Zij hebben 15 miljard euro gekost

De laatste Nederlander die dankzij de vut vervroegd kon stoppen met werken, gaat vandaag echt met pensioen. Leve de vut, of toch niet?

Evert Bergsma: 'Ik mocht 98 procent van mijn salaris houden.'Beeld Aurélie Geurts

De huidige ambtenaren van 55- tot bijna 65 jaar zijn de pineut. Zo'n 37 jaar lang hebben zij premie betaald voor de vut. Maar daarvan zullen zij niets terugzien. Ze moeten tot hun 65ste blijven werken en mogen pas daarna stoppen.

De gepensioneerden die een tikkeltje eerder zijn geboren, voor 1950, konden wel kort na hun 62ste stoppen met werken. De laatsten van deze vutters gaan vandaag echt met pensioen en ontvangen dan AOW en een 'normaal' pensioen.

Hoeveel heeft het gekost?

Deze vervroegde uittreding van werknemers heeft de pensioenfondsen veel geld gekost. Zeker gezien de enorme geldzorgen waar Nederlandse pensioenfondsen nu mee kampen, ogen de vutregelingen met de blik van tegenwoordig erg kostbaar. Zo was het ambtenarenpensioenfonds ABP 15,4 miljard euro kwijt om de afgelopen tien jaar de vut te betalen, zo blijkt uit berekeningen die de Volkskrant heeft opgevraagd. De huidige groep ambtenaren betaalde 6,8 miljard euro aan solidariteitsheffing voor de vut, waar ze zelf geen gebruik van kunnen maken. Hun werkgevers droegen nog eens 6,7 miljard af voor de vut. 1,2 miljard euro werd uit het zogeheten vutfonds gehaald. En de ambtenaren die nog met vut konden droegen zelf 700 miljoen euro bij.

Was de regeling dit geld allemaal waard?

In de jaren zeventig werd de vut bedacht als plaatsmakersregeling. Want daarvoor was de vut net als in andere bedrijfstakken ooit bedoeld. De vut moest jongerenwerkloosheid bestrijden door ouderen plaats te laten maken voor jongeren. Deze regeling had de voorkeur van werkgevers. Dat liever dan de arbeidsduurverkorting die de vakbeweging toen al voorstelde. Werkgevers dachten met de vut een tijdelijke regeling te introduceren. Oudere werknemers die vaak op hun 15de waren begonnen in de haven en in de metaalindustrie konden dan vervroegd met pensioen om plaats te maken voor goedkopere jongeren. De regeling werd gestimuleerd door het kabinet-Den Uyl, dat de eerste jaren vaak meebetaalde. De arbeidsduurverkorting van de vakbeweging kwam er overigens toch, in de jaren tachtig.

Waarom ging Nederland massaal met de vut?

Met de vut zouden ouderen plaatsmaken voor jonge werkzoekenden, zo was dus de gedachte. Maar het probleem was dat een uitkering niet strookte met de moraal van die jaren. Je werkte tot je pensioen en als je eerder stopte met werken was je een lapzwans.

Maar die houding kantelde snel, omdat de regeling wel erg aantrekkelijk werd gemaakt. Soms werd stoppen vanaf de 57ste verjaardag mogelijk, met netto ruim 80 procent van het oude salaris, terwijl het pensioen ook werd volgestort. Zoiets was niet te versmaden.

In de jaren tachtig maakte vrijwel iedereen die er aanspraak op kon maken, gebruik van de vut. Er bestond een breed palet aan vertrekregelingen voor ouderen: van vut en WAO tot WW met vervolguitkeringen. Wie na zijn 58ste nog werkte, werd welhaast raar aangekeken.

Was het effectief?

Om de werkloosheid in de jaren tachtig te verminderen, heeft de vut niet geholpen. 'De vutters werden zeker niet een-op-een vervangen. De vut heeft er vooral voor gezorgd dat de werkloosheid niet nog verder opliep', zegt Joop Schippers, hoogleraar arbeidsmarkt aan de Universiteit Utrecht. 'De vut was een belangrijk middel om overtollige arbeidskrachten zogezegd uit de markt te nemen, net zoals de WAO, de WW en andere regelingen.'

Wie betaalde het?

Wanneer je met de vut kon, hoe hoog de uitkering was, of de pensioenopbouw doorliep - dat regelden bonden en werkgevers in cao's. Pensioenfondsen voerden de regeling uit. Eerst werden de uitkeringen gewoon uit de pensioenpot betaald, pas later werden aparte fondsen en premies voor werkgevers en werknemers ingesteld. Het pensioenfonds ABP richtte in 1995 zo'n apart fonds op met de bedoeling de vut blijvend te maken. Tot die tijd werd de vut uit een omslagpremie betaald. De premies die binnenkwamen, werden gebruikt voor de uitkeringen in dat jaar. Door de premie te verhogen en te gaan sparen zou de vut een recht worden voor iedereen.

Waarom werd de regeling afgeschaft?

De aanzwellende vergrijzing stak daar een stokje voor. Gebrek aan arbeidskrachten dreigde. In 2004 besloot het kabinet-Balkenende II daarom dat de vut moest stoppen. Dit en andere voorstellen waren aanleiding voor de grootste naoorlogse vakbondsdemonstratie, op zaterdag 2 oktober 2004 in Amsterdam. Zo'n 300 duizend mensen naar het Museumplein. Kort daarop werd een akkoord gesloten, ook over de afbouw van de vut. Bonden en werkgevers kregen de ruimte voor overgangsregelingen.

De overheid zelf gaf daarin het voorbeeld. In 2005 werd voor alle ambtenaren een complex pakket afgesproken. Daarin hielden ambtenaren geboren voor 1950 de vut. De vertrekleeftijd werd opgeschoven naar 62 jaar en drie maanden. Deze regeling heeft uiteindelijk 15,4 miljard euro gekost. In maart 2012 ging de laatste ambtenaar met de vut.

Was het einde van de vut een trendbreuk?

Ja, want het was de eerste keer dat expliciet duidelijk werd wat de consequenties waren van de zogeheten omslagregeling. Bij zo'n regeling betalen werkenden de lopende uitkering. In het geval van de vut betaalden jongere ambtenaren 6,8 miljard euro solidariteitsheffing. Concreet betekende dat, dat de heffing voor een individuele werknemer in tien jaar tijd kon oplopen tot een half jaarsalaris, zo heeft de Volkskrant becijferd. De solidariteitsheffing ging dus vooral ten koste van jongeren.

Maar wat is dan solidariteit?

Het ABP gaf in 2005 duidelijkheid over de solidariteit. De ambtenaren uit 1949 en daarvoor die nog met de vut konden, hebben zelf ruim dertig jaar de vut van hun oudere collega's betaald. De ambtenaar uit 1950 heeft ook ruim dertig jaar voor de vut betaald, maar krijgt die zelf niet. Wel een bijgespijkerd pensioen waarmee hij eerder kan stoppen. Dat was een van de overgangsregelingen die werden afgesproken. Ambtenaren die nu tussen 55 en 65 jaar zijn, hebben 37 jaar aan de vut meebetaald uitsluitend voor anderen. Hoe jonger de ambtenaar, hoe korter meebetaald, maar toch.

En dat was het?

Nee. De overgangsregeling volgde pijnlijk genoeg op de versobering van het pensioen die net was ingezet. Ook die trof vooral de jongeren. Tot 2004 werd gespaard voor pensioen gebaseerd op het laatstverdiende en meestal hoogste salaris. Sindsdien gaat het om het gemiddeld tijdens de carrière verdiende loon. Dat zogenoemde middelloonpensioen is vrijwel altijd lager dan het eindloonpensioen. Het was geen versobering met terugwerkende kracht. Oudere ambtenaren hielden dus hun aanspraken op het eindloonpensioen en spaarden alleen in de laatste jaren voor dat soberder pensioen.

En nu?

De financiële crisis die in 2008 losbarstte, heeft de pensioenfondsen zodanig in problemen gebracht dat alle generaties zich inmiddels 'gepakt' voelen. De ouderen omdat hun pensioenuitkering al jaren bevroren is en soms iets verlaagd. De middelbaren omdat hun premie torenhoog is, hun toegezegde pensioen ook al jaren bevroren is en de pensioenleeftijd steeds verder stijgt. De jongeren omdat zij menen vooral voor ouderen te betalen en hun pensioenopbouw nauwelijks zien stijgen ondanks de hoge premie. Zo bezien lijkt de vut-regeling een luxe uit een andere tijd.

Wel vut

Evert Bergsma (65), Grouw, gepensioneerd keurmeester vee en vlees bij de Rijksdienst voor Vee en Vlees (RVV), laatstverdiende salaris 'ongeveer 2.000 euro netto'; pensioen 1.600 euro netto.

'Mijn vrouw heeft weleens moeite met mijn vroege pensioen. Zij is 63, onlangs ontslagen en moet nu twee keer in de maand solliciteren. Ik ben ruim tien jaar geleden gestopt met werken, toen de RVV overging in de Voedsel en Warenautoriteit. Ik zat nog niet te wachten op mijn pensioen. Het werk was leuk. Maar er veranderde zo veel.

Bovendien kreeg ik een riante regeling aangeboden. Tot mijn pensioen mocht ik 98 procent van mijn salaris houden, alleen mijn vakantiegeld moest ik inleveren. Als mensen dat niet eerlijk vinden, geef ik ze gelijk. Maar als je er geen gebruik van maakt, ben je een dief van eigen portemonnee.

Het was wel even wennen, dat pensioen. Je gaat alles twee versnellingen lager doen. De buren van mijn leeftijd vragen mij al voor het biljarten en het kaarten. 'Jij bent ook 65', zeggen ze dan. Maar ik heb daar nog geen zin in. Ik volleybal nog iedere week.

Ook geef ik rondleidingen in de Sint Pieterkerk in Grouw. Verder heb ik een eigen moestuin. Daar verbouw ik aardappelen, woudbonen en Turkse Mutsen, een soort pompoenen. 's Zomers ben ik matroos op de MS Markol, een soort rondvaartboot voor gehandicapten. Die heb tien jaar geleden ook helpen opknappen. Leuk idee, vond ik dat. Je maakt er mensen er hartstikke blij mee.

Geen VUT

Peter van den Berge (66), Geldrop, gepensioneerd onderwijzer Duits en economie, deelt de hoogte van zijn pensioen en salaris liever niet.

'Het was een enorme tegenvaller dat ik niet met vervroegd pensioen kon. Mijn oudere broers mochten allemaal eerder stoppen met werken. Altijd ging ik ervan uit dat ik op mijn 61ste vrij zou zijn. Maar ik ben van januari 1950, dus op één maand na liep ik de vut-regeling mis. Ik kon kiezen: vier jaar langer doorwerken of jaarlijks een paar duizend euro pensioen inleveren.

Uiteindelijk ben ik op mijn 65ste met pensioen gegaan. Ik heb 44 jaar met veel plezier in het onderwijs gewerkt als docent Duits en economie. In de avonduren gaf ik Nima, marketingles aan volwassenen. Het onderwijs is een zware baan. Ouders en leerlingen verwachten ook steeds meer - dat je op ieder moment bereikbaar bent en mails beantwoordt.

Ik geniet nu van m'n rust. Alles gaat een tandje langzamer, maar ik heb het nog steeds gewoon druk. Ik vul de belastingformulieren in voor familie en kennissen. Verder pas ik veel op mijn kleinkinderen en ik wandel iedere dag anderhalf uur door de bossen - voor mijn conditie en vitamine D. Als de zon schijnt, ga ik lekker in de tuin zitten met een boekje. Als het even kan, lees ik in het Duits. Zo houd ik mijn bevoegdheid een beetje op peil. Ik vind het sneu dat mensen steeds langer door moeten. Het klopt dat mensen steeds ouder worden, maar over de kwaliteit van leven heb ik zo mijn twijfels. Het irriteert me mateloos dat mensen daar zo makkelijk overheen lopen.'

Peter van den Berge.Beeld Aurélie Geurts
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden