Klimaatdoelen op je bord, dat wordt meer groente en minder vlees

Door:  Pieter Hotse Smit  

Foto's: Simon Lenskens  

 

Om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen moet de Nederlander ook iets op zijn bord verschuiven: groente erbij, vlees eraf. En snel een beetje, zegt een adviesraad van de overheid. Of dat lukt, en helpt? 'Wil je 10 miljard monden op onze manier blijven voeden, dan heb je vijf planeten nodig.’

Elke biefstuk- en melkliefhebber kan zich opmaken voor een gastronomische U-bocht. Voor de eigen gezondheid, en die van het klimaat. Het aandeel dierlijke eiwitten op het menu moet krimpen van grofweg 70 procent nu naar het vooroorlogse percentage van maximaal 40 procent. En dat binnen twaalf jaar.

De ambitieuze verschuiving naar een dieet met een meerderheid aan plantaardige eiwitten in 2030 is in lijn met de klimaatafspraken die in Parijs zijn gemaakt en daarom broodnodig. Dat was deze week de dwingende boodschap van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) in het overheidsadvies Duurzaam en Gezond: Samen naar een houdbaar voedselsysteem. Door minder dierlijke eiwitten te eten, komen veel minder broeikasgassen vrij. De veehouderij is momenteel goed voor 10 procent van de totale Nederlandse CO2-uitstoot.

De noodzaak van een plantaardiger dieet voor het klimaat is niet nieuw, het jaar 2030 als doelstelling wel, zegt Hans Dagevos, consumptieonderzoeker van Wageningen University & Research (WUR). ‘Tot deze week gold het 2050 voor de voedselverschuiving naar een verhouding van 40 dierlijke en 60 procent plantaardige eiwitten’, zegt hij. Het is een verwijzing naar de ambitie in de transitie-agenda Biomassa en Voedsel, een van de vijf ‘klimaattafels’ die de overheid in het leven riep om Nederland te verduurzamen. ‘Die ambitie wordt even twee decennia naar voren gehaald.’

Deskundigen zijn het erover eens dat er voor het klimaat niets anders op zit dan zo’n radicale verschuiving. En dat dit nieuwe dieet gezond is en niet duurder. Maar kan de Nederlandse eetcultuur zo drastisch veranderen, met opeens peulvruchten, noten, zeewier en vleesvervangers op het menu?

Veranderen van gedrag is moeilijk, zegt Matthijs van den Berg, hoofd van de voedingsafdeling van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Mensen zijn gewend op een bepaalde manier te eten, en iets anders aanleren is lastig.’ Dagevos : ‘Cultuurverandering, daar wordt iedereen zenuwachtig van.’

Om van ‘eerlijk en milieuvriendelijk het nieuwe normaal te maken in de voedselkeuze’, doet het Rli zelf enkele suggesties. Zoals het inzetten van tv-koks om plantaardig koken te promoten en het aanpassen van de Schijf van Vijf aan de 40-60 ambitie. Het ingrijpendste voorstel is de btw: de Rli stelt voor op vlees en zuivel 21 procent btw te heffen.

Het btw-voorstel kon direct rekenen op veel (politieke) hoon. Dagevos is toch voor: ‘Prijsprikkels op dierlijke eiwitten moeten we niet schuwen. Het is in elk geval een experiment waard.’

Een radicale ommekeer begint volgens hem met het besef dat het consumeren van vlees en zuivelproducten effect heeft op natuur en milieu. ‘Daar valt veel aan te verbeteren.’ Het Voedingscentrum, dat de belangrijkste voedingswijzer, de Schijf van Vijf, opstelt, erkent dat een plantaardiger eetpatroon nodig is. Maar een herziening van de zesde versie van hun Schijf uit 2016, komt er niet.

Wie nu volgens de Schijf eet, komt uit op een fifty-fiftymenu voor dierlijk en plantaardig.Volgens het Voedingscentrum is het een te grote stap om nu al een aandeel van 60 procent plantaardig als uitgangspunt nemen.‘Dat is een te grote stap voor de consument om in een keer te zetten’, zegt een woordvoerder.

De gemiddelde Nederlander haalt dit eetpatroon bij lange na niet. Neem vlees. Nu wordt er wekelijks ruim 700 gram gegeten. Dat moet moet volgens de Schijf nu al naar 500 gram en, volgens het onderzoek van Blonk Consultants waarop het Rli leunt, naar 210 gram in 2030.

Weinig hoopgevende cijfers. Niettemin is er een voorzichtige verschuiving zichtbaar, meent Van den Berg, als hij ‘door zijn oogharen’ kijkt naar de recentste cijfers van de Voedselconsumptiepeiling van het RIVM. ‘De vleesconsumptie blijft afnemen.’ En het aandeel plantaardig loopt op, ziet Jeroen Willemsen van de Green Protein Alliance, de maatschappelijke beweging die de ‘eiwittransitie’ wil versnellen. Naast de vleesvervangende industrie zijn onder meer Unilever, Albert Heijn en Jumbo aangesloten bij het samenwerkingsverband.

Uit hun onderzoek, op basis van cijfers van marktonderzoeker IRI, blijkt dat tussen 2014 en 2017 het percentage plantaardige eiwitten in de supermarktschappen jaarlijks gemiddeld toenam met 4,7 procent, terwijl het aandeel vlees en zuivel licht daalde met gemiddeld 0,4 procent. Willemsen: ‘Er is nog een lange weg te gaan, maar dit is een mooie ontwikkeling.’

De noodzakelijke versnelling zal voor een deel afhangen van revolutionaire voedselalternatieven, zoals insecten, algen en kweekvlees. Maar die ‘disruptieve’ voedingstrend staat nog in de kinderschoenen. De komende jaren moet de ommekeer eerst en vooral komen van bestaande vleesvervangers zoals soja- en groenteburgers. En ook hier is nog veel pr-werk te doen.

‘Het beeld van flauwe vegaflappen is hardnekkig, en vaak onterecht’, zegt Dagevos. Volgens hoogleraar Voeding en Gezondheid Jaap Seidell van de Vrije Universiteit is het imagoprobleem breder. ‘Men denkt dat we als konijnen groente moeten gaan eten, maar dat is niet zo’, zegt hij. ‘We hoeven geen veganist te worden om de doelen te halen.’

Zo is er ook in de toekomst nog altijd een plekje voor varkens, omdat zij in staat zijn oneetbare resten als bietenpulp en aardappelschillen om te zetten in eetbare eiwitten. Ook magere zuivelproducten houden, als het aan het Voedingscentrum ligt, om gezondheidsreden een plaatsje in ons dieet. En van uitgemolken koeien worden nog worsten en gehakt gemaakt. Ook vis blijft op het menu, mits afkomstig van duurzame visserij.

Omnivoren

Dat de verhouding op het dagelijks menu van minder dierlijke eiwitten naar meer plantaardige eiwitten verschuift, is volgens de hoogleraar goed voor de gezondheid en verder geen enkel probleem. Seidell, die ook meedacht over de jongste Schijf van Vijf: ‘Wij mensen zijn omnivoren. Ons maag-darmkanaal is gebouwd voor beide typen eiwitten.’ En dat de Nederlandse burger daar al meer klaar voor is dan hij soms beseft, werd volgens de VU-hoogleraar duidelijk bij een Wagenings experiment in 2016 bij 3.800 bezoekers van een Van der Valk-restaurant. De helft van de gasten kreeg dubbele porties groenten en een kleiner stuk vlees op het bord. Ze gasten zagen het niet eens, maar het leverde wel een opmerkelijk resultaat op: 87 procent at meer groenten en er werd 33 procent minder vlees weggegooid dan bij de controlegroep.

En dan zijn we straks allemaal om en is de veestapel gekrompen, zoals het Rli onvermijdelijk acht, en dan? Is het zonde, klinkt de kritiek, want die Nederlandse speldenprik haalt op de 10 miljard monden die in 2050 gevoed moeten worden niets uit voor het klimaat. Sterker, dan is die efficiënte landbouw in Nederland ter ziele en wordt er elders, met veel meer nadelen voor het klimaat, geproduceerd voor de stijgende Afrikaanse vraag naar zuivel en vlees.

Voor hoogleraar Seidell is het simpel, gelet op het probleem van de de overbevolking. ‘Zolang aan de bevolkingsgroei niets wordt gedaan, zal een voedseltransitie moeten plaatsvinden om mens en planeet te laten voortbestaan. Anders gaat het niet. Wil je 10 miljard monden op onze manier blijven voeden, dan heb je vijf planeten nodig.’