Een dagje naar het strand

Ze nam ze gewoon een paar uurtjes mee naar zee. Zo fotografeerde Patricia Nauta kinderen uit het Katwijkse azc.

Je denkt meteen: Rineke Dijkstra. Haar veelgeprezen Strandportretten (1992-1994) tonen pubers bij de vloedlijn die tevergeefs hun onzekerheid trachten te verbergen in zelfverzekerde posen. Dit is toch wat anders, al snapt fotograaf Patricia Nauta (53) de associatie best. Maar kijk: de kinderen die zij op het strand van Katwijk vastlegde zijn jonger, 10, 11, 12 jaar. Een enkeling is 15. Belangrijker: het draait hier om een andere onzekerheid dan die over lijf en leden. Hier knagen de twijfels over de dagen, de maanden en wie weet de jaren die nog moeten komen. Het zijn ontheemde kinderen. Sarina, Mesam, Favour, Ani en tientallen lotgenoten wonen in het asielzoekerscentrum van Katwijk. Sommigen zitten er al jaren. Een aantal van hen miste in 2013 het algehele kinderpardon: wie langer dan vijf jaar in Nederland woonde, zou een verblijfsvergunning krijgen. Maar de raderen van de bureaucratie konden een klinische telling niet voor iedereen bijbenen.

Let op hun blik, zegt Nauta. Een tikkeltje afwezig, dikwijls de lens ontwijkend, op zoek naar houvast in de verte. Zo wilde ze het contrast vastleggen: vakantiegevoel, op een plek waar de zomer doorgaans zindert van plezier, afgezet tegen uitzichtloosheid.

Ze nam ze mee in de auto naar het strand. Wat afleiding was welkom. In de gangen en kamertjes van het azc woekert nogal eens de verveling. Ze vroeg eerst toestemming aan de ouders. Dat was nooit een probleem. Een aantal kende haar, ze is al enkele jaren bezig met illegaliteit in Nederland.

Nauta had het liefst alle meisjes in bikini gefotografeerd. Dan is het beeld voor haar het puurst. Maar soms was een badpak het maximaal haalbare. Boerkini's heeft ze niet gezien. Twee meisjes wilden bij nader inzien toch maar niet, ze hielden liever hun kleren aan. Achteraf denkt ze: misschien had ze ze toch maar zo moeten fotograferen. De kinderen hebben het leuk gevonden, die uurtjes op het strand. Als ze weer eens op het azc is, vragen ze: 'Juf, wanneer gaan we weer?'

Vooruit, toch nog een overeenkomst met Dijkstra: het gebruik van de flits. Dat kon niet anders. Het natuurlijke licht aan de kust is veel te schel. Weg met die harde schaduwen. Wie wil, kan er symboliek in zien: hier sta ik, in de volle schijnwerper. Zie je? Niks te verbergen. Mag ik misschien blijven?

Door Rob Gollin.

FOTOSERIE 2