Wie trekt aan het langste eind?

Wie naar een ander bedrijf vertrekt, kan te maken krijgen met een concurrentiebeding. Dat moet voorkomen dat de oude werkgever schade lijdt door die overstap. Toch geeft de rechter de voormalige baas niet vaak gelijk, blijkt in de praktijk.

null Beeld Claudie de Cleen
Beeld Claudie de Cleen

Wie net een arbeidscontract bij een nieuwe werkgever in de wacht heeft gesleept, begint tijdens het aanstellingsgesprek liever niet over de exitvoorwaarden. Toch is het verstandig daarover goede afspraken te maken voordat het contract wordt getekend. Dat is in het belang van zowel werkgever als werknemer.

Een beperkende voorwaarde in arbeidscontracten die nogal eens tot conflicten leidt, is het concurrentiebeding. Daarin legt de werkgever vast dat de werknemer na vertrek niet bij een directe concurrent aan de slag mag gaan. Die concurrent zou immers zijn voordeel kunnen doen met de 'insiders'-informatie die de werknemer heeft opgedaan bij zijn vorige werkgever.

Naast het concurrentiebeding kunnen werkgevers werknemers nog twee exitbeperkingen opleggen. Dat zijn het geheimhoudingsbeding: geen vertrouwelijke bedrijfsinformatie doorspelen naar derden, en het relatiebeding: geen klanten meenemen naar een ander bedrijf, ook niet naar dat van jezelf.

In ongeveer de helft van de arbeidscontracten staat dat direct overstappen naar de concurrent een jaar, of een bepaalde tijd langer, niet mag. Dit wordt vaak afgesproken bij verkoopmedewerkers die veel contact met klanten hebben. Maar ook een kapper heeft zo'n beperking soms in zijn contract staan, om te voorkomen dat hij voor zichzelf begint met de cliëntèle van zijn oude baas.

Voor werkgevers is het vaak een automatisme een dergelijke passage in een contract op te nemen, maar bedrijven zouden daarover beter moeten nadenken, zegt Pascal Besselink, jurist arbeidsrecht bij juridisch dienstverlener DAS. 'Zelfs bij schoonmakers kom je soms tegen dat ze niet naar een concurrent mogen overstappen. Dan vraag je je toch echt af welke bedrijfsgevoelige informatie zij zouden meenemen. Bovendien: een bedrijf moet bij de rechter duidelijk kunnen maken welk zwaarwegend belang het bij zo'n forse beperking heeft.'

Over de rechtmatigheid van zulke 'vertrekvoorwaarden' zijn tientallen rechtszaken gevoerd. Vooral bij werknemers met een tijdelijk contract houdt het concurrentiebeding vaak niet stand bij de rechter, zo maken onderstaande vonnissen duidelijk.

Geen automatisme

Een medewerker van een sportschool krijgt twee keer een halfjaarcontract. Daarin staat een concurrentiebeding voor drie jaar, dat hem verbiedt bij een concurrent te werken die binnen een straal van 20 kilometer van de sportschool is gevestigd. Zijn contract wordt na een jaar stilzwijgend omgezet in een contract voor twee jaar. Voordat dit contract afloopt, stapt de sportschoolmedewerker over naar een fitnessbedrijf op twee kilometer afstand van zijn oude werkplek. De rechter stelt de werknemer toch in het gelijk, omdat hij vindt dat de sportschool het concurrentiebeding niet stilzwijgend tegelijk met het arbeidscontract had mogen vernieuwen. Bovendien, oordeelt de rechter, was het beding te ruim geformuleerd en te veel in het nadeel van de werknemer.

Studiekosten

Een consultant van een detacheerder in het bank- en verzekeringswezen kan na een halfjaarcontract nog een jaar langer blijven. Als hij tussentijds overstapt naar een collega-detacheerder waar hij meer kan verdienen, beroept zijn oude baas zich op het concurrentiebeding. Hij investeerde in de opleiding van deze medewerker en daarvan profiteert nu een concurrent. De rechter vindt de kosten nogal meevallen (nog geen 400 euro) en stelt bovendien dat de werkgever voor dit soort kosten afspraken had kunnen maken die een werknemer niet belemmeren bij zijn zoektocht naar een andere baan: het studiekostenbeding. Daarin legt een bedrijf vast dat iemand (een deel van) zijn studie terugbetaalt als hij binnen een bepaalde tijd vertrekt.

Vers van school

Een intercedente van een uitzendbureau, met drie keer een halfjaarcontract, meldt zich na een conflict ziek, waarna haar contract niet wordt verlengd. In het concurrentiebeding was afgesproken dat ze binnen twee jaar en binnen een straal van 100 kilometer niet bij een ander uitzendbureau zou kunnen beginnen. De rechter vindt de afspraken veel te nadelig voor een net afgestudeerde, betrekkelijk onervaren werknemer die aan het begin van haar carrière staat.

Kort contract, kort beding

Een verkoopmedewerker is overgestapt van de ene pakketbezorger naar de andere, maar wil na vijf maanden terug naar zijn oude werkgever. Hij heeft een tijdelijk contract voor een half jaar. Als hij dit meldt, kan hij meteen vertrekken, moet zijn laptop en smartphone inleveren en wordt hij gehouden aan zijn concurrentiebeding. De rechter vindt dat hier ook wel op zijn plaats, omdat de medewerker toegang had tot klanten en over informatie over tarieven beschikte. Maar gezien de korte tijd dat de medewerker bij het bedrijf heeft gewerkt, vindt de rechter een overstapverbod van twee maanden lang genoeg.

Wel beperking specialist

Een zwembadmonteur (contract voor twee keer zes maanden en nog een keer elf maanden) heeft een concurrentiebeding waarin is vastgelegd dat als hij vertrekt hij twee jaar lang en binnen een straal van 30 kilometer niet in dienst mag treden bij een concurrent. Zijn oude werkgever krijgt bij hoge uitzondering gelijk van de rechter. De monteur had bijna twee jaar de kans gekregen zich te specialiseren, was goed ingevoerd in het bedrijf en beschikte daardoor over concurrentiegevoelige informatie. Bovendien had het bedrijf de monteur een vaste baan beloofd. De rechter laat zwaar meewegen dat de monteur ook andere mogelijkheden heeft om aan het werk te komen. Voordat hij zich op de zwembaden stortte, werkte hij als monteur van garagedeuren en zonwering. Daarbij vindt de rechter de beperking van 30 kilometer niet al te ingrijpend.

Tijdelijk dienstverband

Vooral bij werknemers met een tijdelijk contract gaat de rechter vaak niet mee in de claim van de oude werkgever.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden