Willekeur troef in duurzaam beleggen

Het gaat fantastisch met het Orange SeNSe Fund. Het beleggingsfonds (van de bank Kempen & Co en de bank-verzekeraar SNS) pronkt al jaren achtereen met de titel van het best renderende duurzame fonds van Europa....

Zo niet voor Orange SeNSe. Dat sluit ‘gedwongen arbeid’ uit – slavernij dus – maar dat is meteen het enige criterium dat zo zwaar wordt opgevat. Voor de rest van de criteria geldt het adagium ‘onder voorwaarden’. Beleggen in dictatoriale regimes, in kernenergie, in bont, in kinderarbeid: het is allemaal niet bij voorbaat uitgesloten. SNS en Kempen verkopen dit fonds niettemin als een duurzaam fonds. ‘Beleggen zonder de duurzaamheidsprincipes uit het oog te verliezen’, staat er in reclamemateriaal. En: ‘Orange SeNSe kreeg als enige duurzame fonds een waardering van vijf sterren van Morningstar.’ Dat is het onderzoeksbureau dat beleggingsfondsen beoordeelt.

SNS heeft nog een tweede ‘duurzaam’ fonds dat bijna net zo soepel is: het SNS Duurzaam Aandelen Fonds – net als Orange enkele tientallen miljoenen euro groot – heeft naast gedwongen arbeid ook ‘dictatoriale regimes’ als uitsluitende categorie aangestreept. Maar daarbij blijft het.

Aan de andere kant van dit universum bevinden zich de aandelenfondsen van ASN Bank en Triodos, door beleggers gevuld met honderden miljoenen euro’s. De Triodos Meerwaarde Beleggingsfondsen zijn het strengste, met negentien uitsluitingen. Het verschil met de ASN Beleggingsfondsen is minimaal. Zo is bijvoorbeeld werken met milieugevaarlijke stoffen voor ASN geen reden een bedrijf bij voorbaat te mijden. Voor Triodos wel. ASN-directeur Jeroen Jansen daarover: ‘Dat criterium is ons te vaag. Vele stoffen kunnen gevaarlijk zijn, als ze in grote hoeveelheden in het milieu worden gebracht. Waar leg je de grens?’

Van dergelijke discussies zijn er talloze te voeren, waarbij partijen soms verrassende standpunten innemen. Wel of niet investeren in gentechnologie? ‘Wel als dat medische doeleinden dient en in een gesloten omgeving plaatsvindt, niet voor cosmetische producten of bijvoorbeeld de voedselindustrie’, vindt Jansen van het strenge ASN. Maar het verder soepele Robeco Duurzaam Aandelen Fonds sluit gentechnologie helemaal uit.

Dierproeven? Geen enkel fonds sluit bedrijven uit die daarvan gebruikmaken. ‘Dan moet je de hele farmaceutische sector verbannen, want die zijn wettelijk verplicht medicijnen te testen op dieren’, aldus een woordvoerder van Dexia Asset Management, naar eigen zeggen de grootste duurzame belegger van continentaal Europa.

Tussen de rekkelijken en de preciezen bevindt zich een grote middengroep, met soms aparte kenmerken. Per se tegen beleggingen in alcoholproducenten? U kunt zich vervoegen bij de duurzame fondsen van Aegon en Theodoor Gilissen. U wilt uw geld niet steken in kernenergie? Naast ASN en Triodos zijn dan de fondsen van Postbank en ING geschikt.

Wat is duurzaam? ‘Iedereen haalt uit het begrip wat hem van pas komt’, zegt Gemma Crijns, coördinator van MVO Platform, een netwerk van maatschappelijke organisaties die zich bezighouden met Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. ‘Dat doen bedrijven, dat doet de overheid, en dat doet de financiële wereld ook.’ Het gevolg is een gebrek aan eenheid en dat is schadelijk, vindt Crijns. ‘Het tast het effect van duurzaam beleggen aan. Dat is nu maar betrekkelijk: zolang niet alle banken en alle beleggers op duurzame basis opereren, zijn er volop mogelijkheden niet-duurzame activiteiten gefinancierd te krijgen.’ Duurzame beleggingen hebben een marktaandeel van slechts 2,8 procent.

Bovendien, zegt Crijns, kost duurzaamheid geld. ‘Het is echt onzin dat duurzaamheid loont, financieel gezien. Dat is een verkooppraatje. Duurzaam ondernemen moet niet omdat het geld oplevert, het moet om mens en milieu te sparen. Maar de financiële wereld draait om geld, dat verandert echt niet.’

Sommige onderzoeken spreken van beter dan gemiddelde rendementen voor duurzame fondsen, andere komen tot tegengestelde conclusies. Onlangs vergeleek een onderzoeksinstituut van de universiteiten van Maastricht en Rotterdam internationale rendementen. Conclusie: duurzame fondsen boeken ‘concurrerende’ rendementen ten opzichte van reguliere beleggingsfondsen. Alleen Duitse fondsen scoren slechter.

De verschillen tussen landen en fondsen zijn zeer groot en dat blijkt ook uit de Nederlandse voorbeelden. Opvallend is dat het Orange SeNSe Fund de afgelopen drie jaar verreweg de beste rendementen heeft geboekt ten opzichte van zijn duurzame concurrenten: 35,6 procent, tegen een gemiddelde van ongeveer 10 procent voor ASN en Triodos. Het ‘soepele’ SNS Duurzaam scoorde in die periode 14,3 procent.

Een en ander suggereert dat duurzaamheid nog steeds wordt betaald met rendement. Dat maakt beslissen er niet eenvoudiger op voor de duurzame belegger. Die moet zijn weg vinden in een doolhof van meer dan dertig ‘duurzame’ fondsen en zijn inhoudelijke voorkeuren afwegen tegen financiële belangen.

Daarbij wordt hij niet geholpen door het ontbreken van inzichtelijkheid, waarvan Crijns ook zegt dat die het effect van duurzaam beleggen ondergraaft. ‘Duurzaamheid is gediend met druk van de markt, maar daarvan is nu nauwelijks sprake’, aldus Crijns.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden