Waarom Van der Hoeven geen celstraf krijgt

Ze sjoemelden met de boekhouding van miljardenomzetten, tekenden omstreden contracten en verzwegen die vervolgens voor de controlerend accountant. De rechtbank in Amsterdam oordeelde maandag dat drie oud-bestuurders van het supermarktconcern Ahold ‘wettelijk en overtuigend’ strafbaar hebben gehandeld....

Noël van Bemmel en Wil Thijssen

De mannen hebben de reputatie van het Nederlandse bedrijfsleven beschadigd, en het vertrouwen van Ahold-klanten, Ahold-medewerkers, commissarissen en de accountant ‘ernstig geschaad’.

Waarom krijgen Cees van der Hoeven, Michiel Meurs en Jan Andreae dan toch geen gevangenisstraf, terwijl het Openbaar Ministerie die wel heeft geëist?

Op 24 februari 2003 kwam een boekhoudfraude bij Ahold-dochter US Foodservice in de Verenigde Staten aan het licht. Twee Amerikaanse inkopers hebben daar voor 880 miljoen dollar inkoopkortingen geboekt die leveranciers in werkelijkheid nooit hebben gegeven. Het geld bleek niet te bestaan, Ahold kon zijn rentelasten niet meer betalen en ging bijna failliet. De koers kelderde binnen één dag met 63 procent.

Tegelijkertijd werd bekendgemaakt dat drie bestuurders en een commissaris tegenstrijdige contracten hadden getekend waarmee ze de omzetten van buitenlandse partners ten onrechte volledig bij die van Ahold optelden, terwijl Ahold maar voor de helft eigenaar was.

De conclusie was snel getrokken: de oud-bestuurders hadden ‘dus’ voor 880 miljoen gefraudeerd door te sjoemelen met de boekhouding. De maatschappelijke verontwaardiging was groot en oud-topman Van der Hoeven, diens financiële rechterhand Meurs en medebestuurder Andreae werden publiekelijk aan de schandpaal genageld.

Ook het Openbaar Ministerie concludeerde dat de koersval was veroorzaakt door de ‘grote ego’s die de omzet opbliezen, waardoor talloze beleggers tot ver over de landsgrenzen werden benadeeld’.

Die conclusie klopt niet. De veroordeelde Ahold-bestuurders wisten niets van de fraude in Amerika en waren er zeker niet bij betrokken.

Hadden ze die wel veroorzaakt, dan was de eis – celstraffen van zes tot veertien maanden – terecht of misschien zelfs mild, gezien het feit dat Ahold ook in de VS een beursnotering heeft en daar veel strengere straffen gelden.

Maar de gevolgen van wat de veroordeelden wél hebben gedaan – het optellen van buitenlandse omzetten bij die van Ahold – zijn vrijwel nihil. Het heeft geen invloed op de winst, niet op de bonussen van de bestuurders en, zo stellen deskundigen, ook niet op de beurskoers.

Kort gezegd: wat de veroordeelden hebben gedaan – valsheid in geschrifte – is streng verboden, maar heeft niemand financieel benadeeld. De samenloop met de fraude in Amerika was stom toeval.

In immaterieel opzicht is de schade echter groot: de topbestuurders, die een voorbeeldfunctie vervulden, hebben het vertrouwen in het bedrijfsleven ernstig geschaad. Bij de straf hiervoor houdt de rechter echter rekening met het feit dat de mannen maatschappelijk al waren veroordeeld en dat hun carrières daardoor zijn verwoest. Zij waren niet uit op zelfverrijking en geen van hen had, tot gisteren, een strafblad.

Die verzachtende omstandigheden meegerekend, constateert de rechtbank dat de mannen alleen de cel in moeten als zij binnen twee jaar dezelfde fout maken. Die kans is uitgesloten: geen beursgenoteerde onderneming wil nog zaken met ze doen.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden