'We horen nog wel van u' De ondergang van een vliegtuigfabriek

Hij werd 'geroepen' door EZ-minister Hans Wijers. Hij deed zijn 'burgerplicht' door te onderhandelen over Fokker. Maar hij slaagde niet....

Tijdens een van de pauzes in de lange onderhandelingssessies met Samsung, in oktober, slenterde Floris Maljers door Hotel Sofitel met delegatielid Yung van Samsung. Gesprek in de wandelgang.

Yung: 'Ik begrijp uw houding niet. Wij beschouwen Fokker als een drenkeling, en wij willen die redden. Maar op het moment dat wij de drenkeling op de wal trekken, richt hij een pistool op ons en eist geld.'

Maljers: 'Ook wij zien Fokker als een drenkeling. En we zien dat u bezig bent om Fokker te redden. Maar waar wij zo bang voor zijn, is dat als u de drenkeling op de kant heeft, u de portemonnee uit zijn broekzak haalt en hem weer in het water terugschopt.'

Dat kon allemaal, zonder dat de sfeer tussen de onderhandelaars er ernstig onder leed. Floris Maljers, oud-Unilever topman en gelouterd onderhandelaar, had het idee dat er met de Aziaten zaken viel te doen. 'Ze liepen niet weg en ze dreigden niet.'

Maljers werd eind 1995 'geroepen' door minister Wijers van Economische Zaken om Fokker uit het moeras te halen. 'Ik zie het als een burgerplicht. Ik heb een calvinistische achtergrond, als je gevraagd wordt voor je land, moet je dat doen. Ik begin met een achterstand tegen het nee zeggen.'

Met Dasa, waarmee Maljers slechts vier keer sprak, liep het mis. 'Ze wilden helemaal niet onderhandelen, ze zeiden telkens 'we willen 2,9 miljard gulden.' Daar bleef het bij.'

Toen begon de lijdensweg pas goed. Er werd surséance van betaling aangevraagd voor Fokker, en de curatoren namen het bewind over. 'Er moest iets gebeuren', zegt Maljers. Het werd Bombardier. De Canadezen, ook eigenaar van Fokkers toeleverancier Shorts in Ierland, deden een uiterst gedegen boekenonderzoek. Ze kwamen de resultaten presenteren.

In een zaaltje op het ministerie van Economische Zaken voor een gehoor met Maljers, Wijers, ambtenaren en Fokker-managers werd Fokker genadeloos uiteengereten. 'Het was een vernietigend rapport voor Fokker', zegt Maljers. 'Ze vergeleken Fokker op een aantal belangrijke punten met andere vliegtuigbouwers en het resultaat was weinig complimenteus. Er viel een verblufte stilte. We stelden nog wat vragen en zeiden tegen ze: ''We horen nog wel van u.'' Maar ze zeiden niets terug en we gingen uit elkaar.' Bombardier heeft nooit een bod uitgebracht.

Minister Wijers verkondigde vervolgens dat 'de Canadezen een maatje te klein waren voor Fokker'. Maljers: 'Natuurlijk, Wijers kon moeilijk zeggen dat Bombardier Fokker niet zag zitten. Als je een tweedehands auto te verkopen hebt, zeg je niet: volgens meneer X moet je maar eens onder de motorkap kijken, dan zie je wel waarom hij hem niet koopt. Je zegt: X koopt hem niet want hij heeft geen geld.'

Het vergelijkend onderzoek van Bombardier was een schok voor de Nederlanders. 'We wisten niet dat Fokker er zo slecht voorstond. Natuurlijk, Nederkoorn (oud-president van Fokker) had ook al zo'n onderzoek gedaan. Daarin had hij Fokker vergeleken met Dasa. Dat is zoiets als wanneer uw kind thuiskomt met een drie op het rapport, en vervolgens zegt: ''Maar er waren twee andere jongetjes met nog slechtere cijfers.'' '

Het leek een rustige periode te worden voor Maljers. Af en toe belde topambtenaar Van der Harst, directeur-generaal Industrie op het ministerie, om te vertellen wie er nu weer langs waren geweest: het Chinese Avic, Rosen Jacobson, de Russische combinatie Yakovlev/Toepolev, Joep van den Nieuwenhuyzen ('wij noemden hem Joepolev'), later Begemann. 'Dat gaf nooit aanleiding om te reageren. Al die plannenmakers zijn nooit verder gekomen dan de curatoren.' Niemand bleek in staat een werkbaar plan mét geld voor te leggen.

Op twee na. Eerst was er het 'Oranje-scenario': Nederlandse investeerders samen met Stork. Maar de banken haakten af, volgens Maljers om begrijpelijke redenen. Daarna nog de Russen. 'Ik ben er één keer bij geweest. Zij hadden een enorme delegatie, die onder leiding stond van Domdoekov, een minister. Ze hadden een eindeloos en omslachtig verhaal. Het deed me sterk denken aan mijn jonge jaren, toen ik onderhandelde met de Russen over technologische samenwerking.'

Maljers stellingname tegenover de Russen was simpel. De grote vraag was of ze wel geld hadden. 'Ze zeiden zelf dat ze twee maanden lang -later bleek nog langer- geen lonen hadden betaald. Dat wijst niet op een grote liquiditeit. Ze beloofden: we doen een bod. Wij vroegen een bankgarantie. Telkens als we dat vroegen antwoorden ze: volgende week. En altijd hadden ze weer een verklaring waarom het niet doorging. De verkiezingen, de Doema, de gezondheidstoestand van de president. Vorige week nog hebben ze een bankgarantie beloofd.'

In augustus kwamen de Koreanen weer in beeld. Op voorhand was Maljers niet enthousiast, 'want Koreanen zijn lastige partners, dat is bekend. Bij Unilever hebben we een partner gehad waarbij we na heel veel moeilijkheden uit elkaar zijn gegaan.'

Maljers kreeg niet te maken had met de Samsung Groep, maar met Samsung Aerospace. Dat is een onderneming met een eigen beursnotering, grote zelfstandigheid, een zeer matige winstgevendheid en een mager vermogen. De Nederlanders hadden grote moeite de structuur van het conglomeraat te doorgronden. Maljers eiste dat andere Samsung-bedrijven de toezeggingen van Samsung Aerospace zouden dekken. 'Op een gegeven moment ging het om een garantie van aanzienlijk boven de 100 miljoen gulden. Die garantie wilden we van méér hebben dan alleen van Samsung Aerospace.' Dat bleek met veel moeite te regelen.

Weken achtereen werd er onderhandeld. 'Elke dag, vaak ook nog op zaterdag en zondag. Dat was wel zwaar.' Iedere partij mocht vier delegatieleden aan de tafel zetten. De onderhandelingen verliepen volgens een vast patroon. 'De Koreanen begonnen altijd met het voorlezen van een verklaring. Als we die dan hadden aangehoord, vroegen we een schorsing aan, en gingen bespreken wat ze ermee bedoeld zouden hebben. Daarna gingen we erover praten.' Teksten die eenmaal vaststonden, konden de volgende dag wel weer veranderd zijn door de Koreaanse delegatie.

De gesprekken duurden altijd lang, deels vanwege het taalprobleem. Bij de delegatie van Samsung voerde er altijd maar één het woord, de voorzitter. 'Als een van de drie anderen iets wilde zeggen, was dat altijd in het Koreaans tegen de delegatieleider. Die zei dat vervolgens weer tegen ons in het Engels. Terwijl ik van die andere delegatieleden merkte dat die soms beter Engels spraken dan de voorzitter.'

De overbrugging van het befaamde verschil in cultuur vergde geen speciale aanpak. Maar met het eten was het even oppassen. Ooit serveerde minister Andriessen de onderhandelaars van Dasa kroketten uit de snackbar.

Maljers vaart uit: 'Er is buiten Nederland geen land in de wereld waar lunchen neerkomt op het eten van een bleke boterham met een plakje kaas, waarbij de vraag is of het belegen of jongbelegen zal zijn. En op het ministerie van Economische Zaken hebben ze geloof ik de gewoonte om al die broodjes voor de hele week al op maandag te smeren. In Frankrijk is de vraag of je er een Bourgogne of een Bordeaux bij drinkt. Je kunt mensen niet afschepen met een boterham, je moet zorgen voor fatsoenlijk eten. Dus zorgde ik altijd dat er rijst was, en warme vis en warm vlees.'

Eind oktober was het concept-akkoord vrijwel rond. De Koreanen faxten in 'Koreaans-Engels': ''We had good face discussions which were almost completed.'' Maljers: 'Ik heb het gevoel dat we eruit gekomen waren als we niet op een heel andere manier in het ongerede waren geraakt.'

Maar op 25 oktober kwam de beruchte fax binnen, waarin de delegatie van Samsung tijdens de onderhandelingen werd opgedragen eerst een alliantie aan te gaan met drie andere Koreaanse concerns: Hyundai, Daewoo en Korean Air. Maljers: 'Tot dat moment stonden deze bedrijven in het ontwerp-contract genoemd als partijen die gebruik zouden maken van de technologie van Fokker. De Koreaanse overheid zou alleen als subsidiegever optreden, zoals ook de Nederlandse staat deed. Maar dat werd plotseling anders. De staat en die bedrijven kregen een heel andere rol.'

Vanaf dat moment had Maljers geen vertrouwen meer in de overlevingskansen van Fokker. En terecht, bleek deze week. Met Fokker is het definitief afgelopen. Maar is het wel definitief? 'God geve het', verzucht hij. Er is niets meer dan 'het miniscule zijpaadje op de weg naar het graf', beaamt hij. Niet dat hij een hekel heeft aan de fabriek, maar het werk voor Fokker ging al het andere werk opzij duwen: 'Je wordt voor andere activiteiten onbetrouwbaar. Er zijn voortdurend redenen om je afspraken te verzetten. Ik doe ook nog wat andere dingen, commissaris bij Philips en KLM bijvoorbeeld. Ik kreeg wel een ongemakkelijk gevoel: ben ik nog wel bezig met wat ik van plan was na m'n pensioen.'

Het valt aan Maljers gezicht af te lezen dat hij het onbegrijpelijk vindt dat de Koreanen niet tot een besluit konden komen. 'Het was te redden geweest. Samsung heeft altijd gesproken over één fabriek met ongeveer duizend mensen. Dat is weinig voor een bedrijf met zoveel technologie. Het was een buitenkansje voor ze.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden