We hebben in Nederland alles in huis om het voedselprobleem op te lossen

Door:  Julia Rijssenbeek  

Het probleem is dat deze uitersten van de voedselketen, de productie- en consumptiekant, hopeloos inefficiënt met elkaar verbonden zijn. Dit vraagt om radicale oplossingen, stelt voedselonderzoeker Julia Rijssenbeek. 

In de afgelopen jaren braken er voedselrellen uit in Iran and Egypte. Nadat de wereldwijde honger jarenlang daalde, stijgt hij weer. Ondertussen groeit de bevolking in het grootste hongergebied ter wereld, sub-Sahara-Afrika, zo hard dat de bevolking verdubbelt tot 2050. Tunesië staat op het punt van een nieuwe broodrevolutie. ‘Making dough’ is straattaal voor ‘making money’, en als het ‘brood en spelen’ is dat mensen tevreden houdt, wat gebeurt er als hen dat ontnomen wordt?

Op de middag dat ik dit schrijf, loop ik naar de Albert Heijn en voel geen greintje onbehagen. Dit terwijl ik me overdag bij Freedomlab Thinktank juist bezighoud met toekomstvraagstukken, en specifiek met de toekomst van voedsel. Ik loop zorgeloos tussen de biologische eieren en producten van de ‘lokale boer’. Onze overvloed bestaat naast de (dreigende) schaarste elders. Wat betekent het voedselvraagstuk voor de toekomst en tot welke keuzes dwingt het ons?

We denken misschien eerst aan duurzaam voedsel als oplossing, zoals biologisch eten. Terwijl de enorme bevolkingsgroei en schaarse grondstoffen ons juist tot keuzes dwingen die voor sommigen ongemakkelijk klinken, zoals fabrieksgroenten, genetisch gemodificeerde turboaardbeien, kweekvlees, en insectenproteïne. We kijken te nauw als we hier liever niet aan denken. Voor ons heeft voedsel namelijk niets te maken met honger. Wij kennen dat niet. De overvloed leidt er nu toe dat wij eten steeds meer zien als onderdeel van het perfectioneren van ons lichaam. Aan het einde van de voedselketen hebben we een aangemeten dieet, zien we voedsel haast als gepersonaliseerd medicijn. Op minutieuze wijze stellen we een menu samen om onszelf te optimaliseren.

Bijna stoutmoedig spelen we met de wetten van het leven

En aan de productiekant van de voedselketen, ver van onze veilige supermarkten, proberen we de natuur te optimaliseren. We grijpen op steeds fundamentelere wijze in de natuur in. We gedragen ons alsof we ons al in het ware Antropoceen bevinden: een tijdperk waarin we niet meer incidenteel en per ongeluk de natuur beïnvloeden, maar haar volledig naar onze hand zetten, door haar te meten, manipuleren, en monitoren. Met methodes als genetische modificatie verbeteren we gewassen en dieren. We maken daarmee grote stappen in het decoderen van de data van moeder natuur. Heel gedreven zijn we daarin, bijna stoutmoedig spelen we met de wetten van het leven.

Het probleem is dat deze uitersten van de voedselketen, de productie- en consumptiekant, hopeloos inefficiënt met elkaar verbonden zijn. Nu reist ons eten duizenden kilometers en gooien we in de Westerse wereld jaarlijks evenveel voedsel weg als dat er in sub-Sahara-Afrika geproduceerd wordt. Dit is op lange termijn niet houdbaar, ook niet voor de Westerse wereld. Dit zijn problemen van een orde die om radicale antwoorden vragen. Ze vragen van ons iets te doen wat we nog nooit hebben gedaan: de uiteinden van de voedselketen aan elkaar te knopen.

Misschien betekent dat dat we de romantiek van de biologische boerderij achter ons laten en efficiënte manieren van produceren omarmen. Fabrieksgroenten en insectenproteïnen zijn bijvoorbeeld lokaal geproduceerd, met de minimale grondstoffen en belasting van de aarde, in precies de benodigde hoeveelheden. We kunnen de stappen in de voedselketen inzichtelijk maken door alle data van productie tot consumptie in één systeem te organiseren. Dit kan met blockchain technologie. Er zijn bijvoorbeeld nu al kokosnoten en druiven die op de blockchain georganiseerd zijn en die van boerderij tot supermarkt te traceren zijn.

In Nederland hebben we alle middelen om die stappen te maken. We hebben Wageningen, het Silicon Valley op voedselgebied, we hebben Enkhuizen, bekend als Seed Valley, we hebben Philips die voor de lichtconcepten kan zorgen die plantjes optimaal laten groeien, en met ons kleine landje zijn we nu al de tweede exporteur van agrarische goederen wereldwijd. Daarmee hebben we een van de belangrijkste missies van deze tijd op ons bord. We kunnen bijdragen aan het antwoord op het voedselvraagstuk, door de eindjes van de voedselketen op slimme manier aan elkaar te verbinden. We kunnen voedsel nog slimmer produceren, minder belastend en met minder grondstoffen en vooral kennis daarover delen met de wereld. Nu is het aan ons om rigoureuze keuzes te maken, niet uit luxe, maar uit noodzaak.

Julia Rijssenbeek is onderzoeker bij FreedomLab Thinktank en focust zich op de toekomst van voedsel.