We zijn een collectief dat elkaar helpt als we dat nodig hebben

Frank Kalshoven
null Beeld de Volkskrant
Beeld de Volkskrant

Een eenoudergezin met twee kinderen in de bijstand heeft 49 duizend euro profijt van de overheid, constateert het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP). Vorige week hebben we gezien hoe dat tot stand komt. Het primaire inkomen van dit gezin (uit arbeid of kapitaal) is nul. Het secundair inkomen is positief (omdat de bijstandsuitkering wordt verstrekt). En het tertiaire inkomen is dus bijna een halve ton omdat naast dit inkomen ook het profijt wordt meegeteld van de kinderbijslag, het kindgebonden budget, het onderwijs en de jeugdzorg.

Hoe moeten we dit feit waarderen?

Eerst de context. De herverdeling van inkomen en van de kosten van voorzieningen is in Nederland geen toeval - het is de bedoeling. En als we kijken naar de verdeling van het profijt over de verschillende inkomensgroepen heeft die ook de vorm die je zou wensen. Verdeel alle huishoudens in Nederland in tien groepen van gelijke grootte, rangschik ze vervolgens naar primair inkomen en kijk.

Dan zie je in het SCP-rapport dat de vier groepen met het laagste primaire inkomen het sterkst profiteren van de herverdeling. De volgende twee groepen, de middeninkomens neigen naar neutraal, terwijl de vier groepen met het hoogste primaire inkomen netto moeten bijlappen. Keurig naar draagkracht.

Voor alle huishoudens in de laagste inkomensgroep geldt dat ze in 2014 per saldo gemiddeld ruim 32 duizend euro netto profijt trokken van de overheid. En de huishoudens in de hoogste groep lapten gemiddeld 64 duizend euro bij. In dit licht bezien, zijn de kosten van het eenouderhuishouden met twee kids in de bijstand goed te plaatsen. Het huishouden zit in de laagste 10-procentsgroep en kost door de kinderen (onderwijs, jeugdzorg) nog wat extra. Dan ben je snel aan een halve ton. Logisch.

Nu deze nuancering is aangebracht en de halve ton netjes in de context staat, mogen we best even stoom afblazen. Zijn we met z'n allen nou helemaal belatafeld! Weet je wel hoelang een modaal huishouden, dat per saldo dus nul profijt heeft van de overheid, voor een halve ton moet werken? Nou, om precies te zijn het hele jaar. Hij voltijds, zij in deeltijd. Samen zo'n vijftig tot zestig uur in de week.

Nu de stoom is afgeblazen kunnen we, in alle rust, vaststellen dat de term 'profijt van de overheid' ofschoon goed bedoeld tegelijkertijd tamelijk verhullend is. Het profijt (in de vorm van inkomen en diensten) komt niet van de overheid, maar van de buurman. De overheid mag de innende en uitdelende instantie zijn, het zijn mensen van vlees en bloed die dat inkomen waarover geïnd wordt eerst moeten verdienen.

De tweede constatering die we moeten doen, is dat de herverdelingsgetallen betrekking hebben op de gebeurtenissen in één jaar. Kijken we over langere perioden, dan middelt de herverdeling rechter uit. Als hij (uit ons middenklassevoorbeeld) werkloos raakt, zakt het huishouden van bijvoorbeeld inkomensgroep 6 naar inkomensgroep 4 en dan trekt het huishouden in dat jaar plots wél profijt van de buurman, pardon, van de overheid.

De student van nu (inkomensgroep 1, hoge onderwijskosten, een hoog profijt) gaat later (hopen we dan maar) netto bijdragen. De AOW-gerechtigde van dit jaar heeft (in veel gevallen) veel profijt van de buurman, maar heeft dan ook in eerdere jaren AOW-premies betaald voor andere buurvrouwen en -mannen.

We zijn, anders gezegd, een collectief dat elkaar helpt op momenten (in het leven) dat we dat nodig hebben.

En toch knaagt er iets. Daarover, tot slot, volgende week.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden