Zo neem je afscheid van alles wat je altijd afleidt

Essay Sprezzatura

Mail, smartphone, kantoortuin: de manieren waarop we worden afgeleid zijn talrijker dan ooit. Daar moeten we radicaal mee breken. In drie stappen vertelt de Volkskrant waarom. Te beginnen met de vaststelling dat het oliedom is om het, conform de huidige tijdgeest, steeds maar druk-druk-druk te hebben. Wieteke van Zeil biedt hét alternatief: sprezzatura.

Foto Jaap Scheeren

Het besef kwam via televisiedetectives. Vroeger keek ik Derrick, vaste prik, met vader en zus. En Baantjer. Toen was er een periode van schijnbaar oneindig Law & Order Special Victims Unit, en daarna braken nieuwe tijden van de kwaliteitsdetectives aan: Luther, The Bridge, The Killing. Het kwartje viel langzaam, maar eenmaal opgemerkt kon ik het niet meer on-zien: de detectives van nu zijn altijd druk. Zo druk dat hun thuisfront ze nooit meer ziet, dus huwelijken op het spel staan en ze tussen de lockers op het bureau slapen. Of de scriptschrijver vergeet überhaupt slaapuren in te lassen zodat een moordoplossing soms zomaar 78 uur aaneengesloten door lijkt te gaan. En als ze single zijn, pakken detectives na een onenightstand meteen de laptop om op bed door te rechercheren.

Olivia Benson, John Luther, de semi-autistische Saga Norén: druk druk druk. En het is niet de bedoeling dat dat medelijden opwekt bij de kijker. Nee, het is de bedoeling dat de kijker daarvan onder de índruk is. Kijk, zó bezeten is deze rechercheur dat-ie niet eens hoeft te slapen!

De Volkskrant concentratiespecial

Lees hier het interview met wiskundige Cal Newport, die een boek schreef over het belang van concentratie en de invloed van sociale media daarop.

Concentratie op de werkvloer: de ervaringen van een neurochirurg, een luchtverkeersleider en een sergeant-majoor.

Druk, druk, druk

Als televisieseries de tijdgeest reflecteren waarin ze worden gemaakt, dan valt dit op: druk zijn is de norm geworden. Waar zijn de tijden dat Derrick met zijn kromme schouders en zijn uilenblik een kamer binnenstapte, op z'n dooie gemak rondkeek, tandenstoker uit zijn mond haalde en met twee geïnteresseerde vragen de juiste - onverwachte - verdachte tot een bekentenis bewoog?

Gaandeweg is de hoeveelheid werk die we hebben aan onze identiteit gaan kleven. Prestige is niet meer gelegen in het gemak waarmee iemand zijn dingen doet, maar in de werkdruk. Ga een gesprek aan met een gemiddelde hoogopgeleide twintiger, dertiger, of veertiger: grote kans dat in de eerste zinnen het woord 'druk' valt, als het al niet het beklagenswaardige 'hectisch' is. Dat geldt voor vrouwen én mannen. In mijn ervaring zeggen vrouwen het alleen iets directer ('hoe gaat het?' 'Goed, druk druk druk, je kent het.') en vatten mannen de vraag iets vaker op als nieuwsgierigheid naar hun recente curriculum ('ik zit midden in project A, project B gaat als een tierelier, enorme winstresultaten, en project C staat in de steigers'). Druk = goed. Niks doen = falen - of hooguit 'lekker opladen' om daarna weer druk te kunnen worden.

Voor veel kenniswerkers is overwerken normaal. Er heeft een soort 'binnenstebuiten-kering' van de geschiedenis plaatsgevonden, schreef Jonathan Witteman eerder in de Volkskrant: goedbetaalde, hoogopgeleide bankiers en advocaten van de Zuidas maken vaak 80-urige werkweken - hoeveelheden die overeenkomen met de fabriekstijden van de 19de-eeuwse arbeiders. Enigszins vergelijkbare tijden gelden in sommige creatieve en academische sectoren (maar dan doorgaans met andere salarissen). Gemiddeld werkt de man 3,7 uur per week over, de vrouw 2,4 uur, volgens CBS-cijfers uit 2013 (er zijn nog geen recentere cijfers). Maar: de helft van de hoogopgeleide mannen werkt over, terwijl een kwart van de laagopgeleide mannen dat doet. Wie kenniswerk doet, houdt zijn scherm makkelijk 's avonds open, lassen of stofferen in de avond is minder vanzelfsprekend. Uitbetaling van overuren bij kenniswerkers is allerminst standaard, wat mede suggereert dat prestige meespeelt.

Meer lezen?

Lees hier het artikel van Richard Fisher in The New Scientist over concentratie.

Sprezzatura

De techniek helpt mee: smartphones hebben de grenzen tussen werk en privé geperforeerd. Twitter, Facebook en Instagram worden door veel mensen voor werk en privé door en naast elkaar gebruikt.

Nee, dan dit: 'Ik heb een algemene regel gevonden, die naar mijn mening meer dan enige andere geldt bij alles wat mensen doen of zeggen, namelijk dat men zo goed mogelijk elke gekunsteldheid moet omzeilen, alsof het een zeer steile en gevaarlijke klip was, en in alles een zekere achteloosheid of, om misschien een nieuw woord te gebruiken, een zekere sprezzatura aan de dag moet leggen, waarmee men verbergt hoe knap men is en de indruk wekt dat men alles zonder moeite en bijna achteloos doet en zegt.'

Aan het woord is Baldassare Castiglione, die diplomaat was aan het hof van Guidobaldo da Montefeltro, in zijn beroemde Het boek van de hoveling (Il Cortegiano, 1528). Hij laat dit het personage graaf Lodovico da Canossa uitspreken - die overigens echt heeft bestaan, net als de andere hovelingen in het boek. Ze voeren slimme en mooie debatten, als een spelletje, over de vraag hoe een hoveling en een echte dame te zijn - hoe goed te leven, kortom - onder leiding van de gevatte hertogin Elisabetta Gonzaga. Het boek was in zekere zin de blauwdruk voor de latere Engelse 'gentleman'. Castiglione lanceert hier voor het eerst het gevleugelde woord sprezzatura bij monde van graaf Lodovico, die vervolgt met wat we zouden kunnen lezen als een redelijk genadeloos commentaar op onze huidige drukteverkramping, dus ik citeer de hele alinea even:

'Ik ben van mening dat hiervan in hoge mate iemands elegantie afhangt; iedereen weet immers hoe moeilijk het is iets ongewoons te doen, zodat het gemak waarmee men het lijkt te verrichten grote bewondering wekt; geforceerdheid en overal moeilijk over doen veroorzaakt daarentegen grote antipathie en maakt dat niets, hoe groots het ook is, waardering oogst. Daarom kunnen we zeggen dat wie de ware kunst beheerst, de indruk wekt dat het geen kunst is; zolang hij maar zijn best doet haar te verbergen: want als ze aan het licht komt ontneemt hem dat alle aanzien en ruïneert het zijn reputatie.'

Alsjeblieft, Olivia Benson. Echt werk ziet er niet uit alsof er hard gewerkt is. Met sprezzatura wek je de indruk van moeiteloosheid, volgens Castiglione het meest nastrevenswaardig, want je kunt er elke prestatie aangenamer en overtuigender meemaken. Kort gezegd: belast de ander niet met hoe zwaar iets is, want het verpest de goede indruk die je maakt.

Ineens dacht ik aan obers. Welke vallen op? Degene die jou in een bomvol restaurant het gevoel geeft de enige gast te zijn. Om dat te kunnen, terwijl je over dertig tafels de verantwoordelijkheid hebt - dat is sprezzatura. De balletdanseres die gewichtloos lijkt, uiteraard. Sanne Wevers' driedubbele pirouette op de balk. Maar ook de telefonische servicemedewerker die de tijd neemt. De leraar die dertig mondige kinderen in de klas heeft, met zestig veeleisende ouders en een salaris waarvan je nauwelijks op vakantie kunt, en die toch ieder kind ziet zoals het is.

Er zijn kantoren waar de ongeschreven mores is dat je blijft tot ver na etenstijd en eventuele bedtijd van kinderen. Maar ik ken ook iemand die in een snelle sector werkt (media), en waar voor het hele kantoor geldt: als je om vijf uur je werk niet af hebt, doe je iets niet goed. Dan moet je de kwaliteit van je concentratie maar verbeteren.

Sanne Wevers. Foto anp

Verlies van breinkracht bij afleiding

Het vergt concentratie en discipline om tot prestaties te komen die moeiteloos lijken. Maar daar wrikt het nou juist. 'De meeste kenniswerkers zijn de hele dag als een malle aan het communiceren', zegt de Amerikaanse expert Cal Newport in het interview dat Ianthe Sahadat met hem heeft. 'We laten ons ritme bepalen door onze inbox, onze telefoon en vergaderafspraken. We verplaatsen informatie en noemen dat werk.'

En dan gaan ze 's avonds doorwerken. Want dingen die echt aandacht vergen, stukken die geschreven moeten worden of concepten die bedacht moeten worden, daarvoor heb je concentratie nodig. En afleiding is de vijand van concentratie.

Vorige maand publiceerde The New York Times een artikel over het verlies van breinkracht bij afleiding. De krant had twee onderzoekers van Carnegie Mellon Universiteit in Pennsylvania gevraagd om dit met een experiment te meten. 136 personen voerden een standaard kennisoefening uit: een tekst lezen en er vragen over beantwoorden. De groep was in drieën verdeeld; de eerste deed de test zonder afleiding. De tweede en derde werden tweemaal gestoord. Toen werd de test nog een keer gedaan. De eerste groep voerde het weer zonder afleiding uit, maar nu werd alleen groep twee afgeleid. Groep drie verwachtte een afleiding die nooit kwam.

De uitslag van de eerste test: de afgeleide groepen hadden 20 procent slechter gescoord dan de eerste. De braindrain die de afleiding had bewerkstelligd, had ze dus 20 procent 'dommer' gemaakt dan ze zouden kunnen zijn. De uitkomst van de tweede test was verrassender: groep twee scoorde minder slecht dan de eerste keer: 14 procent in plaats van 20, wat voorzichtig suggereert dat je kunt wennen aan afleiding. Groep drie, de groep die op 'hoog alert' stond maar toch niet werd afgeleid, scoorde in de tweede test ineens verrassend goed: ze verbeterde zichzelf met 43 procent.

Volgens de onderzoekers reden te concluderen dat het brein zich snel aanpast. Je hersens kunnen dus tot op zekere hoogte met afleiding leren omgaan, al scoorde concentratiegroep nog altijd het beste; het brein is niet gemaakt voor constant navigeren tussen onderwerpen.

Zoals Robbert Dijkgraaf, directeur van het Institute for Advanced Study in Princeton, waar diepe concentratie wordt aangemoedigd, eerder dit jaar het belang van rust voor zijn medewerkers in NRC omschreef: 'Zie het als iets wat op de bodem van een zwembad ligt: pas als het water helemaal stil is, kun je het zien. Die stilte is noodzakelijk.'

Robbert Dijkgraaf. Foto anp

Angst voor de leegte

Concentratie staat onder druk door versnelling, techniek en de totale vanzelfsprekendheid online te zijn. We staan altijd aan, onze tijd vult zich. We leven in een tijd van, om er nog maar een term bij te halen, 'horror vacui': angst voor de leegte. Een begrip uit de antieke kunst, om een stijl te omschrijven waarbij vazen en andere oppervlakten volgeschilderd werden. Zo voelt het voor veel mensen nu: altijd bereikbaar, altijd bezig, altijd verbonden. VPRO Tegenlicht maakte begin dit jaar een mooie aflevering en een app (White Spots App) over 'witte zones', de weinige plekken op aarde waar er geen enkele ontvangst is. Binnenkort zal er honderd procent digitale dekking zijn en zijn we dus ook overal traceerbaar. Dat levert dilemma's op, naast de gevaren voor privacy en straling ook die voor onze rust en concentratie.

Castiglione maakte een gedragsboek voor de hoveling, maar gedragsregels lopen altijd achter op techniek; hoe om te gaan met nieuwe apparaten, die iedereen heeft? En die, zo veel is nu wel duidelijk, het brein beroven van zijn vermogen tot diepe concentratie? Hoe kunnen de man en vrouw met de uitdagingen die er nu zijn, hun handelen nog doordrenken met sprezzatura?

In eerste instantie door discipline te hebben, net als in Castigliones tijd. Sprezzatura is bewust gecreëerde rust. Dat stelt jezelf en de ander gerust. Er is goede reden om je zwoegen een beetje te verhullen, want weinig is zo besmettelijk als stress. Dus overschat de vraag 'hoe gaat het' niet. Iemand die op die vraag het platvloerse antwoord 'ik ben vreselijk druk' geeft, trekt feitelijk een zwaard. En garde, en nou jij, hoe druk ben jij? Hééééél druk! Echt, vertel mij wat! Het levert een conversatie op als een snavelgevecht tussen twee fletse kemphanen. Of, nog erger, je roept meelijden op ('ach meid, wat rot voor je'). Leidt dat tot een gesprek waaraan je je uiterst spaarzame tijd wilt besteden?

Adder onder het gras

De overtreffende trap is de hogergeplaatste die te veel werkdruk uitstraalt. Werkvloeren met gestresste bazen worden als rattenkooien zonder eten - elk moment kan iedereen elkaar gaan opeten. Discipline dus. Work smarter, not harder - die 20 procent dommer vanwege twee afleidingen in de test van The New York Times vond ik best confronterend. Tijd voor diepe concentratie verhoogt je prestaties. Toch?

Hier blijkt een adder onder het gras te zitten. En die kan de sleutel zijn tot een leven als echte hedendaagse cortegiano, met een creatief, productief leven vol spontane sprezzatura.

Want concentratie, zo blijkt, is óók overschat. Althans, als we een prachtig stuk in de New Scientist uit 2012 mogen geloven van Richard Fisher. Ja, tijd is belangrijk bij concentratie, tijd lijkt zelfs te worden opgerekt als men in een staat van diepe concentratie belandt waar het perceptievermogen tot nieuwe niveaus stijgt. Maar voor oplossingen die creativiteit vergen is focus niet het devies, stelt Fisher. Jonathan Schooler van de Universiteit van Californië ontdekte dat juist het afgeleide hoofd sneller tot oplossingen komt voor vraagstukken die geen analytische benadering vergen maar onverwachte.

Lange tijd werd afleiding als falen beschouwd. En inderdaad, bij analytische vraagstukken zijn het de mensen die zich het beste kunnen concentreren die het hoogste scoren. Maar leg mensen een puzzel voor die een creatieve oplossing vereist en de uitkomsten verschillen enorm. Uit één onderzoek bleek zelfs dat mensen met de aandachtsstoornis ADHD veel beter scoorden dan mensen met een hoog analytisch vermogen bij het bedenken van toepassingen voor een bepaald object.

Om te bewijzen dat de creativiteit daadwerkelijk door de afleiding wordt veroorzaakt, vroeg Schooler twee groepen toepassingen te bedenken voor een baksteen. Daarna kreeg de eerste een simpel taakje. Een andere groep kreeg een taak die veel focus vereist. Tot slot werd beide groepen gevraagd nóg een keer na te denken over de steen. De 'dagdromers' kwamen met gemiddeld 40 procent meer oplossingen dan in hun eerste ronde. De andere groep boekte nauwelijks verbetering. Belangrijk is dat de 'dromers' aangaven dan ze niet over de steen hadden nagedacht tijdens dat eenvoudige taakje. Terwijl je gedachten afdrijven, werken je hersenen dus door. 'Je hoofd staat een soort onbewust proces toe', zegt Schooler.

Oplossingen voor een steen bedenken is niet hetzelfde als kunst maken of een baanbrekend concept voor een bedrijf bedenken. En afleiding door veeleisende apps en mails is anders dan wegdrijvende gedachten. Maar het artikel laat met nog een handvol studies zien dat ook diepe concentratie niet zaligmakend is. Als de teugels vieren en de gedachten kunnen wegdrijven, ontstaat ruimte om tot inzichten te komen. Het verklaart deels waarom bij té veel focus goede ideeën vaak buiten bereik lijken te liggen.

Zelfs luisteren naar grappen helpt; na het kijken naar een optreden van komiek Robin Williams kwamen studenten tot betere oplossingen voor een ingewikkelde puzzel. Het lijkt bijna een pleidooi, vijfhonderd jaar later, om diepe concentratie af te wisselen met de noodzakelijke ontspanning en moeiteloosheid die in sprezzatura is samengevat. Dáár, in die staat, komt het beste in je tot uiting.

Een beetje zoals Appie Baantjer, die steeds weer, na een lange dag rechercheren, bij een borrel in zijn stamkroeg tot de cruciale ingeving komt, die naar de oplossing van de moord leidt.

Aanvullingen en verbeteringen: In een eerdere versie van dit artikel stond dat Baldassare Castiglione diplomaat was aan het hof van hertog Guidobaldo Gonzaga in Urbino. Dit moet zijn: het hof van Guidobaldo da Montefeltro, die was getrouwd met Elisabetta Gonzaga. Zij waren hertog en hertogin van Urbino.

Rechercheurs Vledder en De Cock uit de televisieserie Baantjer in stamkroeg Lowietje. Foto anp
Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.