Zit Afrika te wachten op nieuwe shoppingmalls?

Mondialisering

De opkomst van de shoppingmall was hét symbool dat het goed ging met Afrika. Nu weerspiegelen de rustige winkelcentra de economische malaise. Desondanks geloven analisten in een revival.

Eind april opende de Mall of America in Johannesburg, het grootste winkelcentrum van Zuidelijk Afrika, met 300 winkels en restaurants. Veel internationale merken zijn er gevestigd. Foto Reuters

Waaraan kun je zien dat het de bevolking van een land beter gaat? Analisten van adviesbureaus voor het bedrijfsleven kijken graag naar de inkopen in de supermarkten, het consumptiepatroon. Het symbool van de 'opkomende economieën' in Afrika werd zo de shoppingmall, de uit de VS overgewaaide vergrotende trap van het winkelcentrum. Tot voor kort.

Nu het economisch tegenzit in de landen die rijk werden van de hoge grondstofprijzen - zoals Nigeria en Angola - weerspiegelen de rustige winkelcentra de malaise. Maar misschien moeten we verder vooruitkijken. Onlangs kwam Euromonitor International met een optimistisch rapport over de kansen voor exporteurs van consumptie-artikelen naar de snel groeiende steden in vier Afrikaanse landen, Zuid-Afrika, Kenia, Nigeria en Kameroen. En met een vooruitblik naar 2030.

Kenia is nummer 1: de uitgaven in winkels van inwoners van de steden Nairobi, Kisumu en Mombasa zullen in 15 jaar (2015-2030) toenemen met 200 procent, is de projectie. Dat komt door de snelle groei van het inwonertal door de trek naar de steden, maar ook doordat inwoners meer te besteden zullen hebben. Voor Kameroen berekende het onderzoeks- en adviesbureau een toename van de winkeluitgaven met 100 procent in 15 jaar in steden Yaoundé en Douala.

De steden in Nigeria en Zuid-Afrika blijven de belangrijkste markten, maar de groei zal er lager zijn. In Nigeria door de lage olieprijs, in Zuid-Afrika door de economische crisis en omdat de markt voor consumptieartikelen al tamelijk verzadigd is volgens Euromonitor.

En toch ging eind april dit jaar het gigantische winkelcentrum Mall of Africa open aan de rand van Johannesburg: de grootste mall van Zuidelijk Afrika, met 6.500 parkeerplaatsen, 131 duizend vierkante meter winkelruimte, kosten rond de 300 miljoen euro. Er zitten 300 winkels en restaurants in, onder andere van internationale merken als Starbucks, Häagen-Dazs, Zara, H&M en Armani Exchange.

De eerste week liep het storm met 400 duizend bezoekers, er waren vechtpartijen tussen taxichauffeurs om klanten, gevolgd door 53 arrestaties volgens Quartz Africa, een Zuid-Afrikaanse zakensite. Maar er was ook hoon en scepsis: is de tijd voor shopping malls niet voorbij? Tweeduizend winkelcentra voor 53 miljoen inwoners, is dat niet al een beetje veel?

De Mall of Africa adverteert met 'de echte Afrikaanse sfeer', speciale routes langs de winkels geïnspireerd op de tocht door het oerwoud van Congo of een safari over de savanne en langs de Grote Meren, alsmede een Sahara-woestijnervaring. Columnist Gareth Van Niekerk van City Press, die griezelt van zulke megamalls, vraagt zich af waarom er dan zo bar weinig in Afrika gemaakte spullen te koop zijn.

Daarmee raakt hij waarschijnlijk aan de kern van het probleem: die malls vol geïmporteerde spullen zijn te duur voor het gros van de Afrikaanse consumenten en horen niet bij de dagelijkse boodschappen. Een plaatselijke industrie van consumptiegoederen gericht op de specifieke vraag van de bevolking in de zeer uiteenlopende landen is beperkt en wordt tegengewerkt aan de bovenkant van de sector door westerse importen en aan de onderkant door Chinese.

En hoe groot is die middenklasse die gaat winkelen eigenlijk? De Afrikaanse Ontwikkelingsbank becijferde in 2011 dat bijna eenderde van de Afrikanen, 300 miljoen, tot de winkelende middenklasse kan worden gerekend. Maar daarop kwam veel kritiek omdat de bank een daginkomen van tussen de 2 en 20 dollar hanteerde. Daarmee begin je niet veel in een mall. De Zuid-Afrikaanse krant Mail & Guardian legde die cijfers naast de interpretatie van Credit Suisse voor middenklasse wereldwijd: dan zouden slechts 18,8 miljoen Afrikanen in aanmerking komen, van wie een kwart in Zuid-Afrika woont.

Maar gerenommeerde adviesbureaus presenteren bij voorkeur optimistische prognoses. McKinsey was een jaar geleden nog zeer up-beat in een rapport: de uitgaven aan consumptieartikelen in heel Afrika zal groeien van 860 miljard dollar in 2008 tot 1,4 biljoen in 2020. In 2025 zal tweederde van de huishoudens in Afrika geld kunnen uitgeven aan andere dingen dan de noodzakelijke levensbehoeften. En Afrikaanse consumenten zijn ook nog eens jong, ruim de helft van de Afrikanen die een inkomen verdienen is tussen de 16 en 34 jaar: 'een leeftijdsgroep die beter op de hoogte is van nieuwe producten en die ze graag wil uitproberen'.

McKinsey meldde dat zeker 400 internationale bedrijven voor consumptieartikelen de vele hobbels bij het zakendoen in Afrikaanse landen met succes hadden genomen. Maar een van die bedrijven, Nestlé, maakte kort na het uitkomen van het rapport bekend te zullen inkrimpen op het continent, omdat 'Afrika niet het nieuwe Azië blijkt te zijn'.

Dus hoe moet het verder met die winkelcentra in Afrika, zoals de Accra Mall in Accra (Ghana), The Palms in Lagos (Nigeria), Garden City, in mei geopend in Nairobi (Kenia) of Belas Shopping Mall in Luanda (Angola)?

Volgens The Economist investeert de Mara Group (van Afrikaans-Aziatische Britse zakenman Ashish Thakkar) volop in nieuwe malls in Afrikaanse landen. De Franse firma CFAO bouwt in acht landen tientallen winkelcentra; de eerste ging dit jaar open in Abidjan (Ivoorkust). Het blad verscheen in april met een speciale bijlage over de kansen met al die klanten in Afrika (bijna 1,2 miljard inwoners) onder de titel The 1.2 billion opportunity.

De kansen voor gewone supermarkten lijken beter dan die voor de shopping malls. Het Zuid-Afrikaanse Shoprite heeft nu een kwart van de vlaggenschipwinkels buiten Zuid-Afrika, meldt The Economist.

Op de site van het Zuid-Afrikaanse Business Day vertelt Shopritedirecteur Whitey Basson in een filmpje dat zijn keten meer winkels gaat openen in Nigeria, Zambia en bovenal Angola, waar Shoprite al dertig supermarkten heeft. Lage prijzen, producten afgestemd op de klanten, dat is de formule. En, zegt Basson: niet te veel schrikken als de olieprijs laag is, het aantal klanten blijft echt toenemen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.