Klassiek

We moeten ons ervoor schamen dat er geen grandioos jubeljaar is voor Jan Pieterszoon Sweelinck

Van de componist die 400 jaar geleden overleed kennen we wel de naam, maar niet (meer) de noten.

Jan Pieterszoon Sweelinck (1561-1621).  Beeld Heritage Images/Getty
Jan Pieterszoon Sweelinck (1561-1621).Beeld Heritage Images/Getty

Jan Pieterszoon Sweelinck overleed vier eeuwen geleden. Hoe wordt dat herdacht?

Zaterdag 16 oktober, precies vierhonderd jaar na zijn overlijden, verzamelt om 8 uur ’s ochtends een groepje musici zich in de Amsterdamse Oude Kerk. In alle beslotenheid zullen zij spelen en zingen. Er klinken grafreden en men legt rozen op de plek waar de stoffelijke resten van de componist alweer lang geleden zijn geruimd.

De plechtigheid vormt de aftrap van een Sweelinck Festival met concerten, een tentoonstelling en een symposium: allemaal mooi en aardig, maar om nu te zeggen dat Nederland in dit jubeljaar op z’n kop staat? Sinds de vorige herdenking, in 2012, is er weinig veranderd. Van Sweelinck kennen we wel de naam, maar niet de noten. En ook die naamsbekendheid zakt gestaag, sinds het briefje van 25 gulden met zijn hoofd erop in 2002 moest wijken voor de euro.

Wat weten we van Sweelinck?

Op zijn muziek na: weinig. Vaststaat dat hij werd geboren in een organistenfamilie in Deventer. Lang gold 1562 als Sweelincks geboortejaar, tegenwoordig houden de experts het op 1561. Twee of drie jaar later trok het gezin naar Amsterdam. Vader Pieter Swibberts begon als organist in wat toen nog de Nicolaaskerk heette, de huidige Oude Kerk. Vermoedelijk ging Jan Pieterszoon in 1577 als zijn opvolger aan de slag.

Een jaar later waaide een revolutie door Amsterdam. Calvinisten kregen de macht over de stad en zijn kerken. Van de ene op de andere dag hing Sweelincks katholieke orgel in een protestants gebouw. ‘Des duivels fluitenkast’ werd uit de liturgie geschrapt, maar Sweelinck bofte. Als muzikant op de loonlijst van de stad mocht hij in de Oude Kerk blijven werken. Op zondag voor en na de dienst speelde hij psalmen. Doordeweeks gaf hij concerten voor wie maar wilde.

Waarom werd hij beroemd?

Om te beginnen vanwege zijn fenomenale klavierspel. Sweelinck ontpopte zich als een toeristentrekker. Ging je naar Amsterdam, dan moest je hem horen. Ook op klavecimbel was hij een sensatie. Een tijdgenoot hoorde hem tot na middernacht improviseren over het liedje Den lustelicken Mey, ‘niet cunnende ophouden, dan sus, dan soo’.

Toen Duitse kerkbesturen lucht kregen van de magiër, stuurden ze hun orgeltalent naar Amsterdam. Sweelinck leerde ze improviseren, maar bracht ze ook zijn vernieuwende kijk op componeren bij. Hij hevelde de kunst van complexe meerstemmigheid, voorheen gereserveerd voor geestelijke koormuziek, over naar toetsen en pedalen. De grote Bach deed er later zijn voordeel mee.

Opmerkelijk: Sweelinck, een eenvoudige muzikant, verkeerde op gelijke voet met de Amsterdamse elite. Hij leidde een collegium musicum, een clubje geoefende amateurs uit kringen van kooplui en bestuurders. Ook de kleine Constantijn Huygens schoof aan met zijn viola da gamba. Later roemde de dichter en diplomaat ‘Jan Sweelinck, een man die zijn gelijke niet kende’.

Waarom horen we Sweelincks muziek tegenwoordig zo weinig?

De hamvraag. Per slot van rekening ligt er een goudmijn van pakweg zeventig klavierstukken en 250 vocale composities. De doorsnee muziekliefhebber heeft zijn Bach en Vivaldi paraat, maar staat bij Sweelinck met de mond vol tanden. Je moet natuurlijk ook maar net van orgel en klavecimbel houden. En niet schrikken van liedtitels als Plus tu cognois que je brusle pour toy.

Voor een amateurkoor is Sweelincks muziek ook algauw te hoog gegrepen. Die vereist een handjevol lenige stemmen dat in delicate samenklanken haarscherp intoneert. Professionele ensembles beheersen dat, maar die klagen dan weer dat ze een Sweelinck-programma amper verkocht krijgen.

Toch: het grootste obstakel tussen ons en Sweelinck ligt ergens anders. Toen hij in 1621 stierf, kroop in Italië net de opera uit de wieg. In muziek zijn we gewend geraakt aan het hart op de tong en smijten met gevoelens. Sweelincks subtielere aanpak windt ons nog maar moeilijk op.

Hoe nu verder?

Zullen we ons eerst even schamen? Over het feit dat we de kans op een grandioos jubeljaar hebben laten lopen. Dat het Sweelinck Festival draait op een hardnekkig groepje getrouwen. Dat er in Amsterdam nog altijd geen Sweelinck-monument staat.

Oké, het is geprobeerd. Ooit keek Sweelinck uit over het Valeriusplein in Zuid. Maar dat was vanaf 11 mei 1944, de verjaardag van NSB-leider Anton Mussert. Niet vreemd dat de besmette componist na de bevrijding van zijn sokkel werd getrokken. Hij lag jaren op een gemeentewerf te verweren, om in 1972 te worden vergruisd. ‘Het puin is afgevoerd’, noteerde een wakkere ambtenaar.

Goed, ik ga luisteren, waar begin ik?

Probeer eens de variaties op More palatino, een deuntje waarin je echo’s hoort van Sweelinck de briljante improvisator. Hou je van zang, dan is Harry van der Kamp je man. Met zijn Gesualdo Consort Amsterdam heeft hij de complete Sweelinck op cd gezet. Begin met Chi vuol veder, een parel op een sonnet van Petrarca. Pak er wel even een stoel bij, voor als je bezwijmt.

Sweelinck Festival, Amsterdam, 16 t/m 24/10.

NPO Radio 4 maakte de podcast Sweelinck nu.

Een vroege Frans Hals?

Het is een prikkelende hypothese die de Nederlandse klavierspeler en musicoloog Pieter Dirksen neerlegt in zijn nieuwe boek Jan Pieterszoon Sweelinck, de Orpheus van Amsterdam (uitgegeven in eigen beheer). Een beroemd Sweelinck-portret, steevast tegeschreven aan zijn schilderende broer Gerrit, zou van de jonge Frans Hals zijn. Dirksen ziet vroege Hals-kenmerken als een ovale lijst in trompe l’oeil en een hand die eroverheen valt. Wikipedia heeft het inmiddels opgepikt, kunsthistorici niet.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden