Tussen oerhollandsche groenten leren boeren op gortdroge woestijngrond

Door:  Bart Dirks  

Foto's: Freek van den Bergh  

De Peruaanse boerin Maria verbouwt haar maïs hoog in de Andes, haar collega Dorcas heeft te maken met de dorre woestijngrond van Zimbabwe. Het zijn al extreme omstandigheden, en daar komen de gevolgen van klimaatverandering nog eens overeen. In Nederland leren er mee om te gaan. ‘Al sinds 2008 komt het regenseizoen te laat.’

‘Hoe eten jullie dit?’ Op de stadstuinderij Buitenleeft aan de rand van Delft voelen, ruiken en proeven Maria Chasin Zuniga uit Peru en Dorcas Nyamaharo uit Zimbabwe aan een uit de kluiten gewassen boerenkool. Een foto op een smartphone van klassieke boerenkoolstamppot met worst biedt uitkomst. Even later laat Maria op haar telefoon zien hoeveel variëteiten maïs ze hoog in het Andesgebergte verbouwt. Dorcas toont op haar beurt foto’s van de veestapel in het droge Rushinga-district.

De twee zijn in Nederland op uitnodiging van Oxfam Novib, in het kader van een programma dat moet bijdragen aan meer voedselzekerheid. Het richt zich vooral op zaden en het belang daarvan voor stabiele oogsten en een zeker inkomen voor boeren. Sleutelwoord: diversiteit. Hoe meer variatie in gebruikte zaden, hoe groter de garantie op een constante productie op de eigen akkers.

Tussen de bedden met oerhollandse knolselderij, pastinaak, rammenas en courgettes vertellen ze hoe het is om te boeren in extreme omstandigheden: de Peruaanse hoog in de Andes, de Zimbabwaanse op dorre woestijngrond. Het is er niet gemakkelijker op geworden sinds ook daar de effecten van klimaatveranderingen zich doen gelden. Dat vraagt aanpassingen aan de gewassen die er van oudsher gedijen.

‘In augustus regende en sneeuwde het, terwijl het droog zou moeten zijn’, vertelt Maria Zuniga (46) over Rosaspata, haar dorp op ruim drieduizend meter hoogte. Naast maïs verbouwen ze onder meer aardappelen en bonen. ‘In september was het juist weer zó droog, dat het gras niet meer wilde groeien en veel vee is dood gegaan. En nu, in oktober, is het zó heet dat we langer moeten wachten met zaaien. En dat zal natuurlijk weer gevolgen hebben voor de volgende oogst.’

De extreme weersomstandigheden in Peru dit jaar zijn geen uitzondering. Door de klimaatverandering smelten de gletsjers in de Andes, wat leidt tot steenlawines en overstromingen. De bewoners leggen hun aardappelvelden steeds hoger aan, om zo min mogelijk last te hebben van ongedierte - pesticiden zijn uit den boze voor de Quechua-indianen. ‘De volgende stap is de hemel’, grappen ze in het hooggebergte.

In het Zimbabwaanse dorp Chihwato waar Dorcas Nyamaharo (33) niet ver van de grens met Mozambique woont, vertaalt de klimaatverandering zich in aanhoudende droogte. De inwoners verbouwen vooral maïs en gewassen die relatief goed tegen de droogte kunnen, zoals sorghum (kafferkoren) en parelgierst. Dat traditionele gewas groeit zelfs onder de meest barre omstandigheden.

‘Land is er genoeg, maar het weer is het probleem. Driekwart van het jaar is het droog. Al sinds 2008 komt het regenseizoen te laat’, vertelt Dorcas Nyamaharo. ‘Mijn dorp ligt op 800 meter van een dam, dus wij kunnen gemakkelijk water halen. Op andere plekken in mijn district moeten ze kilometers lopen naar de rivier. Maar daar wordt steeds vaker goud gewonnen en raakt het water vervuild met kwik.’

Om al die problemen te overwinnen heeft Oxfam Novib met lokale partners in tal van landen het ‘SD=HS’-programma opgezet. Die afkorting staat in het Nederlands voor diversiteit zaaien = zekerheid oogsten. ‘Over voedsel is er meestal ongelofelijk veel lokale kennis, die belangrijk is bij het behouden van biodiversiteit’, zegt Hedwig de Coo van de ontwikkelingsorganisatie. ‘Tegelijk is er behoefte aan kennis van buitenaf, als de politieke, klimatologische, economische of sociaal-culturele context verandert.’

Op boerenveldscholen in Zuidoost-Azië, Zuidelijk Afrika en Peru krijgen inwoners een jaar training en volgen nauwgezet de ontwikkeling van hun gewassen. ‘Ze planten bijvoorbeeld twaalf rassen rijst en kijken welke goed voldoen aan hun wensen en voorkeuren’, zegt De Coo. ‘Aan het eind van het seizoen selecteren ze de rassen die goed bestand zijn tegen bijvoorbeeld ongedierte, droogte of verzilting. Dat laatste speelt bijvoorbeeld in de Mekong-delta in Laos en Vietnam.’

Zadenbanken

De volgende stap is het opzetten van zadenbanken, in samenwerking met lokale autoriteiten en beheerd door de boerengemeenschappen. Daar kunnen boeren hun zaden langere tijd bewaren. Het maakt ze minder afhankelijk van zaden die van ver moeten komen.

Ook Dorcas Nyamharo en Maria Zuniga deden mee aan de boerenveldscholen. Ze geven inmiddels ook zelf trainingen. ‘We ontkomen er niet aan om andere gewassen te gaan verbouwen’, zegt Zuniga, die les geeft over inheemse groenten en kruiden. ‘Maar we zijn natuurlijk wel gehecht aan onze eigen variëteiten waarvan we de zaden al van generatie op generatie overgaan. We hopen dat bestaande variëteiten zo kunnen worden gekruist dat ze beter bestand zijn tegen de nieuwe omstandigheden.’

Mijn maïs is in de hele streek bekend

In de dorpen hoog in de Andes boeren de inwoners vooral voor eigen consumptie. Maar er wordt op de markt ook veel geruild, vertelt Maria Zuniga. Uit de zones tussen 500 en 2.300 meter komen onder meer koffie, avocado en fruit, in de streken tussen 2.300 en 3.500 meter tuinbonen, maïs, pompoen, erwten en quinoa, en nog hoger aardappel, oca en olluco, inheemse knollen en wortels.

‘Mijn maïs is in de hele streek bekend. Voor een mand zou ik een flinke berg van deze courgettes kunnen krijgen’, zegt de Peruaanse, wijzend op een stapel courgettes die zijn geoogst op de stadstuinderij Buitenleeft.

De buitenlandse gasten kunnen zich op deze mooie herfstdag niet voorstellen dat Nederland voor een groot deel onder de zeespiegel ligt. En ze geloven maar half dat het land te kampen heeft gehad met een zomer die eigenlijk te warm en te droog was. ‘Alles is zo ongelofelijk groen in Nederland’, roept de Zimbabwaanse verwonderd uit. ‘De bomen zijn hier zo hoog’, zegt de Peruaanse. ‘En ik heb nog nooit zulke lange mensen gezien.’

Klimaatverandering

Maria Chasin Zuniga uit Peru en Dorcas Nyamaharo uit Zimbabwe komen uit gebieden waar de effecten van klimaatverandering duidelijk voelbaar zijn. In hun regio’s ligt ook de oorsprong van gewassen die een hoofdrol spelen in de wereldwijde voedselconsumptie, zoals aardappels en graansoorten als sorghum en parelgierst. Het zijn daarom volgens Oxfam Novib regio’s die belangrijk zijn voor het behoud van de agro-biodiversiteit.