Wordt supermarktconcern Ahold overnameprooi voor buitenlandse belagers?

De 'wettelijke bedenktijd' die het kabinet wil invoeren tegen vijandige overnames van Nederlandse kroonjuwelen komt te laat om door Ahold Delhaize gebruikt te kunnen worden. Het supermarktconcern verliest eind dit jaar waarschijnlijk een belangrijke beschermingsconstructie, waardoor het in het vizier kan komen van buitenlandse belagers.

Winkelend publiek voor een filiaal van Albert Heijn in Utrecht Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

De bedenktijd die Nederlandse bedrijven extra moet beschermen tegen ongewenste overnames, kan niet eerder dan begin of medio volgend jaar worden ingevoerd. Dat meldt het ministerie van Economische Zaken (EZ) desgevraagd. Bijna een jaar nadat de bedenktijd werd geopperd, na de aanvallen op Unilever en AkzoNobel, is er nog steeds geen wetsvoorstel.

EZ zegt dat het voorstel uiterlijk eind volgende maand naar de Tweede Kamer gaat. Maar nu al is duidelijk dat de maatregel door de parlementaire behandeling op zijn vroegst pas volgend jaar van kracht kan worden. Het parlement zou een spoedprocedure kunnen beginnen vanwege Ahold. 'Maar wij maken geen wetgeving voor individuele bedrijven', zegt een woordvoerder.

250 dagen

Het is nog de vraag of de bedenktijd het wel gaat halen. De maatregel om 'onze' kroonjuwelen te beschermen, roept veel vragen op, blijkt uit stukken die de Volkskrant met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur heeft gekregen. De bedenktijd geeft beursgenoteerde bedrijven die tegen hun zin zijn overgenomen het recht om 250 dagen lang alle 'fundamentele' strategiewijzigingen die de nieuwe eigenaar wil doorvoeren te blokkeren. Zo krijgt het bedrijf tijd om onder de overname uit te komen.

Toenmalig VVD-minister Henk Kamp kwam vorig jaar met het plan, naar aanleiding van de vijandige overnamepogingen bij Unilever en AkzoNobel. Het ging eerst om een jaar, maar in de kabinetsformatie is dat teruggebracht tot 250 dagen. In die periode kan de koper niets doen en staan de aandeelhouders buitenspel. Omdat een koper niet driekwart jaar in onzekerheid kan afwachten of de deal wel doorgaat, worden ongewenste overnames van Nederlandse bedrijven volgens de huidige plannen vrijwel onmogelijk.

Ahold-directeur Dick Boer met vestigingspersoneel in juli 2016, kort na de fusie met Delhaize. Beeld ANP

Volgens het kabinet is de maatregel nodig omdat Nederlandse bedrijven kwetsbaar zijn in de internationale overnamegolf. Een groot deel van de Tweede Kamer steunde vorig voorjaar die lijn.

Ahold verliest in december waarschijnlijk zijn belangrijkste beschermingsconstructie, de bevriende Stichting Continuïteit Ahold. Die kan extra aandelen uitgeven om de zeggenschap over te nemen, zodat een belager tijdelijk of definitief kan worden geweerd. Het supermarktconcern kan de aandeelhouders vragen of het die aflopende constructie mag verlengen, maar het is de vraag of zij daarmee instemmen.

Beschermingsconstructies drukken de beurskoers en daar houden beleggers niet van. Zonder die constructie zou het supermarktconcern in het vizier kunnen komen van een grote Amerikaanse concurrent of van private equity, dat vele tientallen miljarden euro's op tafel kan leggen. Ahold Delhaize is relatief goedkoop op de beurs.

Onnodig en schadelijk

Volgens critici van de bedenktijd kan Ahold zich met de resterende bescherming en met de bestaande regels in Nederland ook goed verweren tegen eventuele vijandige biedingen. Ze vinden de maatregel onnodig en schadelijk. Nederlandse bedrijven zouden al goed genoeg beschermd zijn tegen overnames. Bovendien zou het zittende management lui worden van nog een extra slot op de deur. Grote Britse en Amerikaanse aandeelhouders hebben verder gedreigd Nederland te gaan mijden als ze met de bedenktijd buitenspel gezet kunnen worden. Juristen twijfelen ook over de haalbaarheid van de maatregel.

Uit de vrijgegeven stukken blijkt dat oud-ING-baas Jan Hommen op 25 februari, kort na de afgeslagen aanval op Unilever, zijn zorgen uitte bij minister Kamp. Het Financieele Dagblad meldde vorig jaar dat de bedenktijd uit de koker komt van Jan Hommen en Peter Wakkie. Wakkie was vroeger Ahold-bestuurder, Hommen is vicevoorzitter van de raad van commissarissen. Daarom is geopperd dat deze twee zwaargewichten met 'hun' bedenktijd eigenlijk Ahold wilden beschermen. Wakkie ontkent dat desgevraagd.

'AEX-beraad'

Uit een - anoniem gemaakte - vrijgegeven e-mail aan EZ blijkt dat Hommen en Wakkie vorig jaar op 31 maart samen met oud-Shell-topman Jeroen van der Veer (commissaris bij onder meer Philips en ING) een groepje vormden om maatregelen te bedenken. Volgens diverse bronnen zien veel andere prominente commissarissen uit het 'AEX-beraad' niets in de bedenktijd. Volgens Wakkie is de maatregel tijdens het overleg op 31 maart 'in algemene zin besproken'. 'In mijn herinnering was er geen verzet tegen.'

Ahold Delhaize laat weten dat het zich rond de bedenktijd niet heeft laten vertegenwoordigen door Hommen en Wakkie. Het supermarktconcern concentreert zich in de eerste plaats op de eigen situatie, aldus een verklaring, en zal waar nodig in actie komen.

Het WOB-verzoek werd uitgevoerd door Marlies de Brouwer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden