'Willen we de doelstellingen van Parijs halen, dan moet de veestapel krimpen'

Door:  Pieter Hotse Smit  

Foto's: Hollands Hoogte  

Wil Nederland de klimaatdoelen van Parijs halen, dan zal de veestapel hoe dan ook moeten krimpen in de komende jaren. Dat staat in een rapport van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur. Voorzitter van de commissie Krijn Poppe: 'Het zou wel raar zijn om dit alleen op de schouders van de boeren te leggen. Streven naar duurzaamheid vraagt ook om gedragsverandering bij consumenten.’

De veehouderij staat voor een omwenteling vergelijkbaar met die van na de Tweede Wereldoorlog, toen in tijden van schaarste de Nederlandse voedselvoorziening groots werd opgetuigd. De ironie wil dat daar ook het zaadje is geplant voor de gigantische opgave waar Nederland nu voor staat. Met de doorgeschoten intensivering van de landbouw in de tweede helft van de twintigste eeuw is de druk op het klimaat, van met name de veehouderij, onhoudbaar geworden.

Wil Nederland de klimaatdoelen van Parijs halen, dan zal de veestapel hoe dan ook moeten krimpen in de komende jaren. Tot die conclusie komt de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) na ruim een jaar literatuurstudie en gesprekken met tientallen deskundigen. Hun advies Duurzaam en Gezond: Samen naar een houdbaar voedselsysteem, in opdracht van het vorige kabinet, is dinsdag aan Landbouwminister Carola Schouten en de staatssecretaris van Volksgezondheid Paul Blokhuis overhandigd.

Niet eerder werd de klimaatopgave voor de voedselketen zo expliciet gemaakt als door voorzitter van de raadscommissie Krijn Poppe (ook werkzaam bij Wageningen University & Research) en zijn twee mede-adviseurs. Poppe: ‘Zelfs als alle bestaande technologieën worden ingezet om de sector te verduurzamen, dan nog zal de veehouderij in 2050 het totale budget aan broeikasgassen – dat Nederland volgens de Parijsafspraken heeft – voor haar rekening nemen’. Alle toekomstige duurzaamheidsinnovaties zullen daar iets aan veranderen, maar niet genoeg, denken de adviseurs.

Dat de veestapel dus coûte que coûte kleiner zal moeten, is geen fijne boodschap voor de sector en minister Schouten. De minister verdedigde recent nog in de Volkskrant het kabinetsplan om verduurzaming in de veehouderij niet gepaard te laten gaan met ‘volumebeperkende maatregelen’, zoals ook in het regeerakkoord staat. Toch zal het moeten. Het is volgens het Rli zaak dat de minister zo snel mogelijk duidelijkheid geeft aan de veehouderij wat de productieruimte voor de komende decennia is. Het liefst door – binnen de Klimaatwet – de sector een aflopend emissieplafond te geven, zoals die ook bestaat voor de energiesector en de zware industrie.

Maar, zegt Poppe: ‘Het klimaatprobleem in de veehouderij is niet alleen af te wentelen op de boeren’. De overheid en de consument zullen ook offers moeten maken. De regering door boeren die voortijdig stoppen ruimhartig te compenseren, en de consument door haar eetgedrag te veranderen in de richting van een duurzamer, meer plantaardig dieet. Desnoods gedwongen met een verhoging van de btw op zuivel en vlees naar het 21 procenttarief.

Verkleinen veestapel, Rijkscompensatie en meer belasting. Stuk voor stuk politiekgevoelige voorstellen.

‘Dat klopt, maar wel bewust verdeeld over alle groepen. We pleiten voor een gezamenlijke aanpak, vergelijkbaar met die in de jaren vijftig, omdat Nederland voor een gigantische opgave staat. De CO2-uitstoot moet op basis van het klimaatakkoord in 2050 met 95 procent zijn teruggebracht. Zo’n 10 procent komt nu voor rekening van de veehouderij. Het zou wel raar zijn om dit alleen op de schouders van de boeren te leggen. Streven naar duurzaamheid vraagt ook om gedragsverandering bij consumenten.’

Maar de boeren moeten de grootste klap opvangen. Wat betekent jullie voorstel voor de veestapel?

‘Dat is nu nog niet te zeggen. Het aantal dieren is meer een uitkomst van ons voorstel dan een doel. We weten immers niet wat er technisch mogelijk wordt om de uitstoot per dier te verlagen, maar we weten wel dat het niet genoeg zal zijn. Daarom zeggen wij: regering, maak zo snel mogelijk inzichtelijk voor de sector waar het qua maximale broeikasuitstoot heen gaat. Dit leidt tot innovatie om duurzamer te gaan werken en tegelijk voorkom je dat boeren en zuivelfabrieken in 2040 plotseling met enorme afschrijvingen zitten.’

Dat het klimaat de grootste gevolgen ondervindt begint nu pas door te dringen bij veel veehouders en consumenten

Jullie kiezen voor CO2-rechten terwijl er al een fosfaat- en dierrechten zijn. Waarom?

‘De kern van ons voorstel is het klimaat leidend te maken in de hele voedseldiscussie. Het klimaat is het grootste probleem en dit is in onze ogen op te lossen met een maximum aan uitstootrechten voor broeikasgassen. Elimineer je die, dan verdwijnen ook andere moeilijkheden. Zoals milieuschade door te veel fosfaat uit mest, maar ook de gezondheidsnadelen van een dieet met te veel vlees.’

De vorige keer dat het zwaarder belasten van eiwitten werd geopperd, was de overheidsreactie: we gaan niet meekijken op het bord.

‘Zo reageerde men aanvankelijk ook in de discussie over de bromfietshelm en de autogordel. Inmiddels begint mijn auto al te piepen als ik hem niet om heb. Zo ver hoeft het van ons niet te komen met vlees en zuivel, maar er zijn tal van redenen om de huidige overconsumptie ervan te ontmoedigen.’

Ontbreekt het aan bewustzijn over de klimaatgevolgen van de veehouderij?

‘Dat het klimaat de grootste gevolgen ondervindt begint nu pas door te dringen bij veel veehouders en consumenten. Maar het kan beter. Nu klap ik uit de school, maar in besprekingen bij de Raad heb ik een aantal mensen horen zeggen: ‘Oh, zit dat zo, dan moet ik misschien ook wel iets gaan doen aan mijn eigen vleesconsumptie’.’

Waar het ons om gaat, is dat er een einde komt aan een veehouderij die onvoldoende rekening houdt met milieu en klimaat

Jullie reppen niet over allerlei boerenfraudes van de laatste tijd. Had het invloed op jullie advies?

‘Ons advies is er niet op gericht en we wilden er daarom niet te veel over zeggen. Maar uit deze fraudes mag je wel afleiden dat de veehouderij tegen de grenzen aanloopt. Boeren worden door het systeem gedwongen alsmaar te groeien. Als dit stukloopt en de concurrentiepositie onder druk staat, dan worden ze verleid tot fraude.’

Hoe zorg je dat zij duurzamer gaan werken?

‘Wij stellen voor Landbouwsubsidies alleen nog te geven aan boeren met oog voor maatschappelijk belang. Door weidevogelvriendelijk te werken en deelname aan de circulaire economie, door bijvoorbeeld reststromen van bierbrouwers en frietfabrieken te gebruiken als veevoer.’

Natuurinclusieve landbouw wordt beloond. Is dit niet te sturend? Binnen uw universiteit Wageningen is een sterke stroming die juist voor intensivering is.

‘Onder het handelsschema dat wij als Rli voorstellen, kun je rechten bijkopen en grootschalig aan de slag gaan. De schaalvergroting van individuele bedrijven zal wel doorgaan. Waar het ons om gaat, is dat er een einde komt aan een veehouderij die onvoldoende rekening houdt met milieu en klimaat om maar iedereen aan een boterham te helpen. Dat kan gewoon niet meer.’

Emissiebudget

100 miljoen kippen, 13 miljoen varkens, 4 miljoen runderen, 1 miljoen schapen en een half miljoen geiten stoten in Nederland samen een hoeveelheid broeikasgassen uit die overeenkomt met 18 megaton CO2. Met de huidige stand van de techniek is dit naar verwachting in 2050 teruggebracht naar 10 megaton CO2, evenveel als het totale emissiebudget dat Nederland binnen de afspraken van het klimaatakkoord van Parijs (95 procent lagere uitstoot dan in 1990) dan nog heeft. Op dit moment is de totale uitstoot van Nederland 195 mton.