Zijn zij de redding voor de armen van Amsterdam?

Amsterdam weet weinig van de grote groep armen in de stad. Om succesvoller beleid te maken, helpt een groep data-analisten, marketeers en app-bouwers nu bij het bestrijden van de armoede.

Rolinka Kattouw (51). Beeld Aurelie Geurts

30 maart - Weten wat werkt

Op de tweede verdieping van een gemeentelijke kantoorkolos aan de Weesperstraat staat een groep mensen in een kring, naast hun bureaus vol Apple-computers. Omdat onderzoek uitwijst dat zitten de efficiëntie van een vergadering niet ten goede komt, zijn stoelen taboe tijdens hun wekelijkse stand up. De muren van hun zaal, aan het einde van een lange gang, zijn beplakt met grote vellen papier vol tekeningen, notities en kleurige post-its.

Hier staan niet zomaar ambtenaren. Hier staan data-analisten, marketing-experts en app-bouwers die de gemeente helpen het immense en taaie armoedeprobleem in de stad te bestrijden. Sommigen werkten eerder bij bedrijven die dagelijks moeten vechten voor iedere klant. Ze zijn getraind om op basis van data en onderzoek vast te stellen wat klanten beweegt en welke vorm van dienstverlening werkt.

Amsterdam kent de honderdduizend Amsterdamse huishoudens (één op de vijf) die rondkomen van uitkeringen en kleine banen slecht. Rechtstreeks contact met ze heeft de gemeente uitbesteed aan welzijnsorganisaties. Zo kan het dat Amsterdam jaarlijks 83 miljoen euro uitgeeft aan armoedebestrijding, zonder dat duidelijk is of daarmee de grootste behoeften van de minima in de stad het best zijn gediend.

Dus heeft wethouder Arjan Vliegenthart (SP) begin dit jaar 'armoederegisseur' Maureen van Eijk aangesteld. Zij is een ervaren ambtenaar kan dus stevig aan de boom schudden als haar team van slimme externen stuit op tegenstand binnen het ambtenarencorps. Ruim twee maanden is Van Eijks 'real time armoedeaanpak' nu op streek.

In de kring op de Weesperstraat staan de twee teams die samen optrekken om de leefwereld van drie specifieke groepen arme Amsterdammers in kaart te brengen: licht verstandelijk beperkten in de Molenwijk (Noord), werkende minima in de Bijlmer en jongvolwassenen in de Indische buurt (Oost).

Hoe ziet hun leven eruit, hoe komen ze rond, van welke regelingen maken ze gebruik en wie hebben ze om zich heen? Op zulke vragen proberen de teams antwoord te krijgen. Ze voeren gesprekken met de mensen zelf en de mensen om hen heen, zoals een pastor, ouders en 'maatschappelijke dienstverleners' in de buurt.

Op de vellen papier staan observaties over hun ontmoetingen de laatste weken. Het valt op dat werkende West-Afrikaanse vrouwen in de Bijlmer weinig zekerheid hebben over hun inkomen. Voor regelingen waarbij de gemeente het bruto jaarinkomen wil weten, passen zij vaak. Ze zijn bang dat ze overgemaakt geld later moeten terugbetalen.

Rolinka Kattouw
Schetst hoe minima leven

'Ik heb gewerkt bij zakelijke en financiële dienstverleners die goed weten wat ervoor nodig is om mensen hun te laten kopen. Die manier van denken, sterk ondersteund door data en kwalitatief onderzoek, heb ik de laatste maanden toegepast op de leefwereld van Amsterdamse minima. Wie zijn zij? Hoe ze leven en denken ze? En waar hebben ze behoefte aan? Dat heb ik onderzocht en op basis van de bevindingen heb ik fictieve eikpersonen gemaakt. Het is de bedoeling dat hulpverleners en ambtenaren die in gedachte hebben wanneer ze beleid maken. Dat ze zich afvragen: begrijpen Grace en Youssuf dit en helpen we ze hiermee?'

Van de gemeente hebben ze vaak geen hoge pet op. Daar moet je bij een onbekende eerst zeer persoonlijke vragen beantwoorden, om vervolgens geen antwoord te krijgen op je eigen vraag. Op een van de vellen staat een uitspraak van een ondervraagde, alleenstaande moeder: 'Ik ben eigendom van de staat.' In nood zoeken ze liever hulp bij de kerk.

De adviseurs weten best veel over de Bijlmer, maar het is lastig om met jongvolwassenen in Oost in gesprek te komen. 'Ik heb er een paar op straat aangesproken, maar daar komt weinig uit', zegt Maarten Geraets, die simpele, technische oplossingen bedenkt om de dienstverlening te verbeteren. 'Ze wantrouwen mij, en dat begrijp ik ook wel. Ik ben zo anders dan zijzelf.'

14 april - De dag van Grace
'Dit is Grace, een Ghanese alleenstaande moeder van 42 uit de Bijlmer', zegt Geraets tegen wethouder Vliegenthart en de topambtenaren die zich op de wethouderkamer hebben verzameld. Ze krijgen een tussenstand van de nieuwe armoede-aanpak. 'Grace verdient 800 euro in de maand met het schoonmaken van vliegtuigen. Zwart verdient ze bij door huizen schoon te maken. Haar huur van 700 euro vult ze aan door af en toe een kamer onder te verhuren aan mensen die de kerk aandraagt. Nederlands spreekt ze amper en van internet snapt ze niet veel.'

Geraets schetst de dag van Grace met post-its die hij op de muur plakt. Om 5.00 uur opstaan, met de metro naar Schiphol, zes uur vliegtuigen schoonmaken, om 8.30 terug naar de Bijlmer, boodschappen doen, koken, 13.30 uur in de stad een huis schoonmaken, om 17.30 uur thuis, eten met haar tienerkinderen. Om 20.00 uur even ontspannen en dan naar bed.

Het team heeft zes fictieve personen gemaakt die model staan voor een groep. Rolinka Kattouw introduceert er nog een: 'Younnes', een jongen van 23 uit Oost. Hij woont bij zijn ouders en een school heeft hij niet afgemaakt. Hij hang overdag 'met zijn matties' en werkt 's avonds als pizzakoerier. En hij klust wat bij 'in de groenvoorziening', wat tot hilariteit van de ambtenaren de straatterm voor cannabishandel blijkt te zijn.

Maarten Geraets (35). Beeld Aurelie Geurts

Maarten Geraets
Ontwikkelt apps

'Ik heb een acteursopleiding gevolgd, maar begeleid nu al tien jaar ICT-teams. Eerst bij bedrijven en het laatste jaar bij de gemeente. Mijn team zoekt simpele, technische oplossingen die de dienstverlening van de gemeente verbeteren. We hebben bijvoorbeeld een succesvolle app gemaakt die de administratie van de marktmeesters in de stad op orde brengt. Het armoedevraagstuk is eigenlijk een totaal ongeschikt probleem voor ons. Veel te groot. Maar we hebben in die brei van problemen er één gekozen waar we nu een app voor hebben ontwikkeld: snap de brief. Mensen kunnen daarmee foto's van brieven maken en opsturen. Een hulpverlener belt terug en legt uit of verwijst door.'

Ze reageren minder vrolijk wanneer Kattouw vertelt dat jongeren bij hen geïnformeerd hebben hoe ze in de Top-600 komen, de lijst met veelplegers die burgemeester Eberhard van der Laan heeft laten opstellen. 'Die lijst heeft status. En ze weten dat als je erop staat, de gemeente niet alleen jou, maar je hele familie helpt met het vinden van een woning en opleiding.'

De wethouder moet weg, naar zijn volgende afspraak. 'Dit zet aan tot denken. Dank!'

22 april - Techniek als wapen

De presentatie van de jonge programmeur doet denken aan de geest uit Aladins wonderlamp. Elke keer dat 'Grace' met een financiële vraag zit, komt hij tevoorschijn en geeft antwoord. Zo werkt de app die hij en zijn team de laatste drie dagen hebben bedacht om de dienstverlening van de gemeente te verbeteren. Ze presenteren hem voor een jury onder leiding van zakenvrouw Annemarie van Gaal. Een professionele striptekenaar heeft plaatjes gemaakt om hun presentatie kracht bij te zetten.

'Nu echt afronden', klinkt het als de tijd op is. Dan stelt de jury een paar kritische vragen: 'Hebben jullie erover nagedacht of dit technisch haalbaar is? Heeft Grace wel een smartphone?' En: 'Hoe lang duurt het om dit te maken.'

De presentatie is het slotstuk van drie dagen werken in de NL Studio's in de Jordaan. Zestig ambtenaren en mensen uit het bedrijfsleven hebben nagedacht over manieren waarop de stad 'kan bouwen aan een inclusieve samenleving'. Aan de hand van Grace, Younnes en andere fictieve personages presenteren zeven teams nu ideeën met namen als XPlore, G.R.A.C.E. en 'van buffelen naar bufferen'. Aan de beste drie mogen ze de komende maanden doorwerken.

Dan trekt de jury zich terug voor beraad. Daar wordt besloten dat 'Sparen Loont' - een spaarprogramma voor minima die net uit de schuldhulpverlening komen - door mag. Net als 'Tommie', een app die verstandelijk beperkte Amsterdammers inzicht moet geven in hun financiële huishouding. En IamConnected, gratis toegang tot internet voor arme Amsterdammers. Vooral over dat laatste idee is Annemarie van Gaal erg enthousiast: 'Internet is een machtig wapen tegen sociale armoede.'

29 april - Een app voor onbegrepen brieven

Maarten Geraets trekt een wenkbrauw op als het evenement van een week eerder ter sprake komt. 'De mensen verwachten te veel van techniek.' Met zijn FIXX-team zoekt hij juist relatief eenvoudige problemen om daarvoor oplossingen te bedenken.

Ze zijn er de laatste weken honderden tegengekomen, zegt Geraets terwijl hij langs de tientallen post-its op de muur loopt. Bijvoorbeeld dat vrouwen in de Bijlmer vaak uren per dag lopen om overal de goedkoopste producten te kopen.

De oplossingen die zijn team heeft bedacht, zijn lang niet allemaal technisch. Zo staat er op een plaatje: 'gratis openbaar vervoer'. Geraets: 'Heel makkelijk uit te voeren en het zou de situatie van mensen met lage inkomens enorm verbeteren. Werken loont eerder als reizen gratis is, ze zijn minder tijd kwijt aan die koopjeswandelingen. En wist je dat boetes wegens zwartrijden vaak het begin zijn van problematische schulden?'

Toch is het gratis OV niet de oplossing waar zijn team zich de komende weken op stort. Dat wordt een app met de naam 'snap de brief'. Geraets: 'Het viel ons op dat er in de wachtkamers van hulpverleners steeds mensen zitten met brieven. Het is indrukwekkend te zien hoeveel mensen stress ervaren en toch soms pas vrij laat in actie komen wanneer ze een brief krijgen die ze niet begrijpen omdat ze geen Nederlands spreken of de inhoud te ingewikkeld is.'

Doel van de app is dat mensen foto's maken van de brieven waarover zij vragen hebben, waarna een hulpverlener ze binnen een dag terugbelt. Zo ontstaat er vaker een gesprek over armoede, is de hoop van Geraets en zijn team. 'En het is interessant om de kwaliteit van de brieven te beoordelen en de antwoorden die de hulpverleners geven.'

5 juli - Te veel denken vanuit de regels
'Vandaag halen we het net op van een half jaar real time armoede-aanpak', zegt wethouder Arjan Vliegenthart. In een vergaderzaal van het stadhuis zijn ambtenaren en bestuurders uit alle stadsdelen aangeschoven.

Geraets oogst lof met een demonstratie van 'snap de brief'. Er zijn inmiddels zes brieven binnengekomen en hij wil kijken of het lukt dat aantal de komende maanden te laten groeien naar zestig per week. Sigrid Winkel vraagt Vliegenthart om capaciteit om tot het einde van het jaar de drie winnende ideeën van het evenement in de Jordaan te testen.

Rolinka Kattouw wijst in haar presentatie onder meer op de vele 'sleutelmomenten' waarop de gemeente kansen mist om armoede te bestrijden. Jonge meiden die zwanger worden, stoppen vaak met hun opleiding. 'Waarom wordt er op zo'n moment niet gezegd: joh, gefeliciteerd met je zwangerschap en hoe gaan we dat straks aanpakken met school?'

Sigrid Winkel (32). Beeld Aurélie Geurts

Sigrid Winkel
Verbetert de dienstverlening

‘Wij onderzoeken hoe nieuwe kennis en technologie de dienstverlening van de gemeente kunnen verbeteren. Voor het armoedeproject heb ik onder meer een brainstorm begeleid om snel tot nieuwe ideeën te komen. Samen met ambtenaren en mensen uit het bedrijfsleven onderzochten we hoe we met nieuwe technologie en door slimme samenwerkingen tussen het bedrijfsleven en de gemeente iets aan de armoede in de stad kunnen doen. Het heeft inmiddels drie ideeën opgeleverd om mensen in armoede te helpen meer grip op hun financiën en leven te krijgen. We hopen die ideeën de komende maanden verder uit te werken.’

Haar centrale punt is dat de ambtenaren en hulpverleners in de stad te veel denken vanuit de regels. Voor de arme inwoners van Amsterdam is de gemeente een 'ondefinieerbare instantie die in zijn traagheid niet aansluit bij de urgente problemen van mensen in de stad'.

Harro Hoogerwerf, hoofd van de afdeling armoede op het gemeentehuis, is dat met haar eens. 'Er werken allemaal slimme mensen op het stadhuis, maar het blijft moeilijk vanuit de klant te denken. Bij nieuw beleid zouden we dus een klant-effectreportage moeten laten maken. Al klinkt dat heel ambtelijk, dat besef ik.'

Wethouder Vliegenthart constateert dat hij en zijn ambtenaren armoede vaak te lijf gaan zonder te begrijpen waar Amsterdamse minima behoefte aan hebben. Om dat te veranderen, wil hij de gemeenteraad voorstellen om de komende jaren meer op kleine schaal te experimenteren. Zo wil hij bijvoorbeeld zien wat er gebeurt als hulpverleners in de stad meer vrijheid krijgen. 'En als gratis OV-kaartjes een goed middel lijken, wil ik dat kunnen uitproberen.'

Wethouder Arjan Vliegenthart. Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden