de ondernemingWinnaz te Rwanda

Winnaz werkt aan een ‘chipscultuur’ in Rwanda

Thijs Boer, oprichter van Hollanda Fairfoods, in zijn chips fabriek. De chips die gemaakt wordt heet Winnaz, en wordt verkocht in heel Oost Afrika.Beeld Sven Torfinn

Op veldonderzoek zag de Wageningse student Thijs Boer dat chips in Rwanda nog onbekend waren. Dat gat in de markt heeft hij nu opgevuld met zijn bedrijf Winnaz. De aardappelboeren zijn enthousiast, zijn manager ziet een chipscultuur in Rwanda ontstaan – maar de doorbraak moet nog komen.

Thijs Boer uit de Noordoostpolder staart naar de kilometershoge vulkaantoppen in het hart van Afrika en eet een zakje chips. ‘Mooi hè’, zegt hij, ‘ik denk dat weinig Nederlanders zo’n uitzicht hebben tijdens hun werk.’

De 33-jarige Boer is de eerste chipsfabrikant in Rwanda. Een zakje voor hemzelf kan er wel van af: van de verpakkingen met 20 gram chips rolden er vorig jaar per week 24.000 van de band. Zakjes met 36 gram of 150 gram produceert hij ook, samen met zijn ruim 50 personeelsleden. Zijn merk Winnaz, van het woord ‘winners’, verkoopt hij tevens over de grens, in Oeganda en Oost-Congo. Burundi en Tanzania staan op zijn wensenlijst. ‘En ik heb al wat verkocht in Zuid-Soedan.’

Hoe kom je op het idee om chips te gaan bakken in Afrika? Bijvoorbeeld: via een studie aan de Wageningse Universiteit. Boer deed in Rwanda veldonderzoek naar manieren om de productiviteit van boeren te vergroten. De ondernemer in hem zag dat Rwanda nog geen chips maakte, en voor chips zijn nou eenmaal boeren nodig, aardappelboeren. Met subsidie van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en geld van zijn ouders (Boer: ‘Mijn vader is boer geweest.’) lanceerde hij in 2015 zijn firma.

‘Ik betaal aan ongeveer 225 boeren een premie om aan mij te leveren’, vertelt Boer bij zijn fabriekshal in de plaats Musanze, in Rwanda’s aardappelregio. ‘Een van de boeren die begon met 100 bij 100 meter grond heeft nu acht keer zo veel.’

Elke dag chips

Boers aardappelen komen van akkers tot zo’n 1.800 meter hoogte in plaats van 2.200 meter hoogte zoals voorheen, dit zorgt voor iets drogere aardappelen en dat blijkt beter voor de chipssmaak. Bijkomend voordeel is dat Boer minder aangewezen raakt op boeren die soms bezoek krijgen van aardappeleters in de vorm van berggorilla’s.

De chipsfabriek zit in een loods die Boer huurt van een plaatselijke broodbakker. Zijn bedrijf heet Hollanda Fairfoods. ‘Hollanda’ is een samentrekking van ‘Holland’ en ‘Rwanda’. Op een buitenmuur van de loods zit een grote rood-zwarte schildering van een man met een open mond, een verlekkerde blik en een zakje chips.

In de loods staat de productielijn van roestvrij staal. Met lopendebandwerk worden aardappelen geschild, geïnspecteerd, gewassen, gesneden, gebakken, geschud, weer geïnspecteerd, gekruid, gewogen en verpakt. Twintig minuten duurt het proces, dan floepen uit de verpakkingsmachine rode, groene of blauwe zakjes.

De productielijn vergt 35 paar handen. ‘Etniciteit is taboe op de werkvloer’, zegt Boer over Rwanda’s donkere verleden, de genocide van 1994. ‘Over etniciteit praat je niet in Rwanda, en zeker niet in groepsverband.’ Zoals elke firma doen ze wel aan bedrijfsuitjes, die noemt Boer ‘heel gezellig’.

Egide Niyibizi (30) groeide sinds zijn stage uit tot de productiemanager van Winnaz. ‘Ik at nooit chips en nu eet ik ze elke dag, haha.’ Niyibizi ontwaart in Rwanda de opkomst van ‘een chipscultuur’. Hij verklaart: ‘Chips kwamen altijd uit het buitenland en waren alleen voor rijke mensen in grote supermarkten. Nu zie je Winnaz overal.’

Boer samen met zijn productiemanager Egide Niyibizi, in zijn chips fabriek.Beeld Sven Torfinn

Philbert Ntitenguha (31) is de aardappelexpert van het bedrijf. De agronoom legt uit dat de chipsfabriek door de samenwerking met lokale boeren bijdraagt aan ‘de aardappelwaardeketen’. De chips dragen ook bij aan zijn huwelijk: ‘Door mijn baan kon ik eindelijk trouwen, een vrouw wil financiële stabiliteit.’

Wat niet stabiel is, is het weer. Ntitenguha kijkt vanaf de parkeerplaats van de fabriek naar de inmiddels donkere wolken. Het begint te regenen, ongebruikelijk voor de tijd van het jaar, zoals heel Oost-Afrika te maken heeft gekregen met ongewone neerslag. ‘Vreselijk’, zegt Ntitenguha over het verschijnsel dat de aardappelteelt verstoort en de bevoorrading van de fabriek in de war schopt. ‘Het klimaat verandert.’

In de productiehal valt even later de stroom uit. Dat betekent: tijdelijk geen productie. Boer: ‘Ik zeg altijd twee dingen: we moeten een generator kopen en meer aan marketing doen. Maar eerst ben je een tijd bezig met je fabriek opzetten, dan met kinderziektes, en dan is je geld voorlopig op.’

Boer produceert flink wat zakken chips maar winst moet hij nog maken. Hij draait ‘break-even’, bij een omzet vorig jaar van 225.000 euro en 130.000 kilo aardappelen. De productiecapaciteit van zijn fabriek ligt een factor vijf hoger. ‘We groeien langzamer dan ik wilde, maar je moet geduld hebben, een merk moet je opbouwen.’

Hoog in de lucht

De omstandigheden werken niet altijd mee. In Oost-Congo brak in 2018 ebola uit. ‘Bam’, zegt Boer, ‘markt weg.’ Inmiddels levert hij weer aan de regio.

Over Rwanda als uitvalsbasis heeft Boer na vijf jaar werken ‘een dubbel gevoel’ ontwikkeld. De staat probeert buitenlandse ondernemers te plezieren met belastingvoordelen. Alledaagse corruptie zoals in omliggende landen is er niet. Verkeersgekte evenmin. ‘En in Rwanda werken slimme mensen’, vult Boer aan. Alleen blijkt er in buurlanden meer geld om te gaan.

Boer: ‘Ik zeg nu vaak: hier in Rwanda heb je alles om je te vestigen, maar niet de markt.’ Zijn streven is om zijn hoofdkantoor in Rwanda te houden en de chips te gaan maken in de landen waar hij verkoopt. ‘Dat is ook voordeliger dan alle markten bevoorraden vanuit Rwanda’, voegt hij toe.

De Rwandese staat laat zich graag voorstaan op producten ‘made in Rwanda’, en dus stelt Boer zich bescheiden op als hij bijvoorbeeld vergadert met ambtenaren, ook al is hij de bedenker van de Rwandese chips. ‘Ik draag dan geen kleding met Winnaz-logo.’

Hij krijgt er wat voor terug. In zijn kantoorruimte staat een ingelijste foto uit 2018, toen Boer in het zonnetje werd gezet om zijn keurige belastingafdracht. En staatsvliegmaatschappij Rwandair serveert hoog in de lucht zijn chips. Boer: ‘Dat levert klanten op.’

Een probleem is wel weer de hoogopgelopen spanning tussen Rwanda en Oeganda. De leiders aan weerszijden van de grens beschuldigen elkaar van inmenging. Rwanda heeft uit protest importen uit Oeganda aan banden gelegd. Boer haalde uit Oeganda bijvoorbeeld zijn bakolie, ‘die komt nu helemaal uit Egypte’.

Boer is, bij alle ups en downs, ‘trots’ op zijn onderneming. Zijn doel blijft chips aan de man brengen - of aan de vrouw. Twee Nederlandse kennissen brengen een bliksembezoek aan zijn fabriek, de vrouwen zijn met de auto op doorreis. Wanneer ze weggaan roept Boer: ‘Wil je nog een zakje chips?’

Oprichting: 2015

Plaats: Musanze

Omzet: 225.000 euro

Werknemers: 56

Beeld Winnaz
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden