BeeldvormersCorono-virus

Het andere gezicht van het coronavirus: geen mondkapje te bekennen

De rubriek Beeldvormers onderzoekt hoe een foto onze kijk op de werkelijkheid bepaalt. Deze week: foto’s als uitroeptekens.

In het Thaise Chang Siam Park zitten vijf vrouwen zich stierlijk te vervelen bij hun lege souvenirwinkeltjes. Vanwege het coronavirus komen er geen toeristen naar het attractiepark. Beeld Mladen Antonov / AFP

Het coronavirus. Vraagt iemand me hoe dat eruitziet en ik kan het beschrijven. Mondkapjes! Witte pakken! Kinderen met hun hoofdjes in lege plastic flessen, honden met gezichtsbescherming! Mensen die door wolken van desinfecterend spul moeten lopen! Winkeliers die hun klanten staan op te wachten met thermometers in de aanslag! Warmtebeeldcamera’s op vliegvelden! Verlaten straten!

Ik ben doorgaans geen fan van het uitroepteken, maar hier is het gebruik op zijn plaats. Elke (oké, niet elke, dat is te snel, te stevig, maar het had elke kunnen zijn) foto die we tot nu toe te zien kregen in het kader van het om zich heen slaande virus uit China ís een uitroepteken, een benadrukking van de ernst van de situatie, de ernst van een mogelijke wereldwijde besmetting althans. Krantenberichten gaan (nagenoeg) allemaal vergezeld van dit soort doembeelden, die afkomstig lijken uit films over catastrofale toekomstscenario’s. De relativerende opmerkingen van deskundigen onder het onvermijdelijke kopje ‘MOETEN WE ONS ZORGEN MAKEN?’ (‘Neuh. Er sterven altijd nog meer mensen aan de griep’) sorteren dan ook nauwelijks effect, want wie blijft kalm bij het zien van zoveel doem?

Het is toch wat met die beeldvorming, dacht ik, de alwetende krantenlezer aan de veilige keukentafel. Steeds diezelfde beelden uit China, kom op zeg. En omdat ik het naderende noodlot een beetje beu was, ging ik op zoek naar ‘het andere gezicht’ van het coronavirus. Er moest toch een alternatief zijn voor die mondkapjes? Dat bleek er inderdaad te zijn.

Ziehier het bewijs uit Pattaya, Thailand. Vijf vrouwen in traditionele kledij die werken in het Chang Siam Park zitten zich bij hun lege souvenirwinkeltjes stierlijk te vervelen. Vanwege het coronavirus komen er geen toeristen naar het attractiepark. Hetzelfde geldt voor de Thaise mannen verderop (niet op deze foto, wel in dezelfde serie van AFP-fotograaf Mladen Antonov). Vruchteloos wachten ze op rijke westerlingen, aan wie ze een doldwaas ritje op een authentieke olifant kunnen verkopen. Die kleuren, die setting, het onderwerp – wat een verademing. Eindelijk wat anders.

Dat was natuurlijk nogal blasé. Alsof deze Thaise mensen daar louter en alleen hadden geposeerd voor mijn fotografische plezier. Alsof ze van tevoren hadden bedacht: ‘Laten wij nou eens voor wat welkome afwisseling zorgen in het coronavirusbeeldaanbod van de westerse persbureaus.’

En toch. Hoe langer ik naar de kleurige foto keek, hoe meer ik het gevoel kreeg dat dit júíst het beeld was dat meer mensen zouden moeten zien, een nuchtere vervanger voor die dagelijkse stroom dramatische foto’s waarvan je bij wijze van spreken meteen fysieke klachten krijgt. Want laten we wel wezen: díé beelden vertellen eigenlijk maar één verhaal. Ze vertellen slechts over de angst dat het virus ook hierheen komt en dat ook wij, aan onze veilige keukentafels, besmet raken. Ze gaan over de benauwdheid voor iets nieuws, iets engs, waarvan niemand nog weet hoe dat zich precies zal ontwikkelen, alleen dat het Verschrikkelijk Erg zal zijn. En dat je mensen met een Aziatisch uiterlijk moet mijden. Uitroepteken.

Je zou in de consternatie bijna vergeten dat er, hier ver vandaan, mensen zijn die wel degelijk slachtoffer werden van het virus, ook al gaan ze er niet dood aan. De Thai op bovenstaande foto worden economisch hard geraakt: ze zullen de afwezigheid van toeristen en werk nog maanden, zo niet jaren, voelen in hun portemonnee. Strikt genomen is dit ook een doembeeld, alleen dan verpakt in een esthetisch jasje. Toch zien we het niet terug in het nieuws; het wordt weggedrukt door de mondkapjes en de witte pakken.

Waarom? It’s the beeldvorming, stupid. Liever laat iedereen (oké, niet iedereen, dat is te snel, te stevig, en gelukkig zal het ook nooit iedereen zijn) zich verblinden door het griezelige onbekende, dan dat men oog heeft voor andere verhalen en andere foto’s. Maar die bestaan en die moeten ook in de krant. Punt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden