Was- en afwasmiddelenproducent Benckiser om fiscale redenen naar Amsterdam 'Wij zijn zeker geen typisch Duitse onderneming'

Benckiser vraagt binnenkort een beursnotering aan in Amsterdam. Met huishoudelijke producten als Calgonit, Vanish en Lime-A-Way begeeft het bedrijf onderneming zich in het vaarwater van giganten als Unilever en Procter & Gamble....

Van onze verslaggever

SCHIPHOL

De exacte datum staat nog niet vast, maar lang zal de beursintroductie van Benckiser niet meer op zich laten wachten. 'Vóór Sinterklaas en Kerstmis moet het gebeuren, hebben de bankiers ons aangeraden. Anders is in Nederland het geld op', zegt Bart Becht, chief executive officer van Benckiser.

Benckiser, producent van was- en afwasmiddelen, is een merkwaardige onderneming. In feite is Benckiser een oud Duits familiebedrijf, dat tegenwoordig is ondergebracht in een Nederlandse nv en wordt geleid door de Nederlandse ceo Becht. Vanuit het hoofdkantoor op Schiphol - Benckiser was een van de eerste bewoners van het WTC op Schiphol - stuurt hij het bedrijf op Amerikaanse manier aan.

Een mengelmoes van culturen, nationaliteiten en stijlen, zo mag Benckiser zeker worden genoemd. 'We zijn zeker geen typisch Duitse onderneming', beaamt Becht, zelf een exponent van die mengelmoes. Hij studeerde in Delft, haalde zijn MBA in Chicago, werkte in verschillende landen voor het Amerikaanse Procter & Gamble om in 1988 bij Benckiser terecht te komen. Op 1 september werd hij daar benoemd tot directievoorzitter.

In die hoedanigheid staat hij voor de taak Benckiser, een bedrijf met een omzet van ruim 3 miljard en een winst van 165 miljoen gulden 's werelds achtste fabrikant van huishoudelijke producten, naar de beurs te brengen. De bedoeling is dat de aandelen nog voor het einde van het jaar zowel in Amsterdam als in New York verhandelbaar zijn. Het betreft een herplaatsing van stukken. De familie - negen nazaten van de schoonvader van oprichter Johann Adam Benckiser - willen hun bezit deels verzilveren om zodoende hun kapitaal beter gespreid te kunnen beleggen. Bovendien kent de Duitse fiscus een streng regime als het gaat om het belasten van erfenissen.

Volledig cashen doet de familie echter niet, bezweert Becht. 'De familie wil niet uit het bedrijf, laat daar geen misverstand over bestaan. Zij houden een meerderheidsbelang, en blijven via een commissaris ook betrokken bij Benckiser. Ook al is het hoofdkantoor van het bedrijf tegenwoordig gevestigd in de buurt van Amsterdam en niet meer in de buurt van Frankfurt.

De keuze voor Amsterdam heeft te maken met de keuze voor een beursnotering in Amsterdam. Becht: 'Frankfurt viel gelijk af omdat we een Amerikaanse boekhoudmethode hanteren. Dat is nodig, aangezien we ook een notering in New York willen. In Duitsland wordt die methode niet geaccepteerd. En om nou een dubbele boekhouding aan te houden... Bovendien willen we een optieplan voor het personeel opzetten. Dat is gemakkelijker in Londen en Amsterdam.'

Voor beide steden was iets te zeggen. Becht: 'Een goed beursklimaat, een grote luchthaven en de aanwezigheid van hoog opgeleid personeel. Uiteindelijk hebben we vanwege fiscale redenen voor Amsterdam gekozen; Nederland heeft gunstiger belastingverdragen dan Groot-Brittannië.'

Probleem is wel dat het Nederlandse publiek nog nooit van Benckiser heeft gehoord. 'Dat klopt. We zijn als bedrijf altijd erg low profile geweest. Er was ook geen reden om als Benckiser aan de weg te timmeren. De mensen hoefden het bedrijf niet te kennen, als ze de producten maar kennen.'

Nu zal de Nederlander slechts de bekendste producten van Benckiser kennen: het vaatwasmiddel Calgonit en de waterontharder Calgon. Het zijn wat Becht tot de 'premium niches' rekent: nicheproducten met een hoge winstmarge, goed voor zo'n 65 procent van de omzet.

Er zit volgens Becht een behoorlijke groei in dit soort producten. 'In Nederland staan nog niet zoveel vaatwassers, zeker in vergelijking met de VS. Maar het aantal machines neemt snel toe.'

Veel Benckiser-artikelen zijn evenwel niet als zodanig herkenbaar. In Europa is het bedrijf een groot producent van huismerk-wasmiddelen. Wasmiddelen leveren zo'n 25 procent van de omzet op. De andere producten worden niet tot de kern-activiteiten gerekend, en zijn ooit met een acquisitie meegekocht.

In tegenstelling tot Oost-Europa en Zuid-Oost-Azië, waar de vraag groeit, neemt de verkoop van wasmiddelen in Europa niet meer toe. De markt is verzadigd, de concurrentiestrijd is hevig. Bovendien zijn die concurrenten niet de eerste de beste: de markt voor huishoudelijke producten wordt gedomineerd door Unilever, Henkel en Procter & Gamble. Becht zegt niet onder de indruk te zijn van de grootmachten. 'Dat is niets nieuws. Met gewone wasmiddelen concurreren we met de groten. Maar met de andere producten, zoals waterontharders, weer veel minder. Dat zijn nicheproducten met een hoge marge die de groten min of meer laten zitten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden