zeggen. ‘Mijn ouders hebben na de Eerste Wereldoorlog een paar Duitse kinderen verzorgd’, antwoordde hij. Volgens de rechter was dat niet relevant, maar een advocaat mocht het verhaal toch uitzoeken. En zo liep zijn zaak vertraging op.

‘Op 24 april zou hij in de avond geëxecuteerd worden’, zegt zoon Gerrit. ‘In de middag werd hij bevrijd door de Amerikanen. Zo konden we hem gelukkig weer zien.’

Henk Keet overleed uiteindelijk in 1971, in 1982 zou hij postuum worden onderscheiden met het Verzetsherdenkingskruis. ‘Hij staat nu in dat café en als je roept dan komt hij’, schrijft Carmiggelt in zijn column. ‘Sinds ik dit verhaal ken, denk ik: Eigenlijk moest ik hem zijn koffie brengen.’

Het verzetskruis dat zijn vader postuum kreeg. Foto: Sabine van Wechem

Deel dit verhaal